Portret van Jan Geurts, ‘de man die bleef staan’

Arnold Bergmans 2 jul 2026, 

Jan Geurts (1975) is een man die, net als een papegaai, overal waar hij komt een vrolijke indruk achterlaat. Wie hem vandaag ziet in zijn restaurant in Nunspeet, tussen de gasten, de geuren uit de keuken en het gezellige geroezemoes, zou bijna vergeten hoeveel levenservaring achter zijn warme glimlach schuilgaat.

Zijn verhaal begon niet in de drukte van een restaurant, maar op een boerderij in Putten, waar het leven werd bepaald door hard werken, eenvoud en verbondenheid met de natuur.

Jan groeide op als jongste van vijf kinderen in een hecht boerengezin. Het leven draaide om dieren, land en het ritme van de seizoenen. Iedereen hielp mee en verantwoordelijkheid kwam al vroeg. Maar zijn jeugd werd ook gekenmerkt door ingrijpend verdriet. Op 11-jarige leeftijd verloor hij zijn zus door een tragisch ongeluk, een gebeurtenis die diepe sporen achterliet in het gezin. En enkele jaren later overleed ook zijn vader, aan kanker. Plots stond zijn moeder er alleen voor, met steun van de kinderen.

Alle handen nodig

Ondanks alles moest de boerderij doorgaan, zoals zijn vader dat had gewild. Jan hielp mee waar hij kon. Nog maar een jongen van 14 met de schouders van een volwassene en verantwoordelijkheden. Hij ging naar de technische school, leerde timmeren en metselen, maar maakte zijn opleiding niet af omdat thuis alle handen nodig waren. Juist in die periode leerde hij wat doorzetten werkelijk betekent: niet opgeven, ook als het zwaar is.

Over zijn jeugd is hij eerlijk. Niet alleen zwaar, maar ook vormend. Sommige kinderen worden groot door tijd, anderen door wat het leven van hen vraagt. Op zijn 17e stond Jan al op eigen benen en huurde hij een woning in Putten. Een jonge man die vroeg leerde dat je, hoe moeilijk het soms ook is, elke dag opnieuw kunt beginnen.

In de jaren die volgden kwamen relaties en ervaringen en leerde hij wat verlies, groei en verbinding betekenen. Tot hij Ingrid ontmoette. Die ontmoeting voelde niet als vuurwerk, maar als thuiskomen. Samen bouwden zij een leven op in ’t Harde, waar een warm gezin ontstond en plannen groeiden voor de toekomst.

Welkom voelen

Die toekomst kreeg vorm in Nunspeet, waar zij samen een restaurant begonnen. Een plek waar gastvrijheid geen woord is, maar een gevoel. Gasten ervaren er warmte, aandacht en oprechte gezelligheid. Het is een plek waar mensen niet alleen komen om te eten, maar om zich welkom te voelen. Zoals ze zelf zeggen: het is gewoon beregoed.

Met Ingrid, hun kinderen en later een bijna-schoonzoon, vormt het bedrijf een echte familieplek. Jan zelf staat niet graag op de voorgrond, maar zijn aanwezigheid is overal voelbaar. Hij houdt van humor, zoals die keer dat hij tegen de buren grapte dat hij naar Portugal zou emigreren, om na twee weken vakantie gewoon weer terug te keren alsof er niets gebeurd was.

Het leven heeft hem niet gespaard, maar ook niet gebroken. En misschien is dat precies wat hem typeert: Jan hoeft niet bijzonder gevonden te worden. Hij is het al.

Reacties