Is dit het dan?
Op mijn oranje Swapfiets rijd ik langs de grachten van Utrecht. De wind door mijn haar, geen oordopjes meer in. In de verte de Dom, om me heen het Utrechtse publiek: gehaaste fietsers, toeristen die midden op het fietspad stilstaan en mensen die blijkbaar denken dat een rood stoplicht vooral een suggestie is.
Hoeveel van deze mensen voelen zich gelukkig? En hoe weet je dat je gelukkig bent als je nog zoveel wilt veranderen?
De routekaart
Toen ik twintig was, dacht ik dat ik op mijn zevenendertigste wel zou weten hoe het leven werkte. Een leuke baan, een fijne relatie, een mooi huis, misschien een kind. In dat plaatje stond ook een lange tafel in Toscane, met bloemen, wijn en een man die uit zichzelf de vaatwasser uitruimde.
Inmiddels ben ik zevenendertig en weet ik vooral waar je in Utrecht een goede havercappuccino haalt. Mijn toekomst leek uitgestippeld, tot die relatie onverwacht werd verbroken en het hele plaatje niet meer bestond.
Sindsdien geloof ik minder snel dat ik precies weet hoe mijn toekomst eruitziet. Misschien is dat niet erg. Misschien is er ruimte ontstaan voor een leven dat ik op mijn twintigste niet had kunnen bedenken.
Volgens mij ben ik gelukkig
Misschien ben ik anders naar geluk gaan kijken. Ik kan tegenwoordig gelukkig worden van goede vrienden, daten en mijn columns. Van dansen, een onverwacht leuke avond of met een vriendin op een terras zitten met cava en zo hard lachen dat je bijna je drinken omstoot. Op zulke momenten denk ik: volgens mij ben ik gelukkig.
En dan komt mijn hoofd weer binnenlopen. Ben ik wel mooi genoeg? Doe ik het goed genoeg? Vinden mensen mij aantrekkelijk? Alsof er ergens drie onbekende vrouwen met een clipboard mijn leven zitten te beoordelen.
Die gedachten kan ik soms ook weer vergeten. Dan zit ik in mijn favoriete cavabar en voelt het alsof alles precies goed is. Of ik zit op vrijdagavond thuis te schrijven, mijn oppashondje naast me, en merk dat ik niets anders nodig heb.
Tot ik de volgende ochtend wakker word en me weer afvraag wat ik eigenlijk aan het doen ben.
Gewoon doorfietsen
Misschien stellen we geluk te vaak uit. Tot we die baan hebben, weer verliefd zijn, ons lichaam anders voelt of eindelijk begrijpen waarom we ons voelen zoals we ons voelen. Alsof er ergens een eindstation bestaat waar alles op zijn plek valt en we vanaf dat moment officieel gelukkig mogen zijn.
Maar wanneer staat alles ooit precies op zijn plek?
Misschien hoef ik niet te wachten tot alles echt klopt. Misschien kan ik gewoon op mijn oranje Swapfiets door Utrecht fietsen, de Dom op de achtergrond, mijn hoofd alweer drie afslagen verder dan ikzelf, en bedenken dat ik best een mooi leven heb.
Het is niet het leven dat ik op mijn twintigste had uitgetekend. Het is wel het leven dat er nu is. Misschien hoef ik daar niet voortdurend iets aan te veranderen om er gelukkig mee te kunnen zijn.