Helmut de Hoogh
Helmut de Hoogh Binnenland 19 mrt 2020 / 15:51 uur

Een pleidooi voor kleur in Nederlandse films

Het blauw in De Esch, het rood aan de Binnenrotte en het groen van het Lage Bergse Bos: in Drama Girl vangt filmregisseur Vincent Boy Kars (29) de kleuren van Rotterdam. Tegelijk verwerkt hij het verdriet over de vroegtijdige dood van zijn vader.

„Rotterdam is de eerste plek waar ik me echt thuis voel”, zo trapt filmregisseur Vincent Boy Kars het gesprek af. In 2009, hij is dan 18 jaar, heeft hij zijn vwo-diploma op zak en verhuist hij van het Overijsselse dorp IJsselmuiden naar zijn nieuwe, grootstedelijke thuishaven. „Ik kende Rotterdam vanuit de hiphopcultuur, van videoclips.” Zo’n 10 jaar later vindt hij al fietsend drie Rotterdamse plekken die zijn meest recente film Drama Girl meer kleur geven.

„Rotterdam is nog zo onderbelicht, er zijn zoveel onontdekte plekken die nog nooit in een film voorbij zijn gekomen. Ik hou van kleur en vind het jammer dat die in de Nederlandse film niet echt meer een rol spelen. Ik wilde een film maken met veel primaire kleuren. Het blauw en wit van het voormalige waterfiltergebouw in De Esch vind ik prachtig. Aan de Binnenrotte ontdekte ik een flat met een prachtige rode zijkant. In het knalgroene Bergse Bos zie je een meisje in een knalgeel jurkje huilen bij een rode auto. Misère in een kleurrijke wereld.”

Rollercoaster van emoties

In Drama Girl staat de jonge vrouw Leyla de Muynck centraal. In documentairestijl vraagt de regisseur aan Leyla of ze belangrijke momenten in haar eigen leven wil naspelen. De vraag prikkelt haar evenveel als de kijker. Vervolgens zien we dat voor De Muynck een compleet huis klaarstaat. Of ze naar binnen wil gaan. In de huiskamer maakt ze kennis met topacteurs Pierre Bokma en Elsie de Brauw. Ze zitten klaar om haar ouders te spelen. Wat volgt, is een rollercoaster vol confronterende emoties. De vorm is bijzonder vanwege de speelfilmscènes binnen een documentaire. Fictie en werkelijkheid zijn soms moeilijk te onderscheiden. De regisseur maakt het De Muynck tijdens het filmen bepaald niet makkelijk.

‘Ja’, grinnikt Kars later als hij wordt geïnterviewd. „Ze moet opnieuw afscheid nemen van haar overleden vader, ze wordt gedumpt door haar ex en moet een moeilijke gesprek voeren met haar moeder.”

Kars vindt zijn hoofdrolspeelster via zijn producent Halal. „Zij heeft ons bij elkaar gebracht. Ik wilde namelijk iets doen met een twintiger die net als ik een ouder heeft verloren. Ook mijn vader is overleden en ook mijn relatie ging kort daarna uit. Mijn vader kreeg een melanoom, huidkanker dus. Binnen drie jaar was hij dood. Ik had meteen een klik met Leyla. We hebben bizar veel overeenkomsten in ons levensverhaal.”

Als een bezetene

Dat levensverhaal van Kars vormde hem tot de eigenzinnige filmregisseur van nu. Drama Girl is het voorlopig therapeutisch hoogtepunt. „Toen ik ging afstuderen, was mijn vader er niet meer. Ik ben toen als een bezetene films gaan maken. Juist het feit dat je niet die bevestiging krijgt van je vader die zegt ‘Je hebt het goed gedaan’, zorgt ervoor dat je maar doorgaat. Het heeft mijn ambitie doen groeien. Ik was me ook meer bewust van mijn eigen sterfelijkheid. Hij was 56. Film maken was een manier om te ontsnappen aan het verdriet. Ik stortte me op die films als afleiding. Het was toen nog te heftig om open te staan voor de rouw. Het heeft enkele jaren geduurd voordat ik mijn gevoel daarover kon uiten.”

Christelijk dorp

Als Kars 4 jaar is, verhuist hij van zijn geboorteplaats Utrecht naar het christelijke dorp IJsselmuiden. Zijn vader is huisarts en kan daar een praktijk beginnen. Kars: „Op mijn 18e wilde ik er zo snel mogelijk weg. Toch heb ik een onbezorgde jeugd gehad met veel vrijheid, ruimte en natuur om me heen. Maar die cultuur in dat dorp, daar werd ik kriebelig van. Als ongelovige heb je al snel het gevoel dat je anders bent. Op zondagochtend hoorde ik zeven kerken de klok luiden. Het hele dorp liep uit, terwijl ik op mijn bed bleef liggen. Mijn broertje en ik wilden voetballen op een veldje van de christelijke school. Daar kregen we te horen: ‘Je gelooft niet in God, dus je mag hier niet spelen.’ Omdat we anders waren, ben ik met een vriend mijn eigen wereld gaan creëren. Al op de basisschool maakten we films. Mijn ouderlijk huis had een grote zolder met een verkleedkist. We hebben daar zeker 20 films gemaakt, waarvan sommige wel een uur duurden. Op die zolder keken we ook naar films die ons inspireerden. Als we James Bond hadden gezien, maakten we een misdaadthriller. Toen ik achter de bar werkte van de bioscoop in het vlakbij gelegen Kampen, mochten we daar een van onze films in première laten gaan.”

Ik ben veel te eigenwijs”

Kars gaat, zodra hij de kans krijgt, studeren aan de Rotterdamse Willem de Kooning Academie. Na een jaar komt hij erachter dat kunstacademie St. Joost in Breda meer aan zijn wensen voldoet. Daar studeert hij af op film. „Maar ik ben altijd in Rotterdam blijven wonen. Ik heb het gevoel dat mensen me hier waarderen om wie ik ben, niet om wat ik doe. Rotterdam houdt me met beide benen op de grond. Toen ik hier kwam in 2009, was er weinig te doen. Allerlei clubs waren net gesloten. Ik ben toen zelf dancefeestjes en filmavonden gaan organiseren. Toen het Rotterdam Mediafonds voor film in 2011 werd opgeheven, verdween de filmindustrie naar Amsterdam. Ik ben heel blij dat ik toen niet ben meeverhuisd. Daar zou ik in een hokje zijn geduwd. Ik ben veel te eigenwijs. Ik bepaal liever zelf hoe het moet. Zo’n vijf jaar geleden begon Rotterdam op te bloeien. Ik werd volwassen en het voelt alsof Rotterdam zich samen met mij heeft ontwikkeld.”

Zoetsappige porno

Op de kunstacademie slaagt Kars erin om zijn eigen filmtaal te vinden. „Ik wil graag documentaires maken, maar voor de traditionele vorm heb ik het geduld niet. Ik heb geen zin om achter mensen aan te huppelen. Daarom geef ik mensen van mijn generatie opdrachten. Vervolgens leg ik dat proces vast en probeer het een beetje te sturen. Zo kwam ik in een grijs gebied tussen documentaire en fictie. Mijn eerste film My First Porn Film is daar een goed voorbeeld van. Ik liet twee twintigers een echte pornofilm maken. Daarmee wilde ik laten zien hoe normaal het is voor twintigers om porno te kijken. Zo kom je erachter wat voor bizarre dingen ze bekijken. Zelf wilden ze uiteindelijk een nogal zoetsappige film maken.”

Voor de VPRO maakte Kars daarna de driedelige tv-serie Vieze film, waarin drie jonge filmmakers voor het eerst een pornofilm maken. „Daarna ben ik mijn eerste lange film Independent Boy gaan draaien. Dat was deel 1 van mijn trilogie. Ook in die film haalde ik een generatiegenoot uit zijn comfortzone. Mijn vriend Metin was toen 25 en woonde nog bij zijn moeder achter het Centraal Station in Rotterdam. Hij was niet vooruit te branden. In die film heb ik een maand de regie over zijn leven overgenomen. Ik heb keuzes voor hem gemaakt, omdat hij die zelf niet kon maken. Hij kreeg een appartement, ging sporten en moest na een maand een optreden verzorgen. Na die film is hij compleet veranderd. Hij woont nu samen, heeft een baan, een eigen muzieklabel, hij dj’t, heeft een vriendin en een kind. De film had een therapeutische waarde. Voor hem, maar ook voor mij. We waren een spiegel voor elkaar in die film. In het echte leven heb ik moeite om me te uiten. In die film ben ik eerlijker dan in het dagelijks leven. Ik heb tegen hem gezegd: je bent een loser. We hebben geuit hoe we naar elkaar kijken. In mijn films heb ik meer lef en ga ik dieper dan in het dagelijks leven.”

Zelfreflectie

Zo ging het ook met Drama Girl, het tweede deel van zijn trilogie. „Voor Leyla was het maken van de film niet gemakkelijk en voor mij ook niet. Bij mij kwam het iets later. Tijdens het filmen was ik vooral aan het regisseren en vooruit aan het denken. Tijdens de montage raakte wat Leyla moest doormaken me heel erg. Als zij opnieuw afscheid neemt van haar vader, ga ik zelf terug naar dat moment. Dat bedoel ik met die spiegel. Mijn personages zorgen ervoor dat ik beter naar mezelf kijk. De moeilijke periode die ik heb meegemaakt, heb ik een beter plekje kunnen geven door het in film vast te leggen en het te delen met publiek. Met mijn volgende film sluit ik de trilogie af. Die gaat over volwassen worden. Ik word binnenkort 30 jaar. Dat roept vragen op. Ik weet nog niet precies hoe, maar ik wil een dertiger volgen die voor zichzelf, maar ook voor mij op zoek gaat naar antwoorden.”

Filmspecial Drama Girl, Cinema Islemunda, vrijdag 17 april, aanvang 20.00 uur; informatie en entreebewijzen: islemunda.nl; na afloop is er een live interview met Vincent Boy Kars

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Reageer op artikel:
Een pleidooi voor kleur in Nederlandse films
Sluiten