De bully kan barsten: ‘Wie deelde de eerste klap uit?’

Rik de Lavaletta 9 jul 2026, 

Zelden heeft een uitspraak me zo aan het twijfelen gebracht. Het IOC heeft besloten dat Rusland weer mag deelnemen aan de Olympische Spelen. De Oekraïense tennisster Marta Kostyuk vindt dat Rusland niets te zoeken heeft op de Olympische Spelen.

Mijn eerste reactie was: daar heeft ze gelijk in. Maar vrijwel direct begon het te wringen. Want als ik vind dat Rusland niet welkom is op de Olympische Spelen, waarom vond ik dan dat Israël wél moest kunnen deelnemen aan het Eurovisie Songfestival? Was ik met twee maten aan het meten?

Ik bleef die vraag in mijn hoofd omdraaien. Niet omdat het over sport gaat. Niet omdat het over muziek gaat. Maar omdat ik wilde begrijpen welk principe voor mij zwaarder weegt. En toen viel het kwartje.

Ik kijk helemaal niet naar sport, muziek of politiek.

Ik kijk nog maar naar één ding: wie deelde de eerste klap uit? Vanaf dat moment zijn de rollen verdeeld.

Want zodra we weigeren onderscheid te maken tussen de bully en het slachtoffer, hoeven we ook geen moreel oordeel meer uit te spreken.

Onderscheid helder

Hamas deelde op 7 oktober de eerste klap uit. Rusland deed hetzelfde in Oekraïne. Vanaf dat moment is voor mij het onderscheid helder: er zijn slachtoffers en er zijn bullies. Wie dat verschil uitwist, wist ook het verschil tussen recht en onrecht uit.

Dat besefte ik pas echt toen ik terugdacht aan een schoolplein. Iedere school heeft er één. De jongen met de grote mond. Hij hoeft niemand iets uit te leggen. Hij duwt. Hij scheldt. Hij pakt een tas af. Hij geniet van de lach van de omstanders. Iedere dag opnieuw. En iedereen ziet het. Niemand doet iets.

Tot die ene middag. De gepeste draait zich om. Eén klap. De bully vliegt achterover. Hij ligt op de tegels. De grootste mond van de klas. Niemand beweegt. Geen docent.Geen klasgenoot. Alleen die merkwaardige stilte. Een stilte waarin bijna iedereen hetzelfde denkt.

Eindelijk!

Keihard op z’n bek slaan

Eindelijk is de macht van de bully gebroken. Dat gevoel van rechtvaardigheid verdwijnt opvallend vaak zodra het over landen gaat. Dan noemen we het ineens ingewikkeld. Dan hebben we het over nuance. Dan doen we alsof degene die de eerste klap uitdeelde dezelfde behandeling verdient als degene die hem incasseerde, maar wat mij betreft mag de bully kei- en keihard op zijn bek geslagen worden en uitgesloten mogen worden.

Daarom begrijp ik de woede van Marta Kostyuk. En daarom vond ik ook dat Israël wel mocht deelnemen aan het Eurovisie Songfestival. Niet omdat ik vóór het ene land en tégen het andere ben. Maar omdat ik vind dat een slachtoffer niet op één lijn mag worden gezet met degene die de aanval begon.

Wie weigert onderscheid te maken tussen de bully en het slachtoffer, beschermt uiteindelijk altijd de bully.

Reacties