Likeability of 6

Camera videoMillennial slaapt pas in de stoel van de psycholoog

75 procent van de jongeren tussen de 18 en 34 jaar denkt erover naar een psycholoog of coach te gaan. Foto: Colourbox

Foto van 'Anne-Fleur Pel'

31 AUG 2017

Bijna twee derde van de millennials heeft weleens op de bank van een psycholoog of coach gelegen. Een burn-out of overspannenheid door de dagelijkse stress die zij ervaren om te presteren, is hiervoor de voornaamste reden. „Bij de psycholoog val ik tenminste in slaap.”

Sociale druk

Nog meer jongeren (75 procent) denken erover om naar een psycholoog te gaan, blijkt uit onderzoek van Metro onder bijna 2000 jongeren tussen de 18 en 34 jaar. Ze leggen de lat voor zichzelf te hoog of de omgeving doet dat voor hen. Ze zijn nooit tevreden met zichzelf, vinden het scheiden van werk en privé lastig en ervaren veel keuze- en prestatiestress in een wereld waarin steeds meer keuzes en prestaties worden verlangd.

Lees verder na deze advertentieAdd Arrow

Wij vroegen jullie de reden van jullie bezoek aan een psycholoog, in de afbeelding jullie antwoorden

En vergeet de sociale druk van social media niet. Pas in de stoel van de psycholoog lijken ze ietwat tot rust te kunnen komen. Deze stoelen worden echter steeds schaarser door de massale instroom van jongeren, zegt Jan Derksen, hoogleraar klinische psychologie en psychotherapie aan de Radboud Universiteit en Vrije Universiteit Brussel. Hij schrikt niet van het hoge aantal millennials dat zich geestelijk niet gezond voelt. „Dat voorspel ik al jaren”, zegt Derksen.

Stressepidemie

„Gekeken naar deze cijfers kun je gerust spreken van een epidemie. We hebben een kwetsbare generatie op aarde gezet. Dat komt door de manier van opvoeden, de samenleving die steeds stressvoller wordt en de verslaving aan social media. Ouders vinden alles wat hun kinderen doen fantastisch en stimuleren hen voortdurend, waardoor je narcistische patronen hebt ontwikkeld. Eenmaal op de werkvloer of in de studiezaal komen ze hun zwakheden tegen en blijkt dat ze niet alles kunnen. Dit geeft stress. We hebben tropische vissen opgevoed die in de Noordzee terecht zijn gekomen. Dat is moeilijk. De stress en druk lopen alleen maar op.”

Waarom gaan ze naar de psycholoog? „Omdat ik altijd de lat te hoog wil leggen voor mezelf en nooit tevreden ben met mezelf”, zegt een Metro-lezer. „Alles om je heen lijkt perfect, waardoor je het gevoel krijgt dat ook jij op alle vlakken in het leven perfect moet zijn. Vooral op deze leeftijd wanneer je keuzes maakt die voor de rest van je leven lijken te gaan gelden, is er geen ruimte om fouten te maken als je iets wil bereiken in de toekomst dat klopt bij het ideaalbeeld dat er wordt geschetst”, zegt een ander.

Neurotische prestatiedrang

Deze jonge generatie heeft een „neurotische drang om te presteren”, zegt Derksen. Daarom lopen ze al op jonge leeftijd tegen burn-outklachten aan. „De prestatiedrang is door opvoeding gestuurd. Ouders jagen hun kinderen over de kling en jongeren onderling op social media ook. Ze zijn continu hun buitenkant aan het versterken, maar hun binnenkant, het verdriet, de angst, hun schreeuw om aandacht, kunnen ze niet kwijt. De millennial geeft van buiten een positief beeld, maar als je aan de binnenkant kijkt, staat daar: Help, ik verzuip. Door hun prestatiedrang lopen ze tegen hun eigen kwetsbaarheden aan en ze hebben nooit geleerd daarmee om te gaan. Iedereen moet alles kunnen en daarbij vallen altijd slachtoffers. Het is een zieke moraal.”

Burn-out

Bijna een kwart van de geënquêteerden heeft momenteel een burn-out of is overspannen. Een ander kwart vreest hier dagelijks voor en 35 procent soms. Een coach of psycholoog bezoeken betekent voor veel van hen ook een momentje van rust. Ze vinden het prettig om even hun hart te kunnen luchten. „Ik vind het fijn om even stilgezet te worden en na te denken over wie ik nou eigenlijk ben.”

Maar de volgende dag gaat de stress op werkvloer gewoon weer door. Ze geven hun stressniveau gemiddeld een 8. Slechts 17 procent durft daarover met zijn baas te praten. Derksen: „De psycholoog kan niets veranderen aan de werkstress. Hij kan enkel de volgelopen stofzuigerzak legen. En de werkgever op zijn beurt is niet verantwoordelijk voor de geestelijke gezondheid van de werknemer. Maar hij kan wel zorgen voor een betere scheiding van werk en privé.”

Altijd bereikbaar

Uit het onderzoek blijkt dat het constant bereikbaar moeten zijn een grote wissel trekt op de millennial. Een derde is het eens met de stelling dat het verboden moet worden voor een werkgever om een werknemer in de vrije tijd te bellen. 47 procent is het daar deels mee eens. „De triple 8 moet weer terug: 8 uur slapen, 8 uur werken en 8 uur vrije tijd. Deze grenzen vervagen, terwijl het juist de hoogste tijd is voor heldere grenzen. Anders blijft het stressvirus doorwerken. ’s Ochtends wordt er als eerste op de telefoon gekeken. Ze kunnen niet zonder. Er breekt paniek uit als de batterij leeg is. Ook kinderen liggen al met de iPad in bed. Dit kenden we 20 jaar geleden niet en daar hebben we momenteel geen adequate aanpak voor.”

Op de vraag of de millennials liever een maand geen seks hebben of een maand geen internet, geeft 58 procent aan zonder seks te kunnen. Ook dit gegeven vindt Derksen zorgwekkend. „Ze gaan liever een menselijke relatie uit de weg en kiezen voor de internetverslaving. Het gaat allemaal puur over het versterken van de buitenkant.”

De GGZ kan de grote instroom van jongeren niet meer aan. Er is volgens Derksen een preventieve aanpak nodig. „Op het gebied van opvoeding, werkdruk, sociale druk. De prestatiemoraal moet normaliseren. Je ziet nu al een stijging van het aantal suïcides. Er is maatschappijbreed-beleid nodig, anders loopt het uit de hand.”

Over Metro's Dossiers

Elk weekend duikt Metro de diepte in! Hoe? Elke zaterdag vind je bij ons verhalen over de meest spraakmakende zaken. We kennen het, doordeweeks moet alles vlug maar gelukkig is er in het weekend tijd om lekker lang te lezen over opzienbarende onderwerpen. Boeiend? Absoluut! Schokkend? Soms. Confronterend? Misschien. Interessant, met een knipoog en vanuit meerdere perspectieven belicht? Altijd!

Onze beste auteurs, vormgevers, filmmakers en fotografen stellen deze bazige dossiers voor je samen. Zo heb jij op maandag gegarandeerd een tof verhaal om te delen met vrienden en collega's. Met Metro’s Dossiers ben je helemaal up to date. Stop met koppensnellen en verwen je hersencellen!

In dit dossier gaat het over stress en burn-outs: hoe komt het toch dat het lijkt alsof onze generatie massaal op de bank bij de psycholoog ligt en bovenal: hoe voorkom je dat je zelf met een burn-out eindigt? We deden een enquête onder ruim 1800 lezers, en vroegen experts en ervaringsdeskundigen naar hun visie op burn-outs. Allemaal met maar een doel: het taboe op burn-outs doorbreken.

Meer uit Dossier Burn-out


lovelike
user_a5b9e4917027de9beb1176e6f6019a730e8a3991_avataruser_e5baafea4ff0758b103fa20c611ddd45a2fb758c_avataruser_20afbd9672dd2a1fff6fe2030416b6d9dad19453_avatar

+1


Views

300+

Lees verder na deze advertentieAdd Arrow

Camera videoDe Voedselbank is veel meer dan een kratje met eten

Monique Oostlander is een van de vele vrijwilligers bij De Voedselbank. Foto: Vincent van Dordrecht

Foto van 'Johan van Boven'

GISTEREN

Talloze grijze kratjes glijden in rap tempo over de lopende band om door vrijwilligers gevuld te worden. Ze staan aan weerszijden om een krop sla, een heel bruinbrood, een zak met witte bolletjes, chocola, wortels, mayonaise, pasta, appelmoes en talloze andere producten in de bak te leggen. Het lijkt alsof het op het ritme van de radioklanken gebeurt.

Binnen een mum van tijd staan er zo’n vijftig gevulde kratten op een pallet. Klaar om vanuit het distributiecentrum van de Voedselbank in Rotterdam vervoerd te worden naar een van de uitdeelpunten in de regio. In Nederland leven maar liefst een miljoen mensen onder de armoedegrens en bij de Voedselbank kunnen ze terecht om in ieder geval geen honger te hoeven lijden.

Voldaan

„Ik vind het mooi om die mensen op deze manier te helpen”, zegt de 50-jarige Monique Oostlander. Ze heeft reuma en via een re-integratietraject is ze bij de Voedselbank terechtgekomen. Daarna is ze blijven plakken. Al zeven jaar staat ze drie keer per week aan de lopende band om pakketten samen te stellen voor armlastigen. „Ik ben blij dat dit bestaat. Zonder de Voedselbank hadden de mensen die er gebruik van maken helemaal niets. Ik ken mensen die voedselpakketten nodig hebben, dus als ik klaar ben met werken ga ik met een heel voldaan gevoel naar huis.”

Oostlander is een van de 11.000 vrijwilligers die bij de 167 voedselbanken in Nederland hun steentje bijdragen aan het draaglijker maken van de armoede. Ook directeur Rob Boswinkel (67) is vrijwilliger. Toen hij op 25-jarige leeftijd zijn eigen bedrijfje in rook op zag gaan, ondervond hij aan den lijve hoe het is om elk dubbeltje te moeten omdraaien. Zo reed hij twaalf kilometer op de fiets naar de bibliotheek omdat hij daar het goedkoopst aan een bakje koffie kon komen.

Rob Boswinkel, directeur van De Voedselbank in Rotterdam. Foto: Vincent van Dordrecht

Boswinkel kreeg zijn carrière later weer op de rit en nadat hij zijn andere succesvolle bedrijf had verkocht, wilde hij iets terug doen voor de maatschappij. „Op tv zie je altijd een paar mensen kratjes inpakken en blije mensen die de pakketten in ontvangst nemen. Daardoor had ook ik het idee dat het er heel kleinschalig aan toegaat bij de Voedselbank. Maar door een advertentie met uitleg over de omvang van de Voedselbank kwam ik erachter dat dat absoluut niet het geval is. Er zit veel meer achter, het is een groot bedrijf. Wij verzorgen niet alleen voor tweeduizend Rotterdamse gezinnen een wekelijks voedselpakket, maar wij zijn het ook distributiecentrum voor 27 andere voedselbanken in de regio. Het gaat om zo’n 60.000 kilo eten per week en daar heb je een heleboel mensen voor nodig.”

Het is dan ook niet altijd eenvoudig om voor elke vacature een vrijwilliger te vinden. Inpakkers zijn er vaak genoeg. Zo staan er mensen aan de lopende band die zelf ook voedselpakketten nodig hebben of hadden, om op die manier hun dank uit te spreken richting de Voedselbank. „Maar een leidinggevende vinden, die een stuk of zes vrijwilligers onder zich heeft, is iets lastiger. Dat is jammer, want we kunnen ze goed gebruiken.”

Rot

Intussen worden aan de lopende band van het distributiecentrum pasteibakjes in de vorm van een kerstboom ingepakt, terwijl de feestdagen toch al enige tijd achter ons liggen. Maar van ‘over de datum’ is geen sprake. Op de verpakking staat 28-09-2018 als uiterste houdbaarheidsdatum. Dergelijke producten worden in de winkel niet meer verkocht, maar de mensen die wekelijks een voedselpakket ophalen zijn er maar al te blij mee. „Er wordt heel goed op de houdbaarheid van producten gelet”, zegt vrijwilliger Oostlander. „Je denkt toch niet dat wij mensen iets voorschotel dat rot is?”

De directeur vult aan: „Het gaat in veel gevallen om voorraden waarbij iets mis is gegaan. Stel dat Albert Heijn enorme hoeveelheden vlees heeft ingeslagen, omdat er barbecueweer is voorspeld, maar het uiteindelijk pijpenstelen regent, dan hebben ze duizenden kilo’s vlees over. Die krijgen wij dan. Dat geldt ook voor Jumbo, Lidl, Plus, noem maar op. Zo voorkomen we voedsel wordt vernietigd. Al krijgen wij slechts 2 procent van het overtollige voedsel in Nederland, dus 98 wordt helaas weggegooid. Gelukkig letten bedrijven daar wel steeds beter op.”

Gezondheid

De Voedselbank is volledig afhankelijk van wat andere partijen aanleveren. Dus is het niet altijd mogelijk om een volledig uitgebalanceerd voedselpakket samen te stellen. De Vrije Universiteit van Amsterdam stelde in een onderzoek zelfs dat mensen die voor een groot deel afhankelijk zijn van de voedselbank hun gezondheid op het spel zetten.

„We zijn afhankelijk van welke producten we binnenkrijgen, daardoor is het lastig om een perfect afgewogen pakket volgens de schijf van vijf samen te stellen”, aldus Boswinkel. „Er zit altijd brood in en pasta of rijst en verse groenten, maar verder hangt het volledig af van wat we van onze leveranciers krijgen. De mensen die via de Voedselbank hun eten krijgen, eten dus vaak ongezonder dan de gemiddelde Nederlander. Maar ze zouden nog véél ongezonder eten als ze geen voedselpakket zouden krijgen. We hebben niet altijd volkorenbrood tot onze beschikking. Maar de mensen krijgen liever witbrood dan helemaal geen brood. Er zitten soms koekjes of snoepjes in onze pakketten, waarom niet? Je wilt niet weten hoeveel kinderen uit arme gezinnen niet naar school willen op hun verjaardag, omdat er geen geld is voor een traktatie.”

Helpen

Inmiddels is even verderop de lopende band leeg. Alle aangeleverde producten zijn verdeeld over de kratten. Tijd voor wat andere klusjes, zoals schoonmaken en brood snijden. Vrijwilliger Monique dolt met de fotograaf en vraagt of ze op posterformaat in de krant verschijnt. Daarna serieus: „Ik hoop uiteindelijk een betaalde baan te vinden, maar ik weet niet of dat mogelijk is. Ik vind het niet erg als ik hier vrijwilligers werk blijf doen. Ik wil hier best nog een paar jaar werken. Wat is er nu mooier dan mensen helpen?”

Daarbij draait niet alleen om de voedselvoorziening. Het doel van de Voedselbank is dat cliënten zichzelf uiteindelijk uit de armoede kunnen onttrekken. Boswinkel: „Als je geen eten hebt is het lastig om ergens anders aan te denken en te werken. Met een volle koelkast is het eenvoudiger om andere zaken op te pakken. Mensen kunnen hier maximaal drie jaar terecht voor voedselpakketten. Vrijwel niemand maakt die periode helemaal vol. Dat betekent dat ze hun leven weer voor een deel op de rit hebben. Een groter succes kunnen wij niet boeken.”

Elke zaterdag vind je bij Metro verhalen over spraakmakende zaken. We kennen het, doordeweeks moet alles vlug, maar gelukkig is er in het weekend tijd om lekker lang te lezen over opzienbarende onderwerpen. Boeiend? Absoluut! Schokkend? Soms. Confronterend? Misschien. Interessant, met een knipoog en vanuit meerdere perspectieven belicht? Altijd!

Ditmaal: Rijk en arm. Hoe is deze kloof ooit ontstaan en hoe gaan we er vandaag de dag mee om?


Views

700+

Hoe is de kloof tussen arm en rijk ooit ontstaan?

Illustratie: Eefje Savelkoul.

Foto van 'Johan van Boven'

GISTEREN

Het bericht komt elk jaar wel een keer voorbij: Kloof tussen rijk en arm gegroeid. Of: Kloof tussen rijk en arm groter dan gedacht. Vervolgens worden we met duizelingwekkende cijfers om de oren geslagen. Vorige maand nog kwam Oxfam Novib met een onderzoek naar buiten waaruit blijkt dat de wereldwijde rijkdom met 10 biljoen dollar is toegenomen tot 281 biljoen dollar. Slechts 1 procent van de wereldbevolking was verantwoordelijk voor maar liefst 82 procent van die groei. Met andere woorden: de rijken worden alsmaar rijker.

Volgens Amerikaanse wetenschappers was daar in de prehistorie ook al sprake van. Zo’n 16.000 jaar geleden begon – na het eind van de laatste ijstijd – de wereldbevolking behoorlijk te groeien. Toen het ongeveer 10.000 jaar geleden weer droger en kouder werd, bedacht men manieren waarop ze gewassen ondanks de weersomstandigheden toch konden laten groeien.

Landbouw

Zo werd niet al het graan gebruikt voor maaltijden, maar werd een deel ervan opgeslagen om later te zaaien. Deze eerste manier van landbouw ontstond op vrijwel hetzelfde moment op verschillende plekken in de wereld. Een groep van achttien wetenschappers uit de Verenigde Staten schreef eind vorig jaar in het gerenommeerde tijdschrift Nature dat de overstap van jagen naar landbouw de ongelijkheid vergrootte.

Bas van Bavel, hoogleraar Economische en Sociale Geschiedenis aan de Universiteit van Utrecht, onderschrijft die uitkomst. Voordat hij daar dieper op ingaat, wil hij de definitie van rijkdom helder schetsen. „Veel mensen denken dat het om een hoog inkomen gaat, maar dat is slechts een tijdelijke stroom die je niet kunt doorgeven op een volgende generatie. Bij rijk en arm gaat het om bezit, om dingen die je wél kunt doorgeven.”

Neanderthalers hadden geen last van verschillen tussen arm en rijk. Foto: ANP

Voor de jagers uit de prehistorie was het heel moeilijk om bezit op te bouwen. Als iemand een beest had gevangen, moest het vlees gelijk worden verdeeld en opgegeten, anders zou het bederven. Mensen hadden dus weinig bezit, waardoor er nauwelijks verschil was tussen arm en rijk.

Toen de jagers steeds vaker op een plek bleven en daar gewassen begonnen te verbouwen, werden grond en grondstoffen de belangrijkste vorm van bezit. De bevolkingsgroei nam toe, dus moesten de mensen zich nog meer op landbouw toeleggen om elke mond te kunnen voeden. Historicus Van Bavel: „Een akker kun je omheinen en zeggen: zo, dit stuk grond is van mij.”

Toeval

Maar waarom had de een groter stuk land dan de ander? Waarom kreeg niet iedereen een kavel met dezelfde afmetingen? Simpelweg omdat het recht van de sterkste gold. Dit stuk vruchtbare grond is van mij, wie doet mij wat?! „Een stamhoofd stond nu eenmaal hoger aangeschreven en had dus ook meer eigendom”, zegt Van Bavel, die zegt dat ook toeval een grote rol speelt in het verschil tussen arm en rijk. „Stel dat er een sprinkhanenplaag was of een keiharde hagelbui; dan hadden sommigen geluk dat hun oogst er beter van af kwam dan dat van iemand anders uit het dorp. Daardoor werden anderen afhankelijker van de mensen die nog wel genoeg voedsel konden verbouwen. Op die manier konden ze andere bezittingen vragen voor het eten en nog meer grond kopen. Ook ontstond het erfrecht. Kinderen van rijke ouders hadden dankzij de familiebezittingen een voorsprong, zodat het makkelijker was om hun eigendommen uit te breiden. Zo nam het verschil tussen rijk en arm toe.”

Binnen een dorp werd dat proces op een gegeven moment vanzelf een halt toegeroepen, omdat het simpelweg te klein was om de rijkdom verder te laten groeien. Maar toen er alsmaar grotere leefgemeenschappen en staten ontstonden, kreeg de kloof tussen arm en rijk de kans om steeds breder te worden. Van Bavel noemt het Romeinse Rijk in de eerste eeuwen van onze jaartelling als beste voorbeeld. Bestuurders hadden alles wat hun hartje begeerde, terwijl de gewone mensen soms letterlijk om het leven kwamen van de honger.

Eerlijk delen

Na de val van het Romeinse Rijk verdween die enorme ongelijkheid. De bevolkingsdichtheid nam flink af, waardoor men weer in kleinere gemeenschappen ging leven. In Nederland kwam daar in de 11e en 12e eeuw verandering in toen er grotere steden ontstonden. Toch had dat weinig invloed op het verschil tussen arm en rijk, omdat de rijkdom redelijk eerlijk werd verdeeld. Er werd zelfs een maximum aan rijkdom gesteld door onafhankelijke staatsgemeenschappen

„In de 16e eeuw was het daarmee gedaan”, zegt Van Bavel. „De onafhankelijkheid van kleinere gemeenschappen werd gebroken door de opkomst van grotere staten. Daarnaast kwamen er markten op, zoals de kapitaal- en de arbeidsmarkt. Daardoor ontstond er concurrentie en dus ook grotere verschillen.”

Gouden Eeuw

Dat kwam in de 17e en 18e eeuw tot een hoogtepunt. Die periode werd de Gouden Eeuw genoemd, maar dat gold maar voor een heel klein groepje rijken, die veel geld verdienden met handel, de winst uit hun rijkdom en rentenieren. Het merendeel van de bevolking leefde echter in armoede.

Vanaf de late 19e eeuw werden daar oplossingen voor bedacht. De grote verschillen moesten worden teruggedrongen. Zo werd de Boerenbond opgericht die opkwam voor armlastige boerengezinnen en het hoofd moest bieden tegen de opkomende industrieën. Er kwamen coöperaties, vakbonden en onderlinge verzekeringen. Ook werd onder druk van gewone mensen de belasting ingevoerd en voor sociale zekerheid gezorgd.

Wereldeconomie

Een eeuw later groeide het verschil tussen arm en rijk echter weer razendsnel. „En weer was schaalvergroting een belangrijke oorzaak”, aldus hoogleraar Van Bavel. „Er ontstond een wereldeconomie waardoor kapitaal de hele wereld over kon vliegen, dus was het moeilijker om daar belasting over te heffen. Nu dreigen de verschillen nog groter te worden dan in de 17e en 18e eeuw omdat het nu op veel grotere schaal gebeurt.”

Dus zijn de rijken rijker dan ooit en de armen armer dan arm. En zal de kloof alleen nog maar groter worden. Volgens econoom Wiemer Salverda is het gevolg dat de rijkeren steeds meer macht verkrijgen, ook in de politiek. Neem Donald Trump, die zonder al zijn miljarden het waarschijnlijk nooit tot president van de Verenigde Staten had geschopt.

Belastingparadijs

Kan de kloof tussen arm en rijk ooit weer worden gedicht, of in ieder geval worden versmald? Zowel Salverda als Van Bavel heeft er een hard hoofd in. „Al is de aanpak van belastingparadijzen een stap in de goede richting”, zegt Salverda. Van Bavel vult aan: „Zolang rijkdom onbelast de wereld overvliegt zullen de verschillen groot blijven. En voorlopig zie ik niet in wie of wat daar iets tegen kan doen.”

Dus lezen we volgend jaar ongetwijfeld weer dat de kloof tussen arm en rijk is toegenomen. En dat allemaal omdat prehistorische jagers bedachten dat landbouw een betere manier was om hun kinderen eten te kunnen geven.

OVER METRO DOSSIER

Elke zaterdag vind je bij Metro verhalen over spraakmakende zaken. We kennen het, doordeweeks moet alles vlug, maar gelukkig is er in het weekend tijd om lekker lang te lezen over opzienbarende onderwerpen. Boeiend? Absoluut! Schokkend? Soms. Confronterend? Misschien. Interessant, met een knipoog en vanuit meerdere perspectieven belicht? Altijd!

Ditmaal: Arm en Rijk. Hoe is dat verschil ontstaan en hoe gaan we er vandaag de dag mee om?


Views

200+

Lees verder na deze advertentieAdd Arrow

De Moeder Teresa van plotselinge miljonairs

Winnaars van de Postcode Loterij kunnen gebruikmaken van de hulp van Bea Post. Foto: ANP

Foto van 'Johan van Boven'

GISTEREN

Bea Post helpt al 28 jaar winnaars van de Postcode Loterij de eerste hobbels op de nieuwe weg van de rijkdom te nemen. „Sommige mensen hebben moeite om ineens over heel veel geld te beschikken.”

Daar sta je dan, met een enorme cheque in je handen. Heel Nederland kijkt mee hoe de champagne wordt ontkurkt omdat jij de PostcodeKanjer hebt gewonnen. Een kersverse miljonair, gepresenteerd voor de ogen van talloze tv-kijkers. Ook het hele dorp of de wijk is direct op de hoogte van het bedrag dat op je rekening wordt gestort. Confetti, polonaise en een microfoon onder je neus. En natuurlijk felicitaties. Want als je wint, heb je vrienden.

Het is niet eenvoudig om vanuit het niets stappen te zetten in die nieuwe wereld. Een wereld waarin je je plots geen zorgen meer hoeft te maken om geld. Of in ieder geval niet over het gebrek daaraan. Want wie ineens barst van de centen, krijgt een hoop andere vraagstukken op zijn bord. Bij de Postcode Loterij ontfermt Bea Post (63 jaar) zich over de prijswinnaars. Aan de hand van kernwoorden legt ze uit hoe ze te werk gaat.

Het begin

Deze functie heb ik zelf gecreëerd. De Postcode Loterij bestaat 28 jaar en ik werk hier sinds het begin, toen de prijzen nog niet zo achterlijk hoog waren. De maandelijkse hoofdprijs was 100.000 gulden. Ik kwam bij Greenpeace vandaan, waar ik het ledenbestand had gedigitaliseerd. De Postcode Loterij vroeg mij in 1989 of ik de automatisering op me wilde nemen. Dat 60 procent van het geld naar goede doelen ging, sprak me heel erg aan. Bij Greenpeace was ik eigenlijk alleen maar bezig geld op te halen, zodat we actie konden voeren. Toen de Postcode Loterij belde, leek het me leuk om juist geld weg te mogen geven.

Bea Post. Foto: Postcode Loterij

Op een gegeven moment kwamen we met de loterij op televisie en de prijzen werden alsmaar groter. In 1992 reikten we voor het eerst 1 miljoen gulden uit. Het was heel heftig, want dat was in Nederland nog nooit eerder gebeurd. Het verliep dan ook heel anders dan ik van tevoren dacht: we bellen aan, vieren feest, klaar! Want het is toch heel leuk om zo veel geld te winnen? Maar toen ik daar stond, zag ik de verschillende emoties door de ruimte vliegen. De dame die het geld won was eigenlijk meer onder de indruk van de cameraploeg en dat onze ambassadeur Henny Huisman bij haar op de bank zat. Ze had geen idee meer waarom Henny Huisman daar eigenlijk was. Toen ik buiten stond voelde het niet lekker. Ik ben terug naar binnen gegaan en heb een tijdje bij de winnares gezeten. Uiteindelijk gaf ik mijn visitekaartje met de mededeling dat ze me altijd mocht bellen. Dat was duidelijk niet aan dovemansoren gericht, want ze heeft me heel vaak gebeld. Ook de volgende winnaars deden dat. Toen ben ik naar de directie gestapt om te zeggen dat we onze deelnemers in de kou laten staan. Stort je maar lekker op die mensen, zeiden ze. Ik had geen zin om me in allerlei financiële zaken te verdiepen, maar ik was geïnteresseerd in de menselijke zijde van het verhaal. De psychische kant. Ik mocht de hulp inschakelen van accountantsbedrijf PWC voor het financiële verhaal en ik mocht me met de emotionele kant bezighouden.

Luisterend oor

Ze hebben niemand om écht mee te kunnen praten. Als ze ergens mee zitten, vinden ze al heel snel dat ze niet zo moeten zeiken. Je hebt toch geld gewonnen? Als je er niets mee kunt, geef je het maar aan mij. Dat zijn standaard antwoorden die winnaars krijgen. Die mensen voelen zich niet serieus genomen. En het is natuurlijk ook geweldig om veel geld te winnen. Maar je moet wel sterk in je schoenen staan en weten wat je ermee doet. Hoe ga je met je familie en vrienden om? De een doet dat zonder twijfels, maar de ander heeft daar best moeite mee. Vroeger kwam je één keer op de buis en dan was het klaar. Nu blijven overal foto’s en video’s online staan. We vragen altijd netjes toestemming om met een cameraploeg op bezoek te komen. Willen mensen dat niet, dan gebeurt het ook niet. Dat komt vaak genoeg voor. Maar door de opkomst van social media weet iedereen binnen een mum van tijd dat iemand miljonair is geworden. Voor je het weet duiken er oude vrienden op die geld nodig hebben.

Voordat de prijs wordt uitgereikt, spreekt Bea Post al uitgebreid met de winnaars. Foto: ANP

Veel geld betekent niet dat je zorgen voorbij zijn. Ik sprak laatst een winnaar van wie de partner was overleden. Zij had uiteraard liever de periode van vóór het winnende lot terug dan dat ze het geld hield. Maar rijkdom geeft je natuurlijk wel veel vrijheid. Je hoeft je bijvoorbeeld geen zorgen meer te maken over je pensioen. Of over de eindafrekening van gas, water en licht. Of over de huur van het huis.

Ik ben er altijd bij als de cheque wordt uitgereikt. Dat is heel belangrijk om een vertrouwensband op te bouwen. Ik heb het een keer niet gedaan en toen merkte ik gelijk dat er een afstand was tussen mij en de winnaar. Toen de laatste PostcodeKanjer viel zat ik anderhalf uur voordat de cameraploeg arriveerde al bij die mensen in de woonkamer. Ik heb heel goed uitgelegd wat er ging gebeuren en ik kwam veel over hen te weten. Dan ben ik direct een vertrouwenspersoon. Ik bleef daar in een hotel slapen, zodat ze de volgende dag ook weer een beroep op mij konden doen. Op dat soort momenten probeer ik het gekkenhuis dat ontstaat altijd zo veel mogelijk te beperken. Er zijn ontelbaar veel mensen die de winnaars willen feliciteren, maar ze moeten ook goed hun nachtrust pakken. En ze hebben totaal geen idee wat ze hebben gewonnen. Er staan wel wat getallen op zo’n cheque, maar dat zegt nog niet veel. Het begint pas te dagen als ze bijvoorbeeld de hypotheek op het huis hebben afgelost en er dan nog heel veel geld op de rekening staat. Het duurt soms maanden voordat winnaars beseffen om hoe veel geld het gaat.

Ze kunnen mij blijven bellen zolang ze willen. Het komt vaak voor dat winnaars bedelbrieven krijgen, die handel ik dan af. Of ik help als vrienden om geld vragen, maar ze dat liever niet doen maar wel graag vrienden willen blijven. Dan bel ik even om te zeggen waarom het niet gaat gebeuren.

Verbazing

Het valt mij op dat er heel veel mensen zijn die niet durven te genieten van hun geld. Ik moet ze bijna leren dat ze zonder schaamte het geld mogen uitgeven. Ze spelen mee met een loterij die goede doelen steunt, dus ze hebben een hart van goud. Dan mogen ze toch ook wel van hun prijs genieten? Maar vaak zeggen ze: misschien dat ik ooit nog eens dit of dat ga doen, want dat staat op mijn bucketlist. Dan zeg ik: misschien? Niets daarvan, dat ga je nú doen! Geniet ervan, want het leven is zo betrekkelijk. Misschien ben je er morgen niet meer. Een van de winnaars werd ziek en die heeft al het geld er gelijk doorheen gejaagd. Heerlijk toch? Wie zijn wij om dat tegen te houden?

Foto: ANP

Ik heb nog nooit mensen zien afglijden, omdat ze ineens heel veel geld hadden. Gelukkig niet, zeg. Ik hoop dat dit voor een deel door mijn begeleiding komt, al kan ik dat niet bewijzen. Maar ik ben er trots op dat wij als Postcode Loterij onze verantwoordelijkheid nemen. De eerste periode betalen wij de financiële begeleiding. Bij ons gaat PWC met de winnaars om de tafel om een gedegen plan te maken. Hoe oud ben je? Wil je een eigen bedrijf beginnen? Wil je het geld met je kinderen delen?

Jackpot

Persoonlijk vind ik het heel jammer als één iemand 90 miljoen euro wint. Wat moet je in godsnaam met zo’n bedrag? Daarom ben ik blij dat het bij ons altijd over de hele postcode wordt verdeeld. Zelf heb ik twee loten en natuurlijk zou ik best een prijs willen winnen, maar dan niet zo’n hoog bedrag. Dat meen ik echt. Een goed pensioenpotje zou ik al blij mee zijn. Mócht ik miljonair worden dan hoef ik in ieder geval geen hulp in te schakelen. Ik heb genoeg opgestoken van alle winnaars die mij voor zijn gegaan. Ik ben blij dat het met de meeste winnaars heel goed gaat. Met de dame die in 1992 een miljoen gulden won gaat het heel goed. Ze is nog steeds ontzettend blij dat ze dat bedrag heeft gewonnen. Dat geeft mij de meeste voldoening.

Elke zaterdag vind je bij Metro verhalen over spraakmakende zaken. We kennen het, doordeweeks moet alles vlug, maar gelukkig is er in het weekend tijd om lekker lang te lezen over opzienbarende onderwerpen. Boeiend? Absoluut! Schokkend? Soms. Confronterend? Misschien. Interessant, met een knipoog en vanuit meerdere perspectieven belicht? Altijd!

Ditmaal: Rijk en arm. Hoe is deze kloof ooit ontstaan en hoe gaan we er vandaag de dag mee om?


Views

1k+

Hoe ga je als reality-ster om met roem?

Foto van 'Jeroen Haverkort'

17 FEB 2018

‘De tv-zender en de productiemaatschappij hebben mijn leven laten ontsporen. Ik voelde me net een pop. Wilden ze op tv een hysterische Barbie dan maakten ze me zo overstuur dat ik vanzelf door het lint ging. En als ze een vrolijke Barbie wilden, beloofden ze mij hemel en aarde. Ik had jaren geleden al met ze moeten kappen.’

Was getekend, realitysoapster Samantha de Jong (28), beter bekend als Barbie, in een interview met Story. Niet lang daarna deed ze een mislukte zelfmoordpoging en werd ze met spoed naar het ziekenhuis gebracht.

Het geval Barbie staat niet alleen. De voorbeelden zijn talloos: van jonge voetballers met een gokverslaving tot artiesten die kampen met een drugsprobleem. „Mensen zoals Barbie die lang op tv te zien zijn, hebben een continue druk om te presteren en om goed voor de dag te komen”, zegt mental coach Wouter Klijn. „Steeds die camera’s in je nek, al die meningen over jou die niet altijd even leuk zijn; je moet sterk in je schoenen staan om daar goed mee om te gaan.”

Mental coach

Klijn raadt mensen die met reality-programma’s willen meedoen aan om vanaf het begin in zee te gaan met een mental coach. „Waarom wil je meedoen aan zo’n programma als bijvoorbeeld Tempation Island, wat is je drijfveer? Je weet dat je relatie onder druk komt te staan. Wat gebeurt er met je als datgene waarop je hoopt niet uitkomt? Of als het allemaal te veel wordt? Wat wil je ermee bereiken? Aandacht? Roem? Heb je daar alles voor over? In het algemeen zijn het mensen met weinig gêne, maar het scheelt nogal wat of er een stuk of tien mensen een mening over je hebben of miljoenen mensen, die naar het programma kijken en hun mening over je klaar hebben. Je gaat dingen meemaken die anderen niet snel zullen meemaken. Praat hierover met een mental coach om inzicht te krijgen. Je leert jezelf kennen, kunt van leren van praktijkvoorbeelden. Dat is natuurlijk ontzettend nuttig.”

Volgens Klijn is het voor Barbie van belang om erachter te komen wat haar in al die meningen raakt. „Vindt ze het erg om te lezen of te horen dat ze dom is? Of lelijk? Maar welk waarde-oordeel zit daar voor haar onder? Daarmee kun je vervolgens aan de slag en zorgen dat dit waarde-oordeel minder impact heeft.”

Schade

Barbie staat bijna al ruim acht jaar in de schijnwerpers. Eerst met Oh Oh Cherso en later met haar eigen reality-serie. „Ze zegt dat ze er genoeg van heeft, maar vervolgens geeft ze nog allerlei interviews”, zegt Klijn. „Ze moet rust nemen. Het is niet goed om zo lang in de aandacht te staan. Op een gegeven moment raak je jezelf kwijt en barst de ‘bubbel’. Helaas is de schade dan al opgelopen.”

Maar hoe gaat Klijn te werk als die bubbel eenmaal gebarsten is? „Barbie geeft aan dat ze die aandacht niet meer wil, maar aan de andere kant is ze die aandacht ook gewend. Ze moet erop worden voorbereid dat ze een hype is en dat daar niks ergs aan is, maar juist goed. Hypes gaan liggen, over een tijdje is iedereen dit weer vergeten. Wie heeft het nu nog bijvoorbeeld over Big Brother Bart of Terror Jaap? Haar leven is nog niet voorbij, dat moet ze zich realiseren. Wat in zo’n geval belangrijk is, zijn familie en vrienden die je ondersteunen. Maar ook zakelijk; je manager moet geen andere belangen hebben dan jij. Maar dat moet je wel inzien en dat is een heel traject.”

OVER METRO DOSSIER

Elke zaterdag vind je bij Metro verhalen over spraakmakende zaken. We kennen het, doordeweeks moet alles vlug, maar gelukkig is er in het weekend tijd om lekker lang te lezen over opzienbarende onderwerpen. Boeiend? Absoluut! Schokkend? Soms. Confronterend? Misschien. Interessant, met een knipoog en vanuit meerdere perspectieven belicht? Altijd!

Ditmaal: Waarom kijken we zo graag naar realityprogramma's? En wat voor effect heeft roem eigenlijk? 


Views

600+

Likeability of 5

Ex-chef Big Brother: Barbie slachtoffer makers soap

Samantha de Jong alias Barbie./ANP

Foto van 'Mario Wisse'

17 FEB 2018

Chef van eerste realitysoap op Nederlandse tv Hummie van der Tonnekreek over de ondergang van Barbie.

Realityster Barbie nam een paar weken geleden een overdosis drugs. De politie en haar moeder troffen Samantha de Jong, zoals ze echt heet, bewusteloos aan en brachten haar naar een ziekenhuis. Het was een zelfmoordpoging, zo verklaarde De Jong nadat ze weer was bijgekomen. ‘Overal las ik dat ik een slechte moeder ben en de hoer speel. Ik kon daar niet meer mee omgaan’.

De 28-jarige Scheveningse werd in 2010 landelijk bekend door haar zonnebankbruine verschijning in Oh Oh Cherso, een realityreeks waarin acht jongeren uit Den Haag en omgeving een aantal weken in een luxe villa in het Griekse feestoord Chersonissos werden gezet met een hoop gezuip en geseks als gevolg. Het was een van de best bekeken RTL5-programma’s ooit. Later verscheen Barbie ook in spin-off Oh Oh Tirol en in het tweede seizoen van Oh Oh Cherso, waarna ze haar eigen realityserie kreeg.

Slikken

Het negende seizoen van die serie, Samantha en Michael scheiden ermee uit, werd afgelopen jaar uitgezonden en is wat Barbie betreft het laatste. In Story ging ze vorig jaar los op RTL: ’Ik heb zóveel moeten slikken. Jarenlang hebben ze me voor de 25.000 euro die ik kreeg als een hoer behandeld. Ik voelde me net een pop. Wilden ze op tv een hysterische Barbie, dan maakten ze me zo overstuur dat ik vanzelf door het lint ging. En als ze een vrolijke Barbie wilden, beloofden ze mij hemel en aarde.’

Hartstikke fout

Hummie van der Tonnekreek, in 1999 hoofdredacteur van Big Brother, het eerste realityprogramma op de Nederlandse televisie, ziet de ondergang van Barbie met lede ogen aan. „Programmamakers willen dat er wat gebeurt in een realitysoap. Ze verkennen hun grenzen en gaan daar vervolgens overheen. Hartstikke fout. Op die manier vallen er slachtoffers.”

Hummie van der Tonnekreek.

Natuurlijk staan de makers onder druk, weet ze. „Als het niet beweegt, raakt iedereen in paniek, zo werkt dat bij tv. Maar de meeste makers weten niet hoe je dingen die leuk of grappig zijn op een andere manier voor elkaar moet krijgen dan met drank of door mensen over de rooie te jagen. Ze hebben ook niet het geduld om af te wachten tot er vanzelf wat gebeurt.”

De finalisten van Big Brother begin 2000 met (vlnr) uiteindelijke winnaar Bart, Ruud en Willem.

Psycholoog

„Ik weet niet hoe dat bij de programma’s van tegenwoordig is, maar aan Big Brother was een psycholoog verbonden. Tegen haar zei ik: ‘je houdt niet alleen die bewoners maar ook mij in de gaten, hè? Als ik gek ga doen moet je het meteen aangeven’. Want het is hartstikke verleidelijk om mensen gekke dingen te laten doen. Maar dan moet je op de vingers worden getikt. John de Mol en producent Paul Römer wilden die gekkigheid ook helemaal niet, die zeiden: ‘die kandidaten moeten gezond het huis in en er ook gezond er weer uit’.

Sperziebonen

Naar de soaps met Barbie kan ze nauwelijks kijken. „Het is een gekkenhuis: trouwen, kinderen, nieuwe borsten, scheiden... Als je acteert kun je op een gegeven moment naar huis om de sperziebonen op te zetten, maar dit is haar echte leven! Haar echte leven dat door de makers gescript wordt en op den duur dus eigenlijk niet meer bestaat. Dan raak je dus de weg kwijt. Op enig moment kun je bovendien absoluut niet meer zeggen dat iemand alles nog uit vrije wil doet en weet waar ze mee bezig is. ‘Ze wil het toch zelf?’, hoor ik dan. Onzin, dat stadium is ze allang voorbij.”

OVER METRO DOSSIER

Elke zaterdag vind je bij Metro verhalen over spraakmakende zaken. We kennen het, doordeweeks moet alles vlug, maar gelukkig is er in het weekend tijd om lekker lang te lezen over opzienbarende onderwerpen. Boeiend? Absoluut! Schokkend? Soms. Confronterend? Misschien. Interessant, met een knipoog en vanuit meerdere perspectieven belicht? Altijd!

Ditmaal: Waarom kijken we zo graag naar realityprogramma's? En wat voor effect heeft roem eigenlijk? 

Foutje gezien? Mail ons, we zijn je dankbaar


like
user_dcacd241a517f45b7d3519574ef3f8bb174467f4_avatar

Views

2k+

Lees verder na deze advertentieAdd Arrow

Waarom we zo graag naar reality-tv kijken

Foto van 'Jelmer Visser'

17 FEB 2018

Twee echtparen met een zwaar accent die een knallende ruzie over een heg uitvechten bij meester Frank Visser, een stel met vier linkerhanden dat met steenkolenfrans een bed and breakfast in Frankrijk wil beginnen, meekijken met een stel zuipende feestbeesten op vakantie in een tropisch oord of een hyperactieve vloggende 24-jarige met een petje die met tranen in de ogen zijn relatie beëindigt. Allemaal reality-tv. De programmering op televisie puilt uit van dit soort programma’s. En dit geldt niet alleen voor de ouderwetse lineaire beeldbuis, ook de best bekeken filmpjes op YouTube vallen in deze categorie. Waarom kijken we met zijn allen zo graag naar realityprogramma’s?

Kirsten Hofman: "Het is eigenlijk schaamteloos meekijken in de keuken van een ander."

Blij van ellende

Drama. Dat is volgens Kirsten Hofman, docent mediapsychologie aan de Saxion Hogeschool Enschede, een van de redenen dat we vaak smullen van reality-tv. „Mensen voelen zich beter wanneer ze kijken naar programma’s waarin gepimpte plastic vrouwen te pas en te onpas vreemdgaan met minstens zo gebruinde gewaxte mannen of knallende burenruzies over recht van overpad. Dit soort extreme situaties betrek je onbewust op jezelf en je eigen leven. Je eigen leven, waarin je een stabielere relatie hebt met je partner of je buren, voelt hierdoor ineens zo slecht niet meer.”

„Mensen houden van drama. Drama heeft een onweerstaanbare aantrekkingskracht. Dit gebeurde al in de oudheid in de amfitheaters en het Colosseum. Feitelijk is er niks veranderd. Het is eigenlijk schaamteloos meekijken in de keuken van een ander. Heel kort door de bocht worden we eigenlijk blij van de ellende van anderen.”

Spiegelneuronen

Maar waarom voelt de ellende van anderen zo goed? Volgens de mediapsycholoog is de verklaring hiervoor eenvoudig. „Wanneer we kijken naar andere mensen worden onze spiegelneuronen actief. Deze neuronen zorgen ervoor dat we ons kunnen inleven in anderen. De gevoelens en gebeurtenissen van de mensen op televisie projecteren wij in een oogwenk op onszelf. We denken heel kort dat dit onszelf overkomt. Zodra je direct daarna beseft dat deze nare zaken jou bespaard blijven, voel je vanuit je onderbewustzijn een soort van opluchting. Deze opluchting voelt prettig.”

Het onderbewustzijn heeft een gigantische invloed op het bewustzijn. „Het effect van spiegelneuronen zie je ook bij Funniest Home Videos, wanneer iemand een harde smak maakt. Onze spiegelneuronen maken ons een fractie van een seconde wijs dat we echt vallen, daardoor vertrekt ons gezicht bij het aanschouwen van de val. Direct daarna komt het besef dat dit ons niet is overkomen en hierdoor raken we opgelucht. En dat uit zich vaak in gelach.”

De gouden formule

Een goede realityserie heeft een aantal vaste ingrediënten, legt Hofman uit. „Het eerste ingrediënt is herkenbaarheid. Nu is een serie met volstrekt normale mensen die volstrekt normale dingen beleven heel erg saai, dus het moet wel een stukje ’extremer’ zijn dan het normale dagelijkse leven.” Het tweede ingrediënt komt rechtstreeks uit de theater- en filmwereld: namelijk drama. „Er moet ’iets’ gebeuren, het liefst iets met conflicten of iets controversieels. Combineer dit drama met de herkenbaarheid en je hebt de gouden formule te pakken.”

Toch scoort het ene realityprogramma beter dan het andere, hoe zit dat dan? „Onderwerpen die het bijvoorbeeld altijd goed doen zijn (buren)ruzies, vreemdgaan of baanverlies. Door deze herkenbare situaties uit te vergroten, speel je in op de angst van de kijker en zullen zij sneller geneigd zijn om verder te kijken.”

Dit soort series volgt eigenlijk dezelfde verhaalstructuur als een roman of een film. Er moet een intro, kern en slot in zitten. Zonder plot, conflict en een goed verhaal zal er niemand naar kijken. Kijkers haken af omdat het veel te saai is. De beste shows focussen zich op ’dit wil ik hebben’ of ’ik ben blij dat dit mij niet overkomt’. „Ik Vertrek is eigenlijk een combinatie van beide: veel mensen fantaseren over emigreren en eigen baas worden. Maar als deze mensen vervolgens worden geconfronteerd met een taalbarrière, kapotte riolering en gigantische kostenposten dan is het gauw klaar met de droom om een bed and breakfast in Frankrijk te beginnen”, licht Hofman toe.

Maakt dit leedvermaak gelukkig? 

We kijken dus graag naar de ellende van anderen, maar worden we daar nu écht gelukkig van? Hofman: „Onderzoek wijst - ironisch genoeg - uit dat mensen die naar reality-tv en soaps kijken ongelukkiger zijn dan mensen die hier helemaal niet naar kijken.” Kijken mensen die ongelukkig zijn meer naar reality tv of veroorzaakt reality-tv voor ongelukkigere mensen? „Dat is een beetje een kip en het ei-verhaal; de zaken hebben met elkaar te maken maar het is niet helemaal duidelijk wat nou de oorzaak en het gevolg is, eigenlijk is het een soort vicieuze cirkel”, vertelt Hofman. „Het kijken naar veel reality-programma’s verandert je belevingswereld. Als jij vaak mensen ziet vreemdgaan, wordt dit steeds normaler voor je. Een gevolg hiervan is de kijkers zelf vaker vreemdgaan en vaker denken dat anderen vreemdgaan.”

Betekent dit dat we helemaal niet meer van dit soort programma’s mogen genieten? Kirsten Hofman reageert ontkennend. „Nee hoor, je kunt er best van blijven genieten. Het belangrijkste is alleen wel dat je realiseert dat er bij reality-tv heel erg veel gescript, geëdit en geframet is. Het klinkt als een open deur, maar als een real life-serie de naam ’real life’ draagt, heeft het niks met het gemiddelde leven te maken. Niet de deelnemers, maar de programmamakers bepalen hoe iemand wordt neergezet. Met montage kan je nét even dat ene genânte momentje gigantisch uitvergroten. Muziek, geluidseffecten of een voice-over kunnen deze richting nog sterker benadrukken. Kinderen tot een jaar of vier denken dat tekenfilms en sprookjes echt zijn en sommige volwassenen denken dat reality tv ’echt’ is. Natuurlijk probeert de serie jou te laten denken dat het echt is maar een realityserie komt net zo dicht bij de realiteit als een tekenfilm.”

OVER METRO DOSSIER

Elke zaterdag vind je bij Metro verhalen over spraakmakende zaken. We kennen het, doordeweeks moet alles vlug, maar gelukkig is er in het weekend tijd om lekker lang te lezen over opzienbarende onderwerpen. Boeiend? Absoluut! Schokkend? Soms. Confronterend? Misschien. Interessant, met een knipoog en vanuit meerdere perspectieven belicht? Altijd!

Ditmaal: Waarom kijken we zo graag naar realityprogramma's? En wat voor effect heeft roem eigenlijk? 

Foutje gezien? Mail ons, we zijn je dankbaar


Views

1k+

Meer dan een kwart kent partner via internet

Foto: ANP

Foto van 'Metro'

10 FEB 2018

Meer dan een kwart van de Metro-lezers, die reageerden op onze Valentijns-enquête, leerde zijn partner online kennen. Met maar liefst 27 procent is dit bijna een verdubbeling vergeleken met vier jaar geleden. Toen bleek uit CBS-cijfers dat nog maar 13 procent zijn relatie online opduikelde. Als opduikelplekken nummer twee en drie werden ‘via vrienden’ en ‘bij het uitgaan’ genoemd.

Jong trouwen

Uit het onderzoek, dat werd ingevuld door 425 Metro-lezers, bleek ook dat onze lezers het liefst vrij jong trouwen. Meer dan de helft wil trouwen als ze (de vragenlijst werd vooral door vrouwen ingevuld) tussen de 25 en 30 jaar oud zijn. In werkelijkheid trouwen vrouwen op dit moment gemiddeld op hun 31ste en mannen als ze 34 jaar zijn.

Als het even minder goed loopt in de relatie, lossen de meeste van onze lezers dat op door er met hun partner over te praten. Relatietherapie is voor ruim één op de tien een serieuze optie, maar nog maar net twee procent is er ook echt aan begonnen. Uit de wordcloud van meest genoemde redenen voor de therapie komt één hoofdreden tevoorschijn…

Foutje gezien? Mail ons, we zijn je dankbaar


Views

500+