Een kreeft op het fietspad: ‘Kan ik die in het water terug kieperen?’

M. Lanen-de Vries 11 sep 2026, 

Er gaat hier nooit iets gewoon. Ook al lijkt het van wel, dan nog eigenlijk niet.

Mijn man klaagde over muizen. Dat verbaasde me niet veel, omdat onze geliefde buurvrouw hier ook last van had gehad. Die had ik eerder geholpen een stapeltje gehakte houtblokken van A naar B te verplaatsen, daarbij een hoopje geweldig grote spinnen enorm beledigend.
Tja.

Hoe dan ook, nu waren we dan toch zelf de klos.
„Ik ga wel even wat extra muizenvallen halen”, zei ik, want hij was net bezig met koken. Ik doe nagenoeg alles om die akelige bezigheid te ontlopen.
„OK”, sprak hij, die eigenschap van mij wel kennende. Dus ik stapte op de fiets en ging op weg.

Aanvankelijk niet veel bijzonders. Totdat ik vond dat dat blaadje onderweg zich wel héél vreemd bewoog? En op mijn fietspad? Ik stopte acuut. Haast had ik toch niet. Slingerde mijn fiets de stoep op, draaide me om. Zag ik het nou goed?
Ja hoor.
Een kreeft op het fietspad.

Zich gedragend als Gandalf de Grijze, die „Thou shall NOT pass!” roept naar die akelige Balrog. Echt, met die pootjes ook zo in de lucht.

Ik wist niet hoe ik het had. Ik wist dat er érgens een opening moest zijn naar een sloot of iets, maar zo gauw niet waar. Ik had een piepklein rugzakje om – ik was er tenslotte op uit voor een boodschapje – en besloot daar het arme schepsel dan maar in te doen. Het was een kleprugzak, dus ik legde de klep voor het beest, die zich werkelijk waar op de rode loper waande, plechtig op het klepje stapte, waarna ik ‘m uit de droom hielp – ik had geen haast, maar dit hoefde ook weer geen uren te duren – en ‘m dus hop, zo in het bagagedeel kiepte. Klep erover en tadaa, fietsen maar weer.

Een afslag later, op een brug, toch maar even een expert gebeld. A.k.a. mijn vader.
„Kan ik zo’n kreeft nou in eender welk water terug kieperen?”
„Eh…je hebt een kreeft, begrijp ik?”, vroeg de ietwat verwarde stem aan de andere kant.
„Ja, die zat net op m’n fietspad.”
„Ja, die kun je in elk water weer teruggooien, zolang het maar strómend water is”, wist hij me te vertellen, ietwat beduusd.

En zo had ik toch nog even een leven gered.

Reacties