Sorry voor je lange tenen (maar eigenlijk helemaal niet)
Ik bied geen excuses aan. Niet voor wat ik zei, niet voor wat jij dacht dat ik zei, en zeker niet voor het feit dat jij je gekwetst voelt omdat mijn woorden je fragiele wereldbeeld hebben gekraakt. Je tenen zijn te lang, je ego te breekbaar, en mijn geduld met de hele excuses-industrie is op.
We leven in een tijd waarin je sorry moet zeggen voor alles. Sorry dat ik ademhaal. Sorry dat ik ben wie ik ben. Sorry voor de airco die te koud is, voor de zon die te fel schijnt of voor het feit dat je koffie koud is. „Zeg toch gewoon sorry, dan is alles weer goed!” Als ik een sorry-fabriek was, had ik wel aandelen gehad.
Uitingen van intimiteit
Laat me je meenemen naar mijn ultieme excuusexperience: ruim een jaar geleden liet ik op kantoor een foto van mijn vriendje zien. Gewoon een foto. Hij zat op een randje, niks bijzonders. Maar blijkbaar was dit een schokkend evenement. HR aan mijn bureau. „Niet iedereen voelt zich comfortabel bij uitingen van intimiteit.” Intimiteit? De vorige keer dat iemand zich zo ongemakkelijk voelde bij menselijke interactie was in de Middeleeuwen, toen mensen elkaar niet aankeken uit angst voor de pest.
En die keer dat ik op het werk zei dat iemand „een olifant in de kamer negeerde”? Stilte. Iedereen keek alsof ik net de Dalai Lama had beledigd. „We spreken niet over lichaamsvormen hier”, zei iemand serieus. HR stond binnen tien minuten voor mijn neus. Een olifant! Geen collega, een metafoor! Maar blijkbaar zijn zelfs denkbeeldige beesten nu aanstootgevend.
Kleur van je sokken
Dit is de maatschappij waarin we leven: een wereld waar je niet alleen excuses moet aanbieden voor wat je zegt, maar ook voor de kleur van je sokken als iemand zich daar ongemakkelijk door voelt. De nieuwe moraal is dat je alles moet afwegen. Je kunt niet eens „goedemorgen” zeggen zonder dat iemand zich gediscrimineerd voelt omdat het ‘misschien’ niet de juiste ochtendgroet is voor hun gevoeligheden.
We zijn zo ver gekomen dat we niet eens meer weten wat een echte fout is. We zitten in een eindeloze lus van ‘sorry zeggen voor iets wat je niet bedoelde’ tot we volledig uitgedroogd zijn van de verontschuldigingen. En als je denkt dat je het nu wel goed hebt gedaan, wacht maar. Wat wordt het de volgende keer? Sorry voor mijn schaduw?
Als dit je gekwetst heeft: mooi zo. Zoek therapie, neem een kalmeringsmiddel of schrijf een boze brief aan iemand die het wél interesseert. Maar laat mij erbuiten. Sorry? Dacht het niet.