Welke oorlog is legitiem?

Metin Yazarel 2 apr 2026

De guerrillastrijd waarbij men een bom om zich heen bindt en zichzelf als zelfmoordterrorist opblaast? Of de oorlog van staten die met tanks en geweren duizenden van diezelfde bommen op mensen afvuren? De eerste wordt terrorist genoemd, de tweede staatsterrorisme of bezetter. In werkelijkheid doden beide onschuldige mensen.

Behalve legitieme zelfverdediging om het eigen land en de grenzen te beschermen, welke logica maakt staatsterrorisme legitiem, zoals bij de aanvallen op Oekraïne, Syrië, Palestina en Iran, waarbij landen als de VS-Israël-alliantie en Rusland in naam van vrijheid en democratie met tanks en geweren bommen op onschuldige burgers laten regenen?

Praten over de legitimiteit van oorlog is eigenlijk een confrontatie van de mensheid met haar eigen geweten. Vandaag zien we in verschillende delen van de wereld vergelijkbare taferelen. Aan de ene kant een mens die een bom aan zijn lichaam vastbindt en zichzelf opblaast, aan de andere kant een staatsapparaat dat op een knop drukt en kilometers verderop de dood laat regenen. Beide richten zich uiteindelijk op onschuldige burgers. Beide vernietigen het kind van een moeder, de toekomst van een kind, de vrede van een samenleving. Maar welke is legitiem?

Onmiddellijk effect

De eerste noemen we een ’terrorist’. Omdat de methode wreed is, het beeld schokkend en het effect onmiddellijk. De tweede noemen we meestal ‘operatie’, ‘interventie’ of ‘veiligheidsmaatregel’. Omdat het door een staat wordt uitgevoerd. Die staat heeft een uniform, een vlag en een diplomatieke taal. Maar we kunnen niet voorbijgaan aan de volgende vraag: rechtvaardigt de identiteit van degene die doodt de daad van het doden?

Het internationale systeem is al lange tijd gebaseerd op deze dubbele moraal. Wat de sterke doet, wordt bestempeld als ‘legitieme zelfverdediging’, wat de zwakke doet als ’terrorisme’. Maar vanuit moreel oogpunt is elke actie die zich tegen burgers richt even onrechtmatig. Of het nu door een organisatie wordt gedaan, of door een staat.

Natuurlijk bestaat het recht op zelfverdediging. Geen enkele samenleving hoeft zichzelf weerloos achter te laten. Dit recht betekent echter niet dat er onbeperkt geweld mag worden gebruikt. Er zijn duidelijke grenzen: evenredigheid, onderscheid en noodzaak. Wanneer deze grenzen worden overschreden, is er geen sprake meer van verdediging, maar van iets anders. Of je het nu vrijheid noemt of terrorismebestrijding, het resultaat blijft hetzelfde.

Kloof duidelijker

Als we kijken naar wat er vandaag de dag gebeurt in Oekraïne, Syrië, Palestina en Iran, wordt de kloof tussen retoriek en realiteit nog duidelijker. Retoriek over democratie en vrijheid wordt vaak de verpakking van strategische belangen. En onder die verpakking liggen weer de levenloze lichamen van burgers.

De naakte waarheid is deze: geen enkele oorlog die onschuldige mensen doodt, is legitiem. Geen ideologie, geen vlag en geen staatsredenering kan deze waarheid veranderen. Legitimiteit staat niet aan de kant van de macht, maar aan de kant van gerechtigheid.

En misschien is dit wel de kern van de zaak. We discussiëren nog steeds over wie gelijk heeft. Maar moeten we ons niet eerst afvragen wie menselijk blijft?

Reacties