De overheid mag dieren – waaronder mensen – niet langer in de steek laten

Janneke Hogervorst, PhD 9 nov 2022

In 2020 zijn er in Nederlandse laboratoria bijna 450.000 experimenten uitgevoerd op ratten, honden, apen, konijnen, vissen en andere dieren. En dat aantal neemt al jarenlang niet af.

Onderzoekers boren in hun schedels en plaatsen elektroden in hun hersenen, vergassen ze, dwangvoederen ze met chemicaliën, injecteren ze met gifstoffen, geven ze pijnlijke schokken en dwingen ze om in bekers met water te zwemmen zonder enige mogelijkheid om te ontsnappen. De meesten worden daarna gedood.

Het leed dat de proeven veroorzaken staat vast, maar het nut ervan allesbehalve.

Van de nieuw ontwikkelde medicijnen doorstaat 95 procent de klinische proeven bij mensen niet. Daarom duurt het vaak 10 tot 15 jaar en is er vaak meer dan 2 miljard euro voor nodig om een nieuw medicijn te ontwikkelen. Het is duidelijk dat er een probleem is met het huidige paradigma voor het ontwikkelen en testen van medicijnen, en experimenten op dieren zijn aangewezen als een van de oorzakelijke factoren.

Levens sparen

De noodzaak om nu over te stappen van verspillende, zinloze experimenten op dieren naar mens-relevant, dierproefvrij onderzoek kan niet urgenter zijn. Geavanceerde technologie met computermodellen, menselijk weefsel, organoïden en organen-op-een-chip en epidemiologisch onderzoek, sparen het leven van ontelbare dieren en bieden echt de mogelijkheid om mensen te helpen.

Ooit leek onze regering serieus van koers te willen veranderen. In 2016 deed ze de toezegging dierproeven te gaan uitfaseren en zich tegen 2025 te positioneren als koploper op het gebied van dierproefvrije innovatie. Maar ondertussen is de missieverklaring afgezwakt: Nederland neemt er nu genoegen mee ‘een voorloper’ te zijn, niet ‘de koploper’ en de deadline van 2025 verdween.

Voor het waarmaken van de ambitie is het programma Transitie Proefdiervrije Innovatie (TPI) opgezet. Helaas is dit paradepaardje van de regering niet gericht op het kritisch bekijken van bestaande praktijken of het stellen van specifieke doelen of tijdlijnen. In plaats daarvan handhaaft het de status-quo, doordat het zich hoofdzakelijk richt op het ontwikkelen van dierproefvrije methoden die decennia op zich kunnen laten wachten, en dat terwijl er levens – van mensen en andere dieren – op het spel staan.

Moties voor dierproefvrije innovatie

De overheid heeft een duidelijke opdracht van de bevolking: uit een recente peiling bleek dat 76 procent van de respondenten wil dat ze zorgt dat het aantal dierproeven vanaf nu voortdurend afneemt. In juni werden maar liefst acht moties om de overgang naar dierproefvrije innovatie te versnellen gesteund door Kamerleden uit het hele politieke spectrum. Ze betroffen onder meer het opstellen van een actieplan, het verhogen van de overheidsinvesteringen in dierproefvrije innovatie en het in kaart brengen van de relevantie van dierproeven voor de mens.

Naar verwachting reageert het kabinet voor de kerst op de moties. Het heeft een gouden kans om op een zinvolle manier te reageren op de oproep van de politiek en de bevolking door een nieuw nationaal actieplan met doelstellingen en tijdpaden te ontwikkelen om een echte wereldleider te worden in dierproefvrije innovatie. Nederland: laat mensen en andere dieren niet langer in de steek!

Dr. Janneke Hogervorst is wetenschapsadviseur Nederland bij PETA.

Het beste van Metro in je inbox 🌐

Meld je aan voor onze nieuwsbrief en ontvang tot drie keer per week een selectie van onze mooiste verhalen.