Kansloze kerst-shortbread

M. Lanen-de Vries 16 dec 2025

Mijn man kwam verlaat thuis na een kerstborrel, met een curver-kist in z’n handen.

„Goh, je kerstpakket?”, vroeg ik, wetende dat die dingen gewoonlijk in een kartonnen doos worden verstrekt.

„Ja, en een paar röntgenbuizen”, verklaarde hij daarop. Niet een antwoord dat je snel verwacht.

Bij de mijne dan weer wel – hij werkt met studenten die dergelijke materie dienen te begrijpen – maar het waarom van röntgenbuizen in ons eigen huis verbaasde me.

Ik had meer aan kerstlichtjes, gezien de tijd van het jaar. De boom paradeerde vrolijk met z’n kerstkransjes in m’n gezicht, de ballen schudden gezellig mee (ja, pun intended; wat denkt U nou??).

Bovenop vond ik evenwel een schaal terug die ik herkende.

Ongelukje

„Ja, nog met de complimenten van een collega”, wist hij me te vertellen, „ze vond je shortbread echt fantastisch en wil graag het recept!” Ik keek ‘m hoogst verbaasd aan.

Mijn ‘recepten’ zijn altijd een beetje een ongelukje. Ik doe niet aan nauwkeurig afmeten in de regel. De kookwekker kan van mij het heen en weer krijgen (ik hou niet van gepiep, ik kijk heus wel op de klok, maar niet altijd op tijd nóg een keer, dat heeft me al een portie zwart geblakerde koekjes opgeleverd, omdat ik het tussendoor spontaan nodig vond om een dakgoot bladervrij te maken – dat werk) en hij had me de dag ervoor tussen neus en lippen door, op Twitter scrollend, gevraagd of ik shortbread vóór morgen kon maken.

„Huh? Ja hoor”, antwoordde ik, toen ik me realiseerde dat ik de ingrediënten daarvoor inderdaad in huis had.

Uit het hoofd

„Oh mooi, dan wordt dat de eerste keer dat ik ook een bijdrage aan de kerstborrel lever”, concludeerde hij.

Mijn laptop lag niet in de buurt. Te lui om te pakken. Nu moest het uit m’n hoofd. Op de gok de benodigde meel, boter en suiker bij elkaar harken. Mijn principe is dat ‘als het eruit ziet als 100 gram’, het dat ook wel zal zijn.

Nee ik ben geen meesterbrein in wiskunde. Noch handig in de keuken.

Enfin, toen de eerste laag eenmaal in de oven stond, bedacht ik me op dát moment ineens: ‘Oh wacht, had er geen ei in gemoeten?’ Gevolgd door: ‘Stik, hoeveel boter moest er ook alweer in?’, en daarna: ‘Huh? Er hoort toch geen wáter op te blijven staan?!’

Dat was mijn shortbread. Kansloos, maar wel lekker. Kennelijk.

Reacties