Peter over tolerantie: ‘Ik had geen regenboog nodig’

Peter Roozendaal 21 jul 2026, 

Mijn vader had een hekel aan homo’s. En niet een beetje! Zodra Albert Mol op de beeldbuis verscheen, begon hij te vloeken en te schelden. Voor homo’s had hij een vast denigrerend bijnaampje. Albert Mol kreeg de volle laag.

Ik vond het vooral raar.

Jaren later liep ik achter Kika aan, de dochter van Albert Mol. Ik vond haar echt super. Zij zag dat kennelijk anders, want mijn pogingen bleven zonder resultaat.

Nog steeds schiet ik in de lach als ik mij voorstel wat er gebeurd zou zijn als het wél was gelukt. Mijn vader die kennismaakt met haar vader.

In dienst raakte ik bevriend met een rekruut die toen zelf nog niet wist dat hij gay was. Een goudeerlijk mens. Hij had een meisje gehad, vertelde hij, maar had er niets aan gevonden. Voor mij was hij gewoon een vriend. Zijn spontaan vrouwelijke gebaren vond ik eigenlijk best mooi.

Alle hoeken van de kamer

Later wilde hij bij mij op bezoek komen. Ik woonde nog thuis.

Nee dus.

Mijn vader had mij alle hoeken van de kamer laten zien als hij ook maar had vermoed dat mijn vriend homo was.

Misschien komt het daardoor dat ik mijn twijfels heb bij al die regenboogactiviteiten van tegenwoordig. Vlaggen, zebrapaden, weken, maanden, bijeenkomsten en campagnes. Het wordt steeds zichtbaarder en nadrukkelijker. Maar ik vraag mij af wie ermee wordt overtuigd.

Mijn vader in ieder geval niet. Die zou waarschijnlijk alleen maar harder zijn gaan vloeken. Mensen die homo’s, transgenders of andere minderheden werkelijk haten, veranderen zelden van mening omdat de gemeente een regenboogvlag hijst. Bij sommigen lijkt iedere nieuwe campagne vooral de bevestiging dat hun iets wordt opgedrongen.

Vroeger discreter

En de mensen die er nooit werkelijk een probleem mee hadden? Worden die door een regenboogzebrapad toleranter?

Ik betwijfel het.

Vroeger was alles veel discreter. Dat had zeker nadelen. Mensen moesten soms verbergen wie ze waren en daar wil ik niet naar terug. Maar mensen met gezond verstand hielden ook rekening met de gekken om hen heen.

Gekken zoals mijn vader.

Niet uit schaamte, maar soms gewoon uit zelfbescherming. Ik wist precies wie ik wel en niet mee naar huis kon nemen.

Misschien overtuigen we mensen niet door steeds meer symbolen op te hangen. Misschien ontstaat meer tolerantie wanneer de intolerante lieden zien dat je deze mensen ontmoet, met ze werkt en plezier met ze maakt.

Ik had geen regenboog nodig.

Ik zag mensen.

Reacties