Maud
Maud Nachtboek van Maud 17 jun 2019 / 18:00 uur

#99 Ineens stappen er twee agenten de wachtkamer in

Maud zou op date gaan met Tommy, beter bekend als ZwartJasje. Tijdens haar date krijgt ze een raar telefoontje van Rochella, die schreeuwt aan de telefoon en niet rechtstreeks tegen Maud praat. Maud is totaal in paniek en vertrekt halsoverkop met Tommy naar haar huis, waar Rochella zich waarschijnlijk bevindt. En als ze binnenkomt blijkt haar angst gegrond: Rochella ligt gewond op de grond. Tommy heeft een ambulance gebeld en Rochella ligt in het ziekenhuis. Maud is mee gegaan naar het ziekenhuis, de tijd in de wachtkamer lijkt eindeloos te duren. Totdat de arts ineens de wachtkamer binnen komt lopen met een mededeling voor Maud. „Allereerst over de baby…” begint de arts. En dan gaat met een ruk de deur van de wachtkamer open. „Maud!”

Terwijl de woorden „Allereerst over de baby…” nog door mijn hoofd galmen, vliegt Zoë de deur van de wachtkamer binnen. Ze ziet eruit alsof ze net een marathon heeft gelopen. Haar shirt is bezweet, haar hoofd knalrood en van haar make-up is niets meer over. „Sorry, ik heb als een gek gefietst,” zegt de zus van Rochella direct, alsof ze mijn gedachtes kan lezen. „Wat is er aan de hand? Is alles oké? Hoe is het met de baby?”

De arts staat nog steeds in de deuropening en hij richt zijn blik tot Zoë. „Bent u familie van Rochella? Dan wil ik u graag vragen of u mee wilt komen?” Daarna kijkt hij mij direct aan: „Mevrouw, excuses maar er mag maar een persoon tegelijk mee. Ik wil u verzoeken om nog even te blijven wachten.”

„Ja, eh moet dat echt!?” floep ik eruit. Ik herpak mezelf snel en maak duidelijk dat ik in de wachtkamer zal blijven zitten. Zodra Zoë en de arts de deur achter zich dichtslaan voel ik de tranen opkomen. De Niagara Falls zijn er niets bij, ik blijf maar huilen en weet niet hoe ik mezelf weer moet herpakken. Ik besluit buiten wat frisse lucht te scheppen. Bij de ingang van de deur staat een jongeman te roken. Ik heb ineens heel veel zin in een sigaret en ik vraag er een aan de man naast mij. Ondertussen heb ik allerlei appjes van Jessie. Ze is natuurlijk razend benieuwd hoe mijn date met Zwart Jasje was. Ik bel haar terug en leg haar in een sneltreinvaart uit wat er is gebeurd. Mijn beste vriendin laat het er niets bij zitten en stelt voor om naar het ziekenhuis te komen.

Tien minuten later sta ik weer in de wachtkamer en het baart me zorgen dat ik Zoë nog niet zie. Hoe lang kan zo’n gesprek duren? En waarom mag ik er niet gewoon bij zijn? Vier oren horen toch veel meer dan twee? Wat is dit voor een belachelijke stomme regel? Hoe langer ik er over nadenk hoe bozer de situatie mij maakt. Het is hier trouwens ook bloedheet, waarom is het in het ziekenhuis altijd net zo warm als in een Turks stoombad? Dit is toch niet goed voor je gemoedstoestand. Ondertussen voel ik de tranen weer omhoogkomen. „Die klote Levi” zeg ik hardop tegen mezelf. Hij heeft geen idee wat hij allemaal heeft aangericht. Net op dat moment gaat de deur open. Zoë komt teruglopen en ze ziet er op een of andere manier rustiger uit dan dat ze binnen kwam lopen.

„Maud, rustig kom even zitten. De situatie is niet levensbedreigend!” spreekt Zoë mij toe. „Maar er zijn wel wat complicaties. Rochella heeft waarschijnlijk een gekneusde rib en een hersenschudding. Ze willen haar sowieso nog een paar nachten in het ziekenhuis houden. En dan is er nog iets… De artsen kunnen de hartslag van de baby niet horen. Maar! Dit klinkt erger dan het is. Dit komt vaker voor bij vrouwen die nog niet heel lang zwanger zijn. Soms zelfs tijdens een echo bij de verloskundige. Ze hebben het al een aantal keer geprobeerd, maar het lukt niet. Het zou goed kunnen dat de baby niet helemaal goed ligt en daarnaast is de baby ook nog heel klein.” Ik slaak een diepe zucht. De stenen in mijn maag beginnen langzaam te zakken.

„Zeiden ze verder nog iets? En wat gaan ze nu doen dan? Is Rochella verder oké? Heeft ze niets gebroken of interne bloedingen?” Ik heb zoveel vragen en het irriteert mij dat ik nergens antwoord op krijgt. ,,Maud, als alles goed gaat mogen we over een halfuurtje naar Rochella toe. Ze moeten nu nog een paar kleine onderzoekjes doen.

Zoë vraagt of ik zin heb om even met haar naar buiten te lopen. Ze wil haar ouders bellen en doet dit liever even op een rustig plekje. Ik hoor hoe Zoë haar moeder gerust probeert te stellen. Zo te horen is ze volledig over haar toeren. Opnieuw voel ik de woede voor Levi opkomen. Ik hoop dat ze hem snel oppakken.

Na het belletje lopen we terug naar de wachtkamer. Niet veel later stapt Jessie binnen met twee enorme koffie to-go’s. „Jullie kunnen wel wat energie gebruiken,” zegt ze terwijl ze mij een dikke knuffel geeft. Net op het moment dat ik een slok neem, gaat opnieuw die deur van de wachtkamer open. Er stappen twee grote politieagenten binnen en van de schrik laat ik mijn koffie vallen. „Wij zijn op zoek naar Maud.."

Iedere week op maandag staat er weer een nieuw Nachtboek van Maud online om 20.00 uur. 

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Reageer op artikel:
#99 Ineens stappen er twee agenten de wachtkamer in
Sluiten