Voer voor psychologen

Annemiek Wassenburg 18 feb 2025

Hoe krijg je contact? Appen maar, tinderen maar. Maar gebeld wordt er steeds minder en de berichtjes die je krijgt, zijn ongenuanceerd, in veelvuldig afgekorte standaardtaal. Contact mag geen tijd meer kosten en vooral niet te dichtbij komen. Geen bloemen, geen bezoek.

Nou ja, soms wel. Soms is de omgeving zo dwingend dat je wel contact moet hebben. Meestal gaat het dan over zaken die zo absurd zijn dat je er geen raad mee weet. Net als bij die UFO’s wordt dat een close encounter of the first kind. Hoe praat je met mensen waar je niks van snapt? Ik dacht altijd dat ik dat best kon maar dat had ik dus mis.

Bij de brillenboer.

De bril moest worden gerepareerd; een poot was verbogen en zat los. Dat krijg je, als je erop bent gaan zitten. Het was druk in de winkel; naast wat vage kennissen nog andere lui die om een praatje verlegen zaten. Gezellig. Toen kwam een jonge vrouw in dikke winterjas naar binnen, gevolgd door een oude in een badpak. En dat was geen drukfout. Het was een echt badpak, gemaakt van zwart wit gestippelde stof. Gecompleteerd door dunne schouderbandjes en een hooggesneden broekje. Het blote vel was blauw van de kou. Heel gewoon, middenin de winter. Maar de aanblik was zo absurd dat woorden tekort schoten, het leek wel een klucht.

Er werden hulpeloze bikken geworpen op de jonge vrouw, de dochter waarschijnlijk. Vond zij het niet gek? Maar ze keek neutraal, dus daar had je ook niks aan. De badpakmevrouw daarentegen, wist van de prins geen kwaad. Ze zat breedgeschouderd, struise armen over een struise borstpartij, de dikke dijen gespreid en met en gezicht van ‘Heb ik wat gemist?’ Maar ze glimlachte erbij, dus zelfs boos worden zat er niet in voor haar toeschouwers. Dochter zei iets en zij zei ja. Dat klonk donker en hard, eigenlijk net als een vent. Ook dat nog. Moest je nou mevrouw of meneer of trans zeggen?

De wachtenden kozen de veilige weg. Ze zeiden niks en keken opvallend vaak naar het plafond. Daar konden de blikken nergens tegenop botsen. Zelfs de winkelmedewerkers keken of ze niks zagen en dat is eigenlijk wel gek in een brillenwinkel. Niet bepaald een goeie reclame dus.

Ssst

Aarzelend kwamen de prietpraatjes op gang. Het ging het over van alles, maar niet, eh- daarover. En toen de stilte te zwaar werd, kwam die ene opmerking die mensen altijd maken als ze niks beters weten: ‘Mooi weer vandaag, hè?’ Maar zelfs dat sloeg nergens op. Want het begon net te sneeuwen en de mensen op straat trokken hun nekken in. De badpakkenmens glimlachte en baste tegen de mens tegenover haar: ‘Wat heeft u mooie schoenen aan.

’ De aangesprokene slikte even en beet toen door de zure appel heen: ‘Die badslippers van u zijn ook best leuk.’  Badpakmens bedankte voor het compliment. Heel gewoon. Maar de gewonekleren-mensen met gewone stemmen schuifelden onbehaaglijk op hun stoelen en hoopten vurig dat ze gauw aan de beurt zouden zijn. Dan konden ze gewoon met goed fatsoen de aftocht blazen.

Voer voor psychologen. Rare hersenen hebben we. Als er niks te vechten of te vluchten valt, weten we niet hoe we moeten blijven. En wat is gewoon eigenlijk?

Reacties