In een rijtuigje

Anouscka Brabers 27 jun 2025

Mijn man zit naast mij in de auto aan de bestuurderskant en kijkt mij aan met een ‘shark look‘. Hij ergert zich rot aan de airco of eigenlijk aan mij.

We zijn het wel vaker oneens, maar gebeurt dit thuis dan kunnen we even ieder onze weg gaan. Er is dan geen noodzaak om een conflict zo snel mogelijk op te lossen.

Onze autoritjes samen zijn een ander verhaal. Over het algemeen wel gemoedelijk maar zodra het gaat over de stand van de verwarming of de koele luchttoevoer breekt de pleuris uit. De airco brengt het slechtste in ons boven en dat gebeurt al jaren elke keer weer.

Misprijzend

Wanneer ik instap bij warm weer, gaat de airco voluit en wil ik het graag zo snel mogelijk ijskoud hebben. Mijn man zet de airco dan meteen terug naar een lagere stand. Hij denkt dat ik dat niet doorheb, maar ik grijp meteen in. Ik ontplof, kijk hem misprijzend aan en vraag hem geïrriteerd waarom „hij eraan zit”. Zijn vaste reactie is dan dat hij mij gaat uitleggen dat het zinloos is om hem op de hoogste stand te zetten, want het zou dan even lang duren om te koelen als wanneer ik hem een tandje lager zet. In de winter zegt hij hetzelfde over de verwarming.

Ik geloof daar helemaal niks van. Hij kan slecht tegen brommende en blazende geluiden en deze ergernis gaat bij hem voor het te warm of te koud hebben.

Winnen

De knop van de auto heeft het inmiddels zwaar te verduren. We hebben een waar ‘knoppengevecht’, dat wordt beslecht door degene die rijdt uiteindelijk het dashboard te laten bedienen. Een heel kinderachtig afspraakje, daar ben ik mij van bewust, maar we willen allebei graag winnen.

Nadat de storm is gaan liggen en een oorverdovende stilte de situatie heeft overgenomen, spreid ik kalm een theedoek over mijn schoot uit en ga ik met een bakje fruit dat ik onderweg schil op schoot zitten. Ik kijk hem van opzij aan en duw hem partjes appel en mandarijn in zijn mond alsof er nooit iets gebeurd is.

Reacties