Ebru Umar
Ebru Umar Nieuws 13 okt 2015 / 12:02 uur

Asscher: 80 procent van Syriërs wil terug

Rutte, Samsom, Asscher – iedereen die een microfoon onder zijn neus kreeg sprak de nieuwste buzzwoorden geroutineerd uit. “De opvang van vluchtelingen moet sober en rechtvaardig.” Maar vice-premier Lodewijk Asscher bezweert dat het geen opzet is: “We waren gisterochtend heel intensief met elkaar bezig om problemen rondom de komst en opvang van vluchtelingen op te lossen. De conclusie was dat het sober en rechtvaardig moet. Dus als je ons ernaar vraagt, krijg je dat antwoord.”

Economische vluchtelingen

De propaganda rondom vluchtelingen laat niemand onberoerd. Ondanks dat de oorlog in Syrië al jaren aan de gang is, lijkt de stroom ‘vluchtelingen’ die nu ook Nederland weet te bereiken, alleen maar toe te nemen. Dat ze niet allemaal oorlogsvluchtelingen zijn, maar dat er volksstammen economische vluchtelingen tussen zitten, lijkt ook tot Haagse politici te zijn doorgedrongen. Asscher komt er inmiddels eerlijk voor uit: “Ik durf niet te zeggen hoeveel procent uit oorlogsgebied komt, maar dat de mensen uit Syrië echte vluchtelingen zijn, lijkt me evident. We moeten zo snel mogelijk een onderscheid maken tussen mensen die hier mogen blijven en economische vluchtelingen die terug moeten. Hoeveel procent dat is? Ik kan geen schatting geven, getallen bieden bovendien een schijnzekerheid.”

Maandag zat de vice-premier in een overleg met werkgevers- en werknemersorganisaties, het COA, de gemeenten en het IND. Zijn uitspraak dat vluchtelingen zo snel mogelijk aan het werk moeten, leidde tot beroering op Twitter en ver daarbuiten. De tendens onder een groot deel van de bevolking: eerst krijgen vluchtelingen voorrang op woningen, en nu op banen? En die 600.000 Nederlandse werklozen, moeten die dan niet aan het werk? Asscher: “Ik heb die partijen bij elkaar gehaald om te voorkomen dat we pas gaan nadenken over wat we met vluchtelingen gaan doen, als hun status duidelijk is. Het gaat erom dat we zo snel mogelijk de screening doen van wie wel en geen vluchteling is, welke opleiding ze hebben, wat hun diploma’s waard zijn en of ze iets kunnen waar we gebrek aan hebben. Als we dat traject pas ingaan nadat duidelijk is geworden of mensen mogen blijven, lopen we achter de feiten aan. Zodra we weten of mensen mogen blijven, is het taak dat ze de taal leren, integreren en werken.” En wat heeft het overleg opgeleverd?

“Ze hebben hun commitment afgegeven, ze gaan kijken hoe ze de screenings van vluchtelingen kunnen organiseren, hoe we ze opnemen in de samenleving en ze zo snel mogelijk bekend maken met onze normen en waarden, gelijkheid van man en vrouw en democratie. Het is een belangrijke stap, als mensen in de gemeente wonen, hun kinderen naar school gaan is het belangrijk dat ze weten hoe de Nederlandse samenleving in elkaar zit en dat ze werken. Mensen zijn trots op hun werk, het is goed voor hun eigenwaarde en goed voor kinderen te zien dat hun ouders werken. Tegen de tijd dat ze weer teruggaan naar Syrië hebben ze een bijdrage geleverd aan Nederland; dat willen ze ook.”

Teruggaan

Asscher laat het woord ‘teruggaan’ vallen. En hoewel hij niets kan of wil zeggen over het aantal échte vluchtelingen of het maximale aantal vluchtelingen dat we als Nederland kunnen opnemen, weet hij wel dat “80 procent van Syriërs” terug wil. Zoiets moet je niet tegen een migrantendochter zeggen: 80 procent van de Turken wilde 40 jaar geleden ook terug. Daar is redelijk weinig van terecht gekomen. “We worden streng in ons beleid,” zegt Asscher. “Degenen die niet uit oorlogsgebied komen, moeten meteen terug. Degenen die hier mogen blijven, krijgen een vergunning voor vijf jaar. Als het tegen die tijd veilig is, moeten ze terug. Dat is duidelijk. Maar als het langer gaat duren omdat het er nog steeds hommels is, kunnen ze niet terug. En als ze hier hun bestaan opgebouwd hebben, is de kans groot dat ze in Nederland blijven en een permanente verblijfsvergunning krijgen.”

Het hoge woord is eruit. Maar wat is er mis mee als die mensen in Nederland blijven, als ze werk hebben en geïntegreerd zijn? Dat we niet weten om welke aantallen het gaat? Asscher: “Hoeveel mensen we opnemen, hangt er vanaf wat er in Europa gebeurt, Nederland zal zijn verantwoordelijkheid nemen. Uiteraard zit er een grens aan maar we hangen er geen getal aan op; er zullen vluchtelingenaantallen aan landen worden toegewezen. Ook moet de aantrekkingskracht van Europa worden teruggedrongen, en moeten er afspraken met Turkije, Griekenland en Italië gemaakt worden. Je kunt het vluchtelingen niet kwalijk nemen dat ze doorlopen naar West Europa, maar ieder land moet zijn verantwoordelijkheid nemen. De kampen rondom Syrië zullen beter georganiseerd moeten worden. Dat is niet van vandaag op morgen gebeurd.” Dat de getallen groot zijn, geeft Asscher toe. Maar hoe groot onze opnamecapaciteit is weigert hij te zeggen. “We moeten met man en macht zorgen dat die boottochtjes naar Kos teruggedrongen worden.”

Veilig

Heel praktisch: er zijn veel mannen alleen gekomen. Als duidelijk is dat ze mogen blijven, mag hun gezin ook overkomen. “De Nederlandse bevolking zit misschien niet op vluchtelingen te wachten, maar Syriërs hebben ook niet om gevraagd om een geschifte dictator of om godsdienstfanaten die ze onthoofd. Het zijn ongewone tijden die vragen om ongewone maatregelen.” En weer geen getallen – de minister volhardt. Vriendelijk, dat dan weer wel.

Maar wat is de definitie van veilig? Is een islamitische dictator veiliger dan de seculiere Bashar al Assad? “Nederland doet mee tegen de coalitie tegen IS en ik kan niet verder speculeren over de definitie van veilig. We moeten eerst zorgen dat de slachtpartijen stoppen en Europa en de VS zullen een oplossing voor Syrië moeten vinden.”

Banen en woningen

Om terug te komen op de banen voor vluchtelingen: er zijn 100.000 vacatures met banen die nu door arbeidsmigranten vervuld worden. Die zouden eventueel door de vluchtelingen kunnen worden ingevuld, zegt de minister. Hij zegt ook dat de Eritreeërs niet hoogopgeleid zijn, en de Syriërs beter zijn opgeleid maar “er zijn geen betrouwbare cijfers, het COA moet dat snel screenen en onderzoeken. Er zitten relatief meer hoogopgeleiden tussen Syriërs.” In Rotterdam heeft hij gesproken met een agent en verpleegster. “Dat is relatief hoogopgeleid maar ik kan niet zeggen of dat representatief was.”

En die woningen: de komende tijd krijgen 10.000 mensen een woning toegewezen. Waarbij sober en rechtvaardig inhoudt dat ook alleenstaanden op wachtlijsten in aanmerking komen voor een containerwoning of een opgeknapt kantoorpand. De woningen die ontwikkeld worden zijn niet geschikt voor gezinnen. Onorthodoxe tijden vragen om onorthodoxe oplossingen aldus de minister. Het wantrouwen van burgers snapt hij: “Ik denk dat heel veel mensen tegenstrijdige gevoelens hebben; je laat mensen niet verrotten maar we moeten wel laten zien dat we lessen uit het verleden geleerd hebben. Dat betekent niet te lang wachten met het leren van de taal, normen en waarden en mensen die mogen blijven moeten snel aan het werk.”

Reageer op artikel:
Asscher: 80 procent van Syriërs wil terug
Sluiten