Steeds weer

Cynthia Poen-Stam 20 feb 2025

Het adres waar ik die nacht ga waken, ligt aan een pleintje. Een kerk, een bruine kroeg en een knusse bistro staan er gebroederlijk zij aan zij. Een fietsenrek, met lukraak gestalde fietsen, staat onder de imposante eik. Het bankje ernaast oogt nieuw.

Ik steek het pleintje over en loop naar het restaurant op de hoek.

Tijdens alle jaren dat ik waakzorg verleende reed ik vaak overdag even op en neer naar het adres waar ik die avond moest zijn. Die eerste keer heb ik me een slag in de rondte gezocht. In een onbekende buurt in het pikkedonker en in de stromende regen een adres zoeken is niet fijn.

En Google Maps bestond toen nog niet.

Lachende gezichten

Ik bel aan bij de houten zijdeur, binnen in het restaurant zit het vol. Er wordt vrolijk geklonken met gevulde glazen, door de ramen zie ik lachende gezichten. Hij woont erboven, in een soort loft, al sinds hij het restaurant overnam. Zijn drie kinderen zijn twintigers, zijn vrouw woont al een jaar of vijf ergens anders en heet ex inmiddels.

Het restaurant was vooral zijn grote liefde.

Eenmaal boven stel ik me voor, leg de telefoonnummers van zijn kinderen naast de telefoon en vraag naar zijn wensen. Een van zijn zoons komt de volgende ochtend vroeg terug om mij af te lossen. Naast het bed, dat in een soort nis staat, ligt een dik boek op een nachtkastje. Ik glimlach inwendig, deze meneer is een lezer.

Genoeg geprikt

Als de kinderen naar hun eigen huis zijn om wat te slapen, vraagt hij of ik hem wil voorlezen. Hij wil verder niets, geen polonaise meer aan zijn lijf.

„Daar is al genoeg in geprikt en gesneden”, zegt hij.

Vier nachten zit ik aan zijn bed. Hij heeft de regie. Alles gaat op verzoek. Wisselligging, wat opfrissen en pijnmedicatie. Zijn huisarts is te allen tijde oproepbaar. De sfeer is intiem, zoals eigenlijk meestal het geval is als iemands einde nadert. Hij berust in het onvermijdelijke.

„Ik heb de afgelopen weken elke dag gehuild, mijn tranen zijn nu wel op”, zegt hij. Hij vertelt over zijn leven, over zijn prachtige kinderen en zijn restaurant. Het was zijn grote passie. Mooie menu’s bedenken en zijn gasten in de watten leggen. En wat had hij zijn kinderen graag zien trouwen. De laatste jaren fantaseerde hij over opa worden en voor die kleinkinderen ging hij tijd maken. Meer dan voor zijn eigen kroost.

De dood kwam sneller en haalde zijn dromen in.

In je uppie

Hij vraagt of ik na mijn vrije weekend weer terugkom. Ik kom graag terug. Om voor hem te zorgen, voor te lezen, te luisteren naar zijn verhalen.

Maandagavond om tien uur gaat mijn telefoon. Hij is in alle rust overleden in het bijzijn van zijn kinderen.

Ik slik even. Voor zorgverleners is het ook een schakelmoment, dat afscheid nemen, elke week opnieuw. In je uppie. Dat vond ik soms best moeilijk.

Reacties