Waarom rechts milieubeleid faalt
Rechtse partijen presenteren zich graag als voorstanders van duurzaamheid, zolang dit winstbejag en belangen van aandeelhouders maar niet in de weg zit. Demissionair minister Hermans (VVD) is daar een treffend voorbeeld van. Haar beleid blijft steken in symbolische maatregelen, terwijl de oorzaken van de ecologische crisis en de belangen van vervuilende sectoren onaangetast blijven.
Milieu-misleiding
Honderden producten van Unilever zijn onder de loep genomen en op meer dan de helft staan onjuiste of misleidende duurzaamheidsclaims vermeld. Blijkbaar is die misleiding toegestaan. Nederland subsidieert fossiele energie met € 4,5 miljard per jaar, terwijl de uitstoot van broeikasgassen amper daalt. Het stikstofbeleid is een schoolvoorbeeld van uitstelpolitiek: in plaats van de veestapel te verkleinen, kiest de regering voor dure onbewezen technische oplossingen die het probleem van de te hoge uitstoot maskeren.
Radicale verandering nodig
Echte duurzaamheid vraagt om een fundamentele breuk met het huidige economische model. Investeringen in circulaire economie, openbaar vervoer en energiebesparing vormen daarbij de kern. Uit een VN-rapport (2022) blijkt dat juist een groene economie bijdraagt aan welvaart én kwaliteit van leven. Rechts blijft echter vasthouden aan de illusie dat marktwerking en technologie het klimaat redden, zonder de effecten van grote vervuilers op het milieu te beperken. De planeet heeft geen behoefte aan holle frasen. Het is tijd voor een sociaal-economisch beleid dat ecologische grenzen respecteert en de bijbehorende financiële lasten eerlijk verdeelt. Bij de komende verkiezingen ligt de keuze voor een groen en sociaal Nederland in onze handen.