Samen
Ik vind het heerlijk om goed nieuws te brengen. Te vaak zag ik rauw en bruut verdriet. Iets positiefs mogen overbrengen is fantastisch.
Soms zijn wensplekken zeldzaam en een plek voor ‘fijn samen’ nog lastiger te vinden. Als die langskomt is dat mooi. Ik voelde een kriebel in mijn eigen buik toen ik de telefoon pakte om de boodschap bij hun dochter af te leveren. Want ik weet wat mijn woorden aan impact teweegbrengen.
Want hoe mooi die plek voor ‘fijn samen’ is, het betekent tegelijkertijd ook veel afscheid nemen. Afscheid van die plek die soms al erg lang een thuis is. Waar kinderen en kleinkinderen joelend door de kamers hebben gerend. Waar elke vlek en scheur een eigen verhaal heeft.
Het is afscheid nemen van spulletjes die niet mee kunnen, van dat gezellige buurtje, van zoveel meer dan het op het eerste oog lijkt. Ook al weet je van binnen allang dat het niet meer gaat thuis, dat teveel niet meer lukt omdat je lijf kraakt en piept en dat gevoel van veiligheid steeds verder afneemt. Ondanks dat is verhuizen enorm.
Elk woord raak
De ontroering van hun dochter klinkt oorverdovend door de telefoon. Er is stilte en tranen. Ik ben ook stil en laat haar op adem komen. Het gesprek dat volgt is wonderschoon en elk woord is raak. Alles wordt besproken. Opluchting en verdriet gaan hand in hand.
„Ik ratel”, zegt ze verontschuldigend. Ik druk haar op het hart dat het begrijpelijk is.
„Bel straks rustig nog even terug als je toch nog vragen hebt die je nu niet gesteld heb”, zeg ik. „Het is veel wat er nu door je hoofd spookt.”
Ze bedankt me. Meermaals. Onnodig, natuurlijk, maar ik realiseer me weer eens hoe fijn het is om hulp te krijgen als je het zelf even niet meer weet.