‘Hard voor weinig, nooit chagrijnig’
Al jaren roep ik trots: ‘Ik werk hard voor weinig, maar nooit chagrijnig.’ Nu ben ik nog steeds van de Rotterdamse ‘niet lullen maar poetsen’-mentaliteit, maar op een gegeven moment kom je op een punt in je leven, dat je het zat bent om respectloos behandeld te worden.
‘Hij bedoelde het niet zo’. ‘Je moet erboven staan’. ‘Je bent te emotioneel,’ is wat je te horen krijgt, als je grenzen stelt en gekwetst bent. De omgeving labelt dat als ‘lastig’, ‘dramatisch’ en ‘slachtoffergedrag’. Nou, ik heb goed nieuws voor jullie: vanaf nu laat ik mij niet meer vertellen wat ik mag voelen.
Pijn is pijn. Genoeg is genoeg. Ik hou me niet meer in. Als je mij ‘respectloos’ behandelt, neem ik je helemaal mee terug naar ‘de ballenbak’. Op jouw level ga ik het met je uitvechten, zodat ik zeker weet dat je snapt dat je mij met respect moet behandelen.
En als jouw disrespect luid is, dan is mijn reactie nog luider. Woedend was ik, totdat er op Valentijnsdag een liefdesbrief in mijn brievenbus lag. Een echte handgeschreven liefdesbrief met hartjes en alles. Ik ontvang normaal nooit brieven, behalve dan van de Belastingdienst. Maar deze brief was anders, zo lief en warm. Daarom heb ik zelf ook een liefdesbrief geschreven voor iemand die ook wel wat extra liefde kan gebruiken.
“Lieve Nathalie,
Deze brief is voor jou, omdat ik veel van je hou en omdat ik heel erg trots ben op jou. Superstoer vind ik het, dat het jou gelukt is om ‘een plaats aan de tafel van de macht’ te veroveren. Je hebt laten zien dat je het met talent, doorzettingsvermogen en veerkracht, heel ver kunt schoppen. Je kreeg te maken met unieke, structurele obstakels, vaak omschreven als een combinatie van racisme en seksisme, ofwel intersectionaliteit. Structurele obstakels die jij met je mee hebt gedragen, al die jaren.
Wat jou is overkomen is heel erg herkenbaar. Wij weten dat de weg naar de top voor vrouwen van kleur vaak gepaard gaat met obstakels die onzichtbaar zijn voor anderen. Het vereist vaak twee keer zoveel inzet voor de helft van de erkenning. Wij moeten navigeren door vooroordelen, micro-agressies trotseren en tegelijkertijd uitblinken in ons vakgebied.
Daarnaast kunnen schadelijke stereotypen, zoals het labelen als ‘te boos’, ‘te emotioneel’ of ‘te moeilijk’, onze professionaliteit ondermijnen. Wij worden vaak geconfronteerd met een loonkloof, ervaren vaker discriminatie bij werving en selectie en worden extra gecontroleerd op onze prestaties.
Wij vrouwen van kleur worden vaker overgeslagen voor promotie naar een hogere functie, ondanks onze kwalificaties. Op de werkvloer krijgen wij vaak te maken met subtiele vormen van discriminatie, zoals het negeren van ideeën, of opmerkingen over ons uiterlijk en haar. En toch zijn wij nodig, waardevol en onmisbaar aan de top, omdat representatie belangrijk is, want wat je niet ziet, kun je ook niet worden.
Lieve Nathalie van Berkel, je bent dan weliswaar geen staatssecretaris of Tweede Kamerlid meer, maar je bent en blijft een rolmodel voor heel veel jonge meiden van kleur.
Een dikke brasa van mij voor jou, het ga je goed!”
Debora Fernald (Statenlid Provincie Zuid-Holland, Doe STOER)