De strategische leugen van Joran
In de zaak rond Joran van der Sloot is jarenlang vooral vastgesteld dát hij loog, met name door het gebruik van een valse naam. Die constatering werd echter zelden gevolgd door de belangrijkere vraag: waaróm loog hij op dat specifieke moment? Juist het motief achter de leugen had richting kunnen geven aan waarheidsvinding.
Veel journalisten kozen ervoor Joran te typeren als pathologische leugenaar. Daarmee werd zijn gedrag gepresenteerd als willekeurig en karakterologisch. Peter R. de Vries hanteerde een andere benadering: hij beschouwde Jorans leugens als functioneel en strategisch. Niet de leugen zelf stond centraal, maar wat die leugen moest afdekken.
Als Joran een valse naam gebruikt, is dat niet alleen misleiding. Het roept de vraag op of hij daarmee iemand anders beschermt. In dat licht krijgt het hardnekkige zwijgen over een mogelijke helper een andere betekenis. De weigering om een naam te noemen — in het bijzonder die van zijn vader — lijkt geen detail, maar de kern van het dossier. De leugen fungeert dan als schild: verantwoordelijkheid wordt erkend zonder de beschermde persoon prijs te geven.
Opvallend is dat Joran dit zwijgen volhoudt, zelfs wanneer dat hem persoonlijk nauwelijks voordeel meer oplevert. Dat wijst niet op impulsief liegen, maar op een diepgewortelde controlebehoefte. Voor Joran is informatie macht. Zolang hij de enige is die het volledige verhaal kent, behoudt hij regie over het narratief.
In dat kader is ook zijn zelfmoordpoging relevant, niet sensationeel maar analytisch. Zo’n poging kan duiden op een moment van psychisch controleverlies. Voor iemand die zijn identiteit heeft opgebouwd rond manipulatie en dominantie over het verhaal, vormt dat een existentiële crisis. Paradoxaal genoeg leidt dit vaak niet tot openheid, maar tot een versterking van het laatste machtsmiddel dat resteert: zwijgen.
De journalistieke misser in deze zaak is dat velen probeerden Joran te ontmaskeren, terwijl Peter R. de Vries hem probeerde te begrijpen. Ontmaskeren levert morele overwinning en mediapunten op; begrijpen vergt geduld en het verdragen van onzekerheid, maar biedt een grotere kans op inzicht.
De kernvraag had daarom niet moeten zijn of Joran liegt — dat staat vast — maar waarom hij op specifieke momenten liegt, en wie hij daarmee beschermt. Juist die vraag is te vaak vermeden.