Rechts verkoopt uitstel als draagkracht: ‘Dán lossen wij het nu echt op’

Bryan Dijkhuizen 4 jun 2026, 

Begin vorige eeuw nam Nederland een aantal besluiten die het land blijvend veranderden.

De Leerplichtwet, de Woningwet, sociale verzekeringen en de uitbreiding van het kiesrecht bijvoorbeeld. Deze wetten waren niet perfect, maar ze hadden wel iets wat de Nederlandse politiek nu vaak mist: het besef dat een samenleving niet vanzelf eerlijker, slimmer of leefbaarder wordt.

Daarvoor moet je instituties bouwen.

Dat is waar rechtse beleidsmakers na decennia regeren op afgerekend moeten worden. Niet alleen op hardheid. Niet alleen op ongelijkheid.

Maar op besluiteloosheid. Op de woningmarkt die is vastgelopen. Op publieke diensten die eerst worden uitgekleed en daarna incompetent worden genoemd.

Aan de markt overlaten

Op de politieke reflex om elk groot probleem eerst kleiner te praten, dan ingewikkelder te maken, en het uiteindelijk aan de markt over te laten.

En toch klinkt van rechts telkens dezelfde belofte: geef ons nog één keer de macht, dan lossen wij het nu écht op.

Alsof ze de afgelopen decennia vanaf de zijlijn hebben staan toekijken. Alsof de woningnood, de vastgelopen migratieketen, de uitgeholde publieke sector en het wantrouwen in de overheid allemaal zijn ontstaan in een land dat heimelijk door links werd bestuurd.

Maar rechts voert campagne alsof het oppositie voert tegen een land dat het zelf heeft bestuurd.

Die houding is politiek handig, omdat ze verantwoordelijkheid verandert in belofte.

Elk probleem wordt gepresenteerd als iets wat nog opgelost moet worden zodra rechts eindelijk genoeg ruimte krijgt, nooit als iets wat mede is ontstaan door keuzes die al jarenlang zijn gemaakt.

Linkse naïviteit

Zo blijft rechts tegelijk bestuurder en buitenstaander. Aan de macht wanneer er successen te claimen zijn, in de oppositie zodra er verantwoording moet worden afgelegd.

Vooral bij immigratie is dat patroon zichtbaar. Rechts spreekt erover alsof Nederland decennialang is gegijzeld door linkse naïviteit. Alsof grenzen, procedures en uitvoering zijn verwaarloosd door mensen die te goedgelovig waren om problemen te benoemen. Maar wie heeft er dan al die jaren geregeerd? Wie heeft de uitvoeringsorganisaties laten vastlopen?

Wie heeft telkens gekozen voor symboolpolitiek boven bestuurlijke capaciteit?

Dat betekent niet dat immigratie geen ingewikkeld onderwerp is, of dat zorgen daarover automatisch onredelijk zijn. Juist niet. Procedures die vastlopen, opvang die piept en kraakt en gemeenten die overvraagd worden, zijn echte problemen.

Maar echte problemen vragen om bestuur, niet om het eindeloos herhalen van dezelfde slogans. Wie al jaren zegt grip te willen, moet ook kunnen uitleggen waarom die grip er nog steeds niet is.

Het is te makkelijk om elk probleem ‘links beleid’ te noemen zodra het ingewikkeld wordt, en vervolgens opnieuw macht te vragen om de gevolgen van je eigen bestuur te repareren.

Dat is misschien wel de kern van de politieke middelmatigheid waarin Nederland is beland. Niet dat er geen problemen zijn, maar dat dezelfde partijen die ze jarenlang hebben laten groeien, zich nu presenteren als buitenstaanders die eindelijk orde komen scheppen.

Niet terug naar vroeger

Ze hebben de taal van daadkracht geclaimd, maar leveren vooral de praktijk van uitstel. Streng in toon, slap in uitvoering. Hard tegen mensen, voorzichtig tegenover systemen. Altijd bereid om een zondebok aan te wijzen, zelden bereid om de instituties te bouwen die een probleem daadwerkelijk kleiner maken.

De les uit die oude sociale wetten is niet dat Nederland terug moet naar vroeger.

De les is dat vooruitgang zelden ontstaat uit voorzichtig beheer. Iemand moet besluiten dat kinderen onderwijs verdienen, dat wonen meer is dan een verdienmodel, dat bestaanszekerheid geen gunst is en dat een overheid niet alleen moet controleren, maar ook moet dragen.

Misschien is dat wat de Nederlandse politiek opnieuw nodig heeft: minder theater van daadkracht en meer vermogen om iets te bouwen. Minder bestuurders die elk probleem herleiden tot schuld, migratie of regels, en meer politici die de moed hebben om instituties te versterken voordat ze instorten.

Want uiteindelijk is dat de echte tegenstelling. Niet links tegenover rechts, maar bouwen tegenover uitstellen. En op die tegenstelling heeft rechts na decennia regeren opvallend weinig te zeggen.

Reacties