Scheuren in de muur

Geoffury 30 jun 2017

‘Zo,’ zeg ik. ‘Je voelt je kut. Ongelukkig, en shit, en depressief.’

Hij bevestigt dit en besteedt de rest van de tijd, van het gesprek, aan zeuren en klagen.
Waar het op neerkomt: het leven verloopt niet zoals hij wil. In elk opzicht.
Mijn default setting, als respons daarop: Shit happens. Get over it.
Normaal dan, maar nu weet ik dat dat niet helpt. Bij meeste mensen helpt het om te praten. Want ze willen hun hart luchten, of hun problemen indentificeren.
Maar bij dit soort mensen helpt dat niet.
Waarom?
Ze weten al precies wat er scheelt, en dan zijn er die, die precies weten wat de oplossingen zijn. Ga vroeg naar bed, en sta vroeg op. Sport regelmatig, en eet gezond. Behoud vormen van algemene discipline.
Maar dit zijn mensen die alle antwoorden weten maar toch niets ermee doen. Iedereen kent wel zo iemand. Niet het geval? Mooi. Er is namelijk niets ergers dan praten tegen een muur. Behalve dit.
Je hebt goede bedoelingen. Oké. Je wil helpen. Maar niets helpt, omdat die persoon al weet wat je gaat zeggen, en sterker nog, die persoon heeft geen zin. Te luisteren, of te doen. Desondanks dat ze precies weten wat ze moeten doen, om beter te worden.
Ik heb veel over dit gelezen, en het komt vaak neer op dat men positiever in het leven moeten komen te staan. Je gedachten veranderen. Geestestoestand verhelderen. Verander je je instelling, dan kan je je leven veranderen.

Ik geef niet op.‘Ik weet dat je van instant lifehack bullshits houdt. Ik heb er één.’

Stilte.

‘Doe je ogen dicht. En wens iemand die je kent een goed leven toe. Je hersenen zijn sociaal ingesteld. Dit levert automatische good-vibe stofjes op. Oftwel: je voelt je beter.’

‘Waarom zou ik iemand anders goeds wensen terwijl ik me kut voel?’

Wat? Dat zou mijn reactie kunnen zijn, maar is het niet. Want ik snap het maar al té goed, want ik ben zovaak jaloers op iemand.

Oké. Poging nummer twee. ‘Mensen willen zich trots voelen; een gevoel hebben dat je iets bereikt hebt. Waar ben je trots op, in je leven?’

Stilte.

‘Wat?’
Hij zegt niets.
‘Er moet iets zijn waar je trots op bent in je leven. Moet.’
Hij zegt niets.

Die stilte van toen liet me beseffen dat je nooit gelukkig kan zijn, of geluk kan wensen aan een ander, als je niet een vorm van trots hebt. Over iets, wat dan ook. Je moet tevreden zijn met dingen in je leven, anders ga je altijd shit blijven najagen die er niet toe doen.

Hij grimaast. ‘Mijn kamertje. Helemaal van mij, daar ben ik trots op.’

Scheuren in de muur.