De Laatste Keizerin van Iran
In een appartement in Parijs rust een hand op de rand van een zilveren lijst, net iets te lang om achteloos te zijn, alsof wat daarin gevangen zit anders opnieuw kan verschuiven, en in dat kleine, trage gebaar ligt een leven besloten dat ooit vooruitkeek en nu vooral terug lijkt te kijken.
Farah Pahlavi was het gezicht van een Iran dat zichzelf opnieuw wilde uitvinden, een land dat zich optilde aan de belofte van moderniteit en internationale erkenning, waarin kunst, cultuur en ambitie als richting werden gezien, totdat de revolutie dat alles abrupt afbrak en haar bestaan opsplitste in een verleden dat niet meer bestaat en een heden dat daar nooit meer van loskomt.
Ballingschap werd geen overgang maar een toestand, een leven tussen Parijs en Amerika waarin herinneringen niet vervagen maar juist scherper worden, omdat er niets nieuws is dat ze werkelijk kan vervangen, en waarin haar naam langzaam veranderde van macht naar iets wat eerder klinkt als een echo.
Maar verlies laat zich niet stilzetten.
Twee van haar kinderen zijn gestorven, een dochter die zichzelf langzaam uit het leven liet verdwijnen en een zoon die de stilte verkoos boven de voortzetting, en wat overblijft is geen afgerond verdriet maar een leegte die zich niet laat vullen, hoe zorgvuldig het leven eromheen ook wordt ingericht.
Dat blijft.
En ondertussen gaat Iran door.
Vrouwen die hun hoofddoek afdoen en worden meegenomen, studenten die verdwijnen na protesten, een land dat zichzelf steeds harder moet vasthouden om niet uit elkaar te vallen, terwijl de belofte van verbetering al jaren klinkt maar steeds minder wordt geloofd.
Daarmee verandert ook de manier van kijken.
Haar naam duikt weer op, niet omdat iemand werkelijk terug wil naar wat was, maar omdat het heden zo weinig houvast biedt dat zelfs een verleden vol breuken opnieuw wordt bekeken, alsof men zich afvraagt of er ergens onderweg iets is verloren dat niet meer is teruggevonden.
Ze is geen oplossing.
Ze is een herinnering.
En misschien nog iets ongemakkelijkers: een mogelijkheid die ooit is afgesloten zonder dat iemand zeker weet of dat definitief had moeten zijn.
Zij zelf spreekt nog steeds, beheerst en zonder grote gebaren, over een Iran dat anders kan zijn, en ergens in die woorden klinkt niet zozeer overtuiging als wel volharding, het vasthouden aan een idee dat nooit helemaal verdwenen is, ook al heeft het geen duidelijke vorm meer.
Misschien is dat wat haar opnieuw zichtbaar maakt.
Niet omdat haar tijd beter was, want dat was die niet, maar omdat het heden zo weinig vertrouwen oproept dat zelfs een onvolmaakt verleden iets krijgt van richting, van samenhang, van iets wat ooit in ieder geval ergens naartoe leek te gaan.
De laatste keizerin leeft nog.
En wij kijken, misschien tegen beter weten in, met haar mee terug.