Mijn zusje en de eeuwige sollicitatie naar goedkeuring
Mijn zusje heeft een bijzondere gave. Ze kan een kamer binnenkomen en binnen drie seconden voelen of iedereen haar aardig vindt.
Waar andere mensen gewoon een kop koffie drinken, voert zij ondertussen een complete enquête uit: Was mijn grap leuk? Stond ik niet te veel op de voorgrond? Vinden ze mijn nieuwe jas eigenlijk wel mooi?
Ze heeft jarenlang geleefd alsof er een jury meekijkt. Niet zichtbaar natuurlijk, maar wel aanwezig. Een soort onzichtbare commissie die voortdurend cijfers uitdeelt. Een acht voor gezelligheid, een zesje voor haar mening en bij twijfel trekt de voorzitter streng de wenkbrauwen op.
Het mooie aan mijn zusje is dat ze alles geeft. Ze helpt, luistert, past zich aan en probeert iedereen gelukkig te maken. Een prachtige eigenschap, totdat je jezelf vergeet. Want wie altijd bezig is met het vullen van andermans glazen, merkt soms niet dat zijn eigen glas leeg is.
Minder nadenken
Ik heb haar vaak willen zeggen: „Je hoeft niet harder te werken om leuk gevonden te worden. Je bent geen product dat een betere verpakking nodig heeft.”
Maar ja, tegen mijn zusje zeggen dat ze minder moet nadenken over wat anderen vinden, is hetzelfde als een vis vertellen dat water optioneel is.
Toch zie ik haar veranderen. Kleine stapjes. Iets vaker haar eigen mening. Iets minder excuses. Iets meer ruimte voor gewoon zichzelf zijn.
En misschien is dat wel het mooiste cadeau dat je iemand kunt geven: niet zeggen dat ze perfect moet worden, maar laten zien dat ze het allang is.