Maud
Maud Nachtboek van Maud 3 jun 2019 / 18:00 uur

#97 Alsof ik drie xtc-pillen op heb, zo hard tril ik

Maud voelt zich vreselijk rot na het vreemdgaan van Jelle. De afgelopen weken was ze constant verdrietig en vertelde ze al haar sores en en gedoe aan Rochella, die een rots in de branding bleek te zijn. Uiteindelijk brengt die haar ook op het idee om Zwart Jasje te appen om eens ‘goed te praten’. Waarom ook niet? Wellicht geeft het Maud een beter gevoel. Hij appt al snel terug en ze spreken af om bij te kletsen bij De Pilsvogel, een Amsterdam’s café/restaurant. Maar als Maud daar aankomt en Zwart Jasje naar haar toe komt lopen krijgt ze een telefoontje van Rochella. En aan de telefoon hoort ze enkel geschreeuw van haar vriendin. „Nee, kappen nou! Doe normaal!”  

Ik loop weg van De Pilsvogel, naar een rustiger plekje zodat ik beter kan horen wat er aan de andere kant van de lijn gebeurt. Maar er gebeurt vrij weinig, want als ik wegloop wordt vrij snel de verbinding verbroken. „Fuck!!” roep ik keihard. De mensen op het terras kijken om, maar het kan me niks schelen. Direct probeer ik Rochella terug te bellen. Haar telefoon gaat over, maar ze neemt niet op. Ondertussen is Zwart Jasje naast me komen staan. „Er is iets niet goed he?” vraagt hij. Ik kan niet eens iets zeggen. Mijn ogen vullen zich met tranen en ik knik.

Ik druk nog een keer op bellen, maar ik krijg Rochella maar niet te pakken. Zwart Jasje ziet de paniek in mijn ogen. „Luister Maud, ik denk niet dat je nu zin hebt om een biertje met mij te doen. Kan ik je ergens mee helpen? Is er iets met je vriendin?"

Kort leg ik de situatie uit terwijl ik tevergeefs nog een stuk of vijf keer probeer te bellen. „Heb je niet dat ‘zoek mijn vrienden’ geïnstalleerd?" vraagt hij me. Ja had ik maar dat zoek mijn vrienden geïnstalleerd, dat had ik eigenlijk al lang moeten doen na al die akkefietjes maar Levi, bedenk ik mezelf. Ik schud mijn hoofd en druk nóg een keer op bellen.

„Levi! Ik weet zeker dat die klootzak er iets mee te maken heeft. Verdomme!" schreeuw ik gefrustreerd terwijl ik mijn telefoon in mijn tas smijt. „Oh en sorry", zeg ik daarna iets zachter. „Je zal wel denken: die meid heeft meer drama dan een gemiddelde acteur in GTST! Sorry, ik had echt zin om iets met je te doen. Ook al weet ik je naam niet eens.”

“Tommy. Ik heet Tommy en hou nou eens op met dat stomme sorry sorry sorry", zegt Zwart Jasje (Tommy dus) met een glimlach. „Dat biertje blijft wel wachten hoor.” Ondanks alle paniek voel ik een soort van rust over me heen glijden. Het is heel gek, maar Zwart Jasje, aka Tommy lijkt me zo goed aan te voelen, ik hoef niet eens uitleg te geven.

„Maar lieve Maud, wanneer heb je Rochella voor het laatst gesproken en waar was ze toen?" vraagt Tommy plots in zijn rol als superheld. „Rochella was een uur geleden nog bij mijn thuis, ze hielp me met een outfit. Ik had haast, dus ben de deur uitgerend. Ze zou nog even bij mij thuis blijven hangen en dan zou ze de trein naar Heemstede nemen, naar het huis van haar ouders", antwoord ik.

Mijn hersens maken overuren. Het zal toch niet hè?! „We moeten naar mijn huis", roep ik. „Of naja, ík ga naar mijn huis. Jij hoeft natuurlijk helemaal niets! Ga ook lekker naar huis. Ik eh… Ik bel je snel. Sorry! Sorry Tommy.” Ik ren naar mijn fiets. Voor mijn gevoel heb ik geen seconde te verliezen.

„Hey wat denk jij nou? Dat ik rustig op de bank kan gaan zitten", zegt Tommy een tikkeltje gepikeerd. „Wij hadden een date Maud en ja, die verloopt iets anders dan verwacht, maar zo makkelijk kom je niet van me af! Hoppa, waar moeten we heen?!”

Het lijkt me het beste als we richting mijn huis gaan, dus racen we twee seconden later als gekken naar mijn huis. Ik ben nog nooit zo snel door de stad gefietst en Tommy sjeest als een soort Tom Dumoulin achter mij aan. Ergens ben ik wel blij dat hij met me mee gaat, want ik voel dat er iets heel erg mis is.

Als we bij mijn huis aankomen spring ik van mijn fiets. Ik ren naar de deur, maar door de zenuwen lukt het me niet om de sleutel goed in het sleutelgat te krijgen. Ik tril zo hard dat je zou denken dat ik drie xtc-pillen in mijn mik heb gedouwd die alle drie tegelijk inslaan. „Kom hier Maud, ik doe het wel,” zegt Tommy rustig, terwijl hij de sleutels uit mijn handen neemt.

De deur gaat open. Ik ren direct de trap op terwijl ik keihard de naam van Rochella roep. De trap, die ik dagelijks op en af moet, lijkt wel duizend treden hoog. Ik hoor gekreun en dat is geen ‘ik ben lekker seks aan het hebben met mijn zwangere buik maar fock it’-gekreun. Het is gekreun van pijn. En als ik de deur open ruk zie ik waarom.

Daar ligt Rochella op de grond met haar kleren gescheurd met om haar heen druppels bloed….

Iedere maandag om 20.00 uur staat er weer een nieuw dagboek van Maud op Metronieuws.nl. 

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Reageer op artikel:
#97 Alsof ik drie xtc-pillen op heb, zo hard tril ik
Sluiten