Na geweld Pride Amersfoort: ‘Een gidsland heeft toch geen veilige plekken nodig!?’

Rik de Lavaletta 13 jul 2026, 

‘Geweld Pride Amersfoort onderstreept noodzaak veilige plekken voor lhbti’ers’, kopte de NOS na de ernstige mishandeling van een bezoeker van Pride Amersfoort.

Misschien is dat wel de meest pijnlijke zin van het jaar. Niet vanwege de mishandeling, maar vanwege wat er blijkbaar als normaal begint te voelen. Een gidsland. Dat veilige plekken nodig heeft. Laat die combinatie eens op je inwerken. Nederland kijkt nog altijd trots naar wat het ooit heeft bereikt. Het eerste land met het homohuwelijk. Uitstekende wetgeving. Gelijke rechten. Internationale complimenten. We blijven elkaar vertellen hoe vooruitstrevend we zijn.

Maar dat is de geschiedenis!

Ik ben veel nieuwsgieriger naar het heden. Want ik heb niets aan een land waarin ik op papier alles mag, maar op straat eerst moet inschatten of het verstandig is om de hand van mijn partner vast te pakken. Daar wordt vrijheid gemeten. Niet in een wetboek. Niet in een Kamerdebat. Niet in een beleidsnota. Maar in die paar seconden waarin iemand besluit: doe ik het wel of doe ik het niet…

Ongemerkt accepteren

Dat is de echte toets. En ik krijg steeds sterker de indruk dat Nederland die toets langzaam aan het verliezen is. Want waar gaat het tegenwoordig over? Niet over méér vrijheid. Niet over méér acceptatie. Maar over veilige plekken. Veilige routes. Veilige evenementen. Veilige zones. Alsof we ongemerkt zijn gaan accepteren dat de openbare ruimte niet meer vanzelfsprekend veilig is.

En na ieder incident klinkt dezelfde geruststellende boodschap: gelukkig is onze wetgeving goed geregeld. Maar een wetsartikel houdt niemand overeind na een mishandeling. Een grondrecht loopt niet met je mee als je ’s avonds naar huis fietst. Rechten zijn pas iets waard als je ze zonder angst kunt gebruiken.

Mijn indruk is dat Nederland zichzelf langzaam in slaap sust met zijn eigen succesverhaal. We blijven applaudisseren voor een overwinning uit het verleden, terwijl de wedstrijd allang weer bezig is.

Mijn verwachting is somber. Zeg maar roetzwart.

‘We zagen de signalen’

Als wij onszelf blijven beoordelen op wat er in het Staatsblad staat en niet op wat er op straat gebeurt, dan voorspel ik dat we over tien jaar terugkijken en zeggen: de signalen waren er allemaal. We zagen ze. We bespraken ze. We schreven er rapporten over. Maar we deden alsof goede wetgeving hetzelfde was als een veilige samenleving. En dat is het echt niet!

Een samenleving bewijst haar beschaving niet wanneer zij rechten toekent. Zij bewijst haar beschaving wanneer die rechten niemand nog moed kosten om uit te oefenen.

En daarom blijf ik hangen bij die NOS-kop. Niet omdat daarin staat dat veilige plekken nodig zijn. Maar omdat blijkbaar bijna niemand zich nog afvraagt waarom een zelfverklaard gidsland ze überhaupt nodig heeft. Misschien is dat wel de echte conclusie.

Nederland leeft nog altijd van zijn reputatie. De straat allang niet meer.

Reacties