BARBECUETIME!

Textwrite 4 mei 2016

Nog voor je zelf hebt kunnen bedenken wat je dit weekend eens op het menu zult zetten, heeft weerman Piet vele hoofden al richting barbecue gedirigeerd: ‘barbecueweer een 7!’ (ik heb me al vaker afgevraagd of dat zomaar mag, vleesconsumptie op deze manier promoten; sponsorwerk?)
Zodra de buitentemperatuur stijgt, worden in de supermarkt vleespakketten tegen stuntprijzen aangeboden.
En meteen vliegt het gros van de mensen daar op af. Ze denken niet na over het leven van de dieren die ze straks gaan verorberen. Ze staan er niet bij stil dat de runderen en turbovarkens uit megastallen komen en hoe de uit de kluiten gewassen vleeskuikens zijn opgegroeid. Hoe al deze levende wezens in tjokvolle veewagens vervoerd worden naar de slachterijen… Transporten vol stress, angst en pijn.
Velen willen niet weten dat er ruim twaalf miljoen varkens en 4 miljoen koeien in Nederland leven, levenslang opgesloten in grote stallen, dicht op elkaar gepropt, zonder ooit gras of modder te zien. Het valt ze niet eens op dat deze dieren steeds minder vaak in de wei lopen.

In de slachthuizen ondergaan miljoenen kippen, konijnen, varkens, runderen en paarden hun laatste zware beproeving. De dieren worden (als het goed is) bedwelmd voor de slacht (met uitzondering van rituele slachtingen – daarvan worden jaarlijks ruim een half miljoen schapen en bijna 125 duizend geiten voor het grootste gedeelte onverdoofd geslacht). Vervolgens wordt ze de keel doorgesneden en laat men de lichamen aan slachthaken leegbloeden tot de dood intreedt.
Bij aankomst in het slachthuis worden de dieren uit de transportwagens geladen en ondergebracht in wachtruimtes. Runderen, varkens, schapen, geiten en paarden worden vanuit de vrachtwagens de wachtstallen in gedreven. Op drukke momenten (als iedereen plots wil gaan barbecueën!) staan de wagens aan te schuiven op het slachthuisterrein – in de zomer vaak in de bloedhete zon, waarbij de temperatuur in de laadruimte hoog oploopt. De dieren lijden onder de hitte en raken in ademnood. Wanneer ze ondergebracht zijn in de wachtstallen, ruiken ze de geur van bloed die overal in het slachthuis aanwezig is, en horen ze het angst- en doodsgekrijs van soortgenoten. Hun instinct vertelt ze dat zij zo aan de beurt zijn.

Als de kippen zonder kop deze realiteit nu eens onder ogen zouden zien…
Voor de slachtdieren geen ‘oant moarn’. Die krijgen een schreeuwende sticker op hun kont: Nu voor slechts € 2,–!!