Het gesprek

Wat zet school shooters aan tot hun gruweldaden?

Scholieren rouwen in het Duitse Winnenden waar een schietpartij plaatsvond. Foto: AFP

Foto van 'Sofie Smulders'

7 NOV 2017

Wat bezielt iemand die het vuur opent op onschuldige mensen in een school, een kerk of een andere openbare gelegenheid? Van de dader wordt vaak het beeld geschetst dat het een persoon is met psychiatrische problemen of met een verleden waarin geweld centraal staat. Dit beeld klopt niet, zegt promovenda Birgit Pfeifer, die vrijdag haar proefschrift School shootings - Existential concerns and implicit religion aan de Vrije Universiteit Amsterdam verdedigt. „Het zijn stuk voor stuk jonge mensen die worstelen met levensvragen."

Eric Harris was één van de schutters op Columbine High School

„Ik wil beginnen door te zeggen dat de ‘school shooters’ heel verschillend zijn. Het algemene beeld dat het allemaal einzelgängers en weirdo’s zijn, klopt niet. De een was populair met veel vrienden, de ander heeft gescheiden ouders en weer een ander komt uit juist een heel warm gezin.” ‘Je moet naar ze luisteren’, zei Marilyn Manson in de documentaire Bowling For Columbine tegen Michael Moore. De zanger werd ervan beticht de daders van de Columbine High School-schietpartij met zijn muziek geïnspireerd te hebben. Pfeifer deed juist dat: luisteren. „Ik zag dat er nog geen analyse gedaan was van de teksten die de daders achterlieten en wilde weten: wat zeggen ze nu eigenlijk?”

Levensvragen

Pfeifer spitte duizenden pagina’s van dagboeken, afscheidsbrieven en notities van school shooters (bijvoorbeeld de daders van de shooting op Columbine High School) en lone wolves (bijvoorbeeld Anders Breivik) door. „Wat ik heb opgemerkt is dat ze stuk voor stuk worstelen met levensvragen. Ze maken hun eigen verhalen, waarin zij de helden zijn. Sommigen noemen zich God en praten zichzelf aan dat ze het recht hebben te beslissen over wie mag leven en wie moet sterven. Ze zijn onoverwinnelijk en onsterfelijk.” Daarnaast constateerde Pfeifer dat de daders allemaal de sterke behoefte hebben hun werkwijze te delen. Ook zien ze zichzelf als een martelaar die zich opoffert voor de strijd tegen het kwaad. Deze drie elementen, respectievelijk de transcendente ervaring, het delen van rituelen en het creëren van een mythe, zijn ook kenmerken van traditionele godsdiensten. De shooters bedenken als het ware hun eigen impliciete religie.

Anders Breivik

Pfeifer keek naar de berichtgeving over school shootings in de media vanaf 1999 en ontdekte hierin een clichébeeld: „Er wordt vrij snel iets geconcludeerd over die jongens, wat overigens heel begrijpelijk is. ‘Die gaat in een school staan schieten, die moet wel gek zijn’. Maar hier speelt juist die existentiële crisis een rol.” Uit een groot onderzoek van de Amerikaanse overheid blijkt dat slechts 17 procent van de studenten vóór hun daad gediagnosticeerd werd met een psychiatrische aandoening. Wanneer zo’n onderzoek na de daad werd uitgevoerd, bleek dat een dergelijke diagnose in de helft van de gevallen werd geconstateerd. Pfeifer pleit voor een zorgvuldige omgang met berichtgeving over schietpartijen en hun daders. Niet alleen kan de wereldwijde aandacht aanzetten tot kopieergedrag, ook draagt het bij aan het vergroten van onze angst.

Ook in Nederland

De meeste gevallen waar Pfeifer haar licht op scheen, vonden plaats in de VS. De rest van de casussen is afkomstig uit Frankrijk, Finland en Duitsland. „Natuurlijk”, antwoordt Pfeifer op de vraag of zoiets ook in Nederland kan gebeuren. Denk hierbij aan Tristan van der V., die in 2011 zes mensen en zichzelf om het leven bracht bij een schietpartij in Alphen aan den Rijn. Helaas heeft Pfeifer de brief van Van der V. niet kunnen analyseren. „Hij is gediagnosticeerd met een psychische stoornis. Maar los hiervan lijkt wat hij deed heel erg op een school shooting: hij zocht een publieke plek op, maakte willekeurige slachtoffers. Als je de bewakingsbeelden bekijkt, zie je hoe rustig hij is. Bijna gevoelloos.”

De weg naar een school shooting is een soort radicaliseringsproces en ontwikkelt zich geleidelijk, legt Pfeifer uit. „Er gebeuren een aantal dingen in iemands leven, er is niet één aanleiding.” Wat in ieder geval niet meewerkt, is de huidige focus op prestaties. „Ook in Nederland zijn we steeds meer prestatie gedreven. De insteek: ‘als je maar je best doet, kun je alles bereiken wat je wilt.’ De realiteit is echter anders: niet iedereen kan beroemd worden of een belangrijke publieke rol vervullen. Het is belangrijk dat we hiermee in onze opvoeding geconfronteerd worden.”

Omgaan met tegenslagen

Pfeifer refereert naar een recent onderzoek dat uitwijst dat het helemaal niet goed is om je kind te veel te complimenteren. Kinderen moeten ook leren omgaan met tegenslagen. „We moeten jongeren voorbereiden op het echte leven. Iedereen maakt voor- en tegenspoed mee en we worstelen allemaal met levensvragen. Iets wat zeker in de puberteit heel normaal is. Dat betekent dat we meer aandacht moeten besteden aan hoe om te gaan met de worstelingen in het leven”, aldus Pfeifer. Dat hoeven we niet te gieten in een apart vak op school. „Het zit ‘m juist in de communicatie: docenten of ouders moeten jongeren niet alleen prijzen maar soms ook eerlijk confronteren met hun beperktheden."

Foutje gezien? Mail ons, we zijn je dankbaar

LEES OOK


Views

100+

Kinderen zouden vaker buiten moeten spelen

Kinderen zouden vaker buiten moeten spelen

Het aantal kinderen dat elke dag buiten speelt is in vijf jaar drastisch gedaald, blijkt uit onderzoek van Jantje Beton. Foto: Colourbox

Foto van 'Rosan de Vos'

17 APR 2018

Enzo Knol plaatst elke dag om 16:00 uur een nieuwe video op YouTube, STUK TV overdondert je driemaal in de week met populaire filmpjes en met enige regelmaat is er weer een nieuwe game uit voor de pc, tablet of smartphone, waar je urenlang zoet mee bent. Kortom, er is altijd wat te doen. Daar waar (groot)ouders vroeger massaal naar buiten gingen, spelen kinderen nu ook veel binnen.

Het aantal kinderen dat elke dag buiten speelt is in vijf jaar drastisch gedaald. Dat blijkt uit onderzoek van Kantar Public in opdracht van Jantje Beton. Sinds 2013 is het aantal kinderen dat iedere dag buiten speelt gedaald naar 14 procent. 30 procent speelt nooit of maar één keer in de week buiten, vijf jaar geleden speelde nog maar 20 procent van de kinderen zelden buiten. Kortom, van de 1,2 miljoen kinderen op de basisschool zijn er meer dan 1 miljoen kinderen die niet meer dagelijks buiten spelen.

Kinderen zouden vaker buiten moeten spelen.

Buiten spelende kinderen. Foto: Colourbox

Kinderen spelen toch buiten op school?

„Op de basisschool spelen de jongere kinderen wel wat vaker buiten op school, maar op sommige scholen spelen de oudere kinderen slechts een kwartiertje op de speelplaats”, zegt Pauline van der Loo van Jantje Beton tegen Metro. „Het is belangrijk om er in de vrije tijd ook op uit te gaan. Alleen al voor de gezondheid. Het is goed voor de hersenontwikkeling, kinderen worden minder snel dik en ziektes kunnen hierdoor voorkomen worden. Door alleen al buiten te spelen beweeg je al een stuk meer.”

Maar het is nog voor veel meer dingen goed, laat Van der Loo weten. „Kinderen leren om te onderhandelen, om te winnen en te verliezen, ze worden daarnaast creatiever en socialer door met andere kinderen samen te spelen.” Maar waarom gaan ze dan niet naar buiten? Van der Loo: „De keuzemogelijkheid is simpelweg enorm”. Een op de drie kinderen zegt eigenlijk wel vaker buiten te willen spelen. „Een belangrijke barrière is dat ze speelplekken te saai vinden of dat ze te druk zijn met school en hobby’s". Veertig procent van de kinderen speelt dan ook liever binnen.

Ligt dit dan aan de ouders of aan de kinderen?

„Op een tablet spelen hoort natuurlijk ook een beetje bij de ontwikkeling”, aldus Kelly van Erk, pedagoog bij Buitenom. „En dat geeft natuurlijk ook veel voordelen. Het is bijvoorbeeld een handige manier om je kinderen even stil te krijgen.” Maar het is de kunst om er een goede balans in te vinden. „De maatschappij van nu heeft heel veel prikkels. Alleen al Disneyfilms zijn sneller vergeleken met hoe ze vroeger waren. Kinderen zijn van nature avonturiers, en moeten juist zintuigelijke prikkels opdoen. Buiten brengt daarom rust. Al likken ze aan het gras of rollen ze in de modder.”

Kinderen zouden vaker buiten moeten spelen.

Buiten spelende kinderen. Foto: Colourbox

„Acties gaan boven woorden”, aldus opvoedcoach Eline Weijers. „Volwassenen zeggen snel: ‘Ga maar buiten spelen’ en zitten vervolgens zelf op de bank. Kinderen doen wat je doet, niet wat je zegt.” Ouders beseffen volgens Weijers te weinig dat ze hierin een voorbeeldfunctie hebben. „Neem je bijvoorbeeld de fiets of de auto? Ga je in de speeltuin meespelen of zit je op een bankje met je telefoon?"

Ontladen

Moderne technologie hoort natuurlijk een beetje bij de maatschappij, maar buiten spelen is voor kinderen hetzelfde als een rondje hardlopen voor volwassenen. Weijers: „Kinderen moeten ook ontladen van alle prikkels die ze opdoen: opdrachten op school, schermpjes, de drukkere leefomgeving en ouders die gestrest zijn. Buiten spelen helpt hierbij."

Foutje gezien? Mail ons, we zijn je dankbaar

LEES OOK


Views

62

Een wethouder van 21 in Brabant, verstandig of niet? / ANP

Een wethouder van 21 in Brabant, verstandig of niet?

De Raadzaal van de gemeente Den Haag. / ANP

Foto van 'Sarah Sitanala'

11 APR 2018

In de gemeente Sint-Michielsgestel in de provincie Noord-Brabant is geschrokken gereageerd op de benoeming van Peter Raaijmakers (21) als wethouder in het college. Raaijmakers zou met zijn 21 jaar de jongste wethouder ooit worden.

Iemand van 21 zou de verantwoordelijkheid niet aankunnen, en het gebrek aan ervaring spreekt ook niet in zijn voordeel, aldus de Raad. Raaijmakers zelf reageerde laconiek op de kritiek en gaf aan er vertrouwen in te hebben.

Ervaring

„Ervaring heeft niet alles (of weinig) te maken met leeftijd”, zegt bijzonder hoogleraar ontwikkelingspsychologie Judith Dubas aan de Universiteit Utrecht. „Ervaring is natuurlijk een pluspunt, maar nieuw bloed kan dat ook zijn. En vergeet niet dat er ook oudere mensen zonder ervaring in de politiek die worden verkozen, dus dat argument kan ook tegen ze gebruikt worden” aldus Dubas.

Opvoedkundige Marina van der Wal zegt enerzijds de zorgen van de Raad wel te begrijpen, ze wijst hierbij naar hersenonderzoeken waarin werd aangetoond dat getwijfeld kan worden aan het vermogen van adolescenten de gevolgen van hun beslissingen op de lange termijn te overzien.

„Aan de andere kant vind ik het ook wel heel flauw. Ik adviseer de Raad hem een coach, of mentor aan te bieden die ervoor kan zorgen dat hij groeit in zijn functie, als wethouder en als mens.”

Obama en Kurz

Raaijmakers zal niet de eerste zijn die op jonge leeftijd al politiek actief is. Van der Wal wijst op voormalig president Barack Obama die op jonge leeftijd een hulpprogramma opzette voor de katholieke kerk. En hierbij moet ook het Oostenrijkse politieke wonderkind Sebastian Kurz (31) genoemd worden. Kurz werd afgelopen oktober benoemd tot de jongste premier ooit van Oostenrijk.

En hoewel duidelijk is dat dit grote namen zijn op het gebied van het politieke wereldtoneel, is Raaijmakers hier wettelijk gezien net zo capabel voor. Hij is namelijk volgens de wet volwassen, wat hem net zo geschikt maakt voor de baan als ieder ander in de Raad.

Ofschoon er de laatste tijd in de media wel berichten zijn opgedoken waarin het vraagstuk van volwassenheid wordt besproken. Experts gaven aan dat de leeftijd van adolescentie misschien moet worden opgehoogd naar 24 jaar.

Voordeel

Volgens Dubas is het inderdaad mogelijk dat de hersenen van iemand van 21 nog niet volledig ontwikkeld zijn, maar dat betekent absoluut niet dat iemand niet op een rationele manier beslissingen kan nemen. Hij is 21, geen puber.”

Het feit dat hij minder levenservaring heeft, is volgens Dubas misschien wel goed. „Dat hij jong is kan een voordeel zijn. Veel ontwikkelingen komen uit handen van jonge mensen. Hij kan zijn leeftijd misschien in zijn voordeel gebruiken om jongeren positief te beïnvloeden en hun politieke betrokkenheid te vergroten.”

Van der Wal sluit zich hierbij aan. „Als wethouder en als mens gaat deze man met gebrek aan ervaring juist geweldige levenservaring tegemoet. Wat dat betreft boft de raad, want ze zijn waarschijnlijk een van onze toekomstige politici aan het kneden voor de toekomst. En wat ik echt nog even gezegd wil hebben: volwassenen onderschatten jongeren echt veel en veel teveel, dat moet stoppen.”

Foutje gezien? Mail ons, we zijn je dankbaar

LEES OOK


Views

100+

Likeability of 5

Uniek: slaap in een luchtbel in de Keukenhof!

Wil je een keer wakker worden op een plek waar nog (bijna) nooit iemand heeft geslapen? Foto: Booking.com

In samenwerking met Booking.com

17 APR 2018

Zin om een nachtje de bloemetjes buiten te zetten en wil je een keer wakker worden op een plek waar (bijna) nooit iemand heeft geslapen? Mooi, want dat kan. Vanaf deze week kun je in een unieke doorzichtige tent slapen in de Keukenhof.

Nicolette Kluijver sliep dinsdagnacht als allereerste persoon ooit in de Keukenhof in de speciale 'Tulip-Pod'. Maar de originele locatie is niet alleen weggelegd voor de BN'ers onder ons: jij kunt straks ook je geliefde/beste vriendin/moeder verrassen met een speciaal nachtje weg tussen de iconische tulpenvelden.

Stiekem best wel leuk

De Keukenhof? Je denkt misschien dat het een plek is voor ouderen en toeristen. Die toeristen zijn echter zo gek nog niet, want de Keukenhof is stiekem best heel leuk. Wie wordt er niet vrolijk van bloemen? En deze week kun je er dus ook slapen in een buitengewone luchtbeltent.

Tulip-pod Foto: Booking.com

Romantiek & bloemenselfies

Goed, meer over die unieke overnachting. Je ontwaakt tussen de tulpen, middenin de natuur. Het thema van de Keukenhof is dit jaar romantiek. We kunnen je vertellen: met deze overnachting kun je het niet romantischer krijgen.

Booking.com heeft een speciale doorzichtige luchtbel opgesteld met panoramisch uitzicht over de tulpenvelden. Omdat je in de Keukenhof slaapt, kun je ’s ochtends gelijk het park in. Dat is een behoorlijk voordeel: in de ochtend is het een stuk rustiger dan overdag, dus heb je alle tijd om een perfecte bloemenselfie te maken.

Genoeg tijd en plek om leuke foto's te maken! Foto: ANP

Als eerste persoon ooit slapen op de Keukenhof

Presentatrice en reisfanaat Nicolette Kluijver heeft als eerste een nachtje mogen doorbrengen in de bijzondere tent. Als verrassing nam ze haar moeder en oudste dochter Isabelle mee.

Als presentatrice voor '3 Op Reis' is Nicolette al op heel veel verschillende plekken geweest, zo vertelt ze enthousiast. De Keukenhof blijkt echter hoog op het lijstje van gekste plekken ooit te staan: „Ik heb best wel op gekke plekken geslapen. Een keer in een boomhut in Afrika, een keer bij de nomaden in de woestijn... maar ik denk dat deze overnachting wel in de buurt komt inderdaad.”

Ondanks dat Nicolette nu een gezin heeft met drie kinderen vliegt ze het liefst nog de hele wereld over. „Onze laatste vakantie zijn we naar Zanzibar gegaan. We proberen dan altijd unieke plekjes te vinden waar we kunnen watersporten.”

Tip voor de mooiste plek in Europa? „Corsica: dat is echt schitterend en je hebt helemaal niet het gevoel dat je in Europa bent”, aldus de presentatrice.

Nicolette Kluijver sliep als allereerste persoon ooit op de Keukenhof. Foto: Booking.com

Glamping

Hoewel de tent van Booking.com meer weg heeft van een mini-huisje blijft het toch een soort van kamperen, maar dan wel met een comfortabel bed in plaats van een matje. Nicolette vindt dat alleen maar leuk. „Ik ben namelijk helemaal geen luxepoes. Ik heb al even gekeken en ik zag in de tent een koelkastje en koffiezetapparaat staan, dus echt back-to-basic is het niet hoor!”

Waar de presentatrice het liefste voor kiest tijdens hun familievakantie? „Dat is altijd een beetje een strijd bij ons thuis. Joost houdt namelijk wel heel erg van luxe, ik ben er helemaal niet van. Ik voel me dan zelfs een beetje ongemakkelijk. Op vakantie laat ik mijn make-up tas het liefste thuis. Knot op mijn hoofd, bikini aan en gaan! En niet meer hoeven nadenken.”

Ze vervolgt: „Kamperen vind ik heel leuk. Ik heb vorige zomer met mijn oudste dochtertje nog gekampeerd. Gewoon in Nederland hoor. We sliepen toen op een camping gewoon bij de boer; echt te gek!”

De Keukenhof is leuker dan je denkt!

Ook jij kunt straks slapen als een roosje

Een overnachting in de Tulip-pod is perfect voor een uitstapje met je lover, verrassing voor je beste vriendin of leuk als vroeg moederdagcadeau.

Na het inchecken worden gasten begeleid naar de luchtbel, die is uitgerust met alle benodigdheden voor een onvergetelijke en sfeervolle overnachting. Ook heb je toegang tot het gehele park en krijg je een diner aangeboden in een van de restaurants van de Keukenhof. En de volgende ochtend krijg je een ontbijtje.

Wees er wel een beetje snel bij, want er zijn maar drie nachten beschikbaar en ‘wie het eerst komt, wie het eerst maalt'. Boeken kan alleen op 17, 18 en 19 april vanaf 10 uur s’ ochtends voor een overnachting voor twee personen op 20, 21 of 22 april.

Voor de prijs van 69 euro hoef je het ook niet te laten. Dit bedrag staat symbool voor het 69-jarig bestaan van Keukenhof. Een overnachting boeken in de Tulip Pod doe je hier.


love
user_b36acf7bf3fa2ba42fb5109419e560b1944b8c10_avatar

Views

700+

Rookverbod door overheid: betutteling of niet? / ANP

Rookverbod door overheid: betutteling of niet?

Een vrouw rookt in sigaret bij een verbod sticker. / ANP

Foto van 'Sarah Sitanala'

9 APR 2018

Dat roken ongezond is weten we al lang, tot voor kort was het aan een ieder hier rekening mee te houden of niet. Al in 2008 werd het rookverbod voor de horeca ingevoerd, maar dat belette de roker niet veelvuldig gebruik te maken van de aanwezige rookruimten. Afgelopen week besloot het kabinet ook deze ruimten te verbieden.

In navolging hiervan riep de antirookbeweging op dit verbod uit te breiden naar openbare ruimten. Het kabinet maakte vervolgens maandag bekend er naar te streven binnen twee jaar een einde te maken aan rookruimtes in openbare gebouwen.

Zal het rokers helpen?

Uitgangspunt van deze besluitvorming is het door Nederland ondertekende verdrag van de Wereldgezondheidsorganisatie, waarin staat dat overheden het roken niet mogen faciliteren. De vraag is echter of het verbod rokers zal helpen te stoppen met roken, en of de bemoeienis van de overheid niet betuttelend valt te noemen?

Gershon (18) uit Woudenberg denkt van niet. „Ik denk dat je door de rookruimten af te schaffen het probleem alleen maar verlegt. De overheid wil dat mensen minder roken of stoppen met roken, wat ik wel snap. Alleen uit milieuoverwegingen is dit niet handig. Als je buiten rookt gooi je je sigaret altijd gewoon weg, in een rookruimte heb je vaak asbakken of aspalen staan waardoor dit netjes blijft. Bij het bedrijf, een openbaar gebouw, waar ik werk moet er dagelijks een schoonmaker aan te pas komen om buiten de deur de tientallen sigaretten op re ruimten. Dat kan denk ik niet bedoeling zijn.”

Op de vraag of hij denkt dat het hem zal helpen te stoppen met roken, zegt hij: „nee, en met mij geen roker denk ik.” Navraag in mijn omgeving levert geen andere resultaten op. „Dan maar buiten roken” is de veelgehoorde conclusie.

Keuzevrijheid

Gaat de overheid door uitbreiding van dit verbod echter niet te ver. Met andere woorden: tast de overheid met het verbod niet de individuele keuzevrijheid van de mens aan? Volgens hoogleraar Privaatrecht Anne Keirse aan de Universiteit Utrecht is dat niet het geval.

„Door het verbod ontneemt de overheid je niet het recht om te roken. Het tast alleen je vrijheid aan te roken in rookruimtes in horeca en openbare gebouwen. In vliegtuigen is het tenslotte ook al heel lang verboden om te roken, dat betekent niet dat je niet meer mag roken.”

Meeroken

Keirse vervolgt dat het rokers misschien niet zal bewegen te stoppen met roken, maar dat primaire doel van het verbod is meerokers te beschermen. „Het is mooi meegenomen als het verbod wel zou leiden tot minder rokers. Maar zelfs als dat niet zo zou zijn, is het beleid nog steeds effectief. Denk daarbij aan mensen die rookruimtes schoonmaken, de asbakken moeten leggen, of horeca-personeel die drankjes bezorgen, zij lopen in en uit.”

Brigit Toebes, hoogleraar Internationaal Gezondheidsrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen, sluit zich hierbij aan: „het verdrag verplicht tot effectieve bescherming tegen de blootstelling aan tabaksrook en een rookruimte voldoet hier niet aan.” Ook Toebes noemt hierbij deuren die open en dichtgaan en mensen die in en uitlopen.

Trend

Toebes ziet tevens een trend in de rest van de wereld wat betreft rookverboden. „In Japan hebben ze zelfs straten gearceerd waar je niet meer mag roken, in het Verenigd Koninkrijk en Italië mag je niet meer roken in de auto als er een kind bij is, en in Finland is roken zelfs in huis verboden.”

Mede daarom is het gevecht om het rookverbod in rookruimtes al een gelopen zaak. „We willen volwassenen niet teveel aan banden leggen, maar waar ligt de grens? Uit onderzoek is gebleken dat een groot deel van de rokers voor hun negentiende begint met roken. Deze kwetsbare groep moeten we beschermen. Het belangrijkste is jongeren te beschermen tegen het beginnen met roken, en kinderen te beschermen tegen de rook van anderen.”

Restaurants

Na de invoering van het rookverbod in 2008 was er ook veel weerstand en onbegrip. „Nu is iedereen blij dat na een avond in een restaurant je kleren niet meer stinken naar rook” aldus Toebes.

Hoewel een deel van de rokers al heeft laten weten dat een dergelijk verbod hen niet af zal houden van het roken, valt er misschien toch iets voor het verbod te zeggen. Betutteling of niet, een mee-roker kiest er namelijk niet voor schadelijke rook in te ademen.

Foutje gezien? Mail ons, we zijn je dankbaar

LEES OOK


Views

100+

Bierquiz slaat aan, wat weet jij van speciaalbier?

Bierquiz slaat aan, wat weet jij van speciaalbier?

In samenwerking met Beer in a Box

19 APR 2018

De Grote Bierquiz van Metro en Beer in a Box is een doorslaand succes.

Duizenden mensen hebben de afgelopen twee weken meegedaan aan de Grote Bierquiz. Omdat de quiz nog tot en met 1 mei te maken is, hebben Beer in a Box en Metro alvast een reeks interessante uitkomsten op een rijtje gezet. Doe uiterlijk 1 mei ook mee, want er zijn mooie prijzen te winnen. Ga naar www.beerinabox.nl/quiz.

Meer brouwerijen dan in 'bierland'

Je moet echt onder een steen geleefd hebben om niet te zien dat speciaalbier een trend is in Nederland. Het aantal nieuwe brouwerijen dat er jaarlijks bijkomt is duizelingwekkend te noemen (ons land heeft inmiddels meer dan vijfhonderd geregistreerde brouwers, dat zijn er meer dan in ‘bierland’ België). Maar waar krijgt speciaalbier nu zijn bijzondere smaak van? En hoe lang brouwen we eigenlijk al bier? Van hele simpele vragen tot supermoeilijke, je test je eigen kennis in een paar minuten op www.beerinabox.nl/quiz.

Bierquiz slaat aan, wat weet jij van speciaalbier?

„Of je nu net komt kijken of al heel veel weet, de Grote Bierquiz is bedoeld om je kennis te testen. Wij willen mensen vooral op een leuke manier meer leren over speciaalbier. Daarom krijgen alle deelnemers na 2 mei een persoonlijke pagina met alle informatie over de vragen die ze goed of fout hadden”, zegt Victor Kuppers, chef quiz bij Beer in a Box, de startup die op basis van jouw smaak de beste speciaalbieren voor je selecteert.

Feiten en getallen

Alles goed. Slechts 16 bierkenners hebben álle antwoorden goed. Dat is veel minder dan 1 procent. Er zijn 31 deelnemers die maar 1 fout hebben, 95 quizmakers hebben er 2 fout. „Dat is echt heel goed”, zegt de chef quiz. De gemiddelde score is 10 punten van de maximale 15.

Onze Belgische vrienden. Voorheen liep België mijlenver voorop in bierland. Maar die tijd is geweest. Van alle zuiderburen zit er geen één in de categorie die alles goed heeft.

Zuid-Holland nadrukkelijk aanwezig. Met 40 procent van de deelnemers heeft de provincie Zuid-Holland het hoogste aantal deelnemers (maar of zij ook het meeste van bier weten…). Noord-Holland komt op plaats 2 (30 procent), Noord-Brabant op plek 3 (24 procent van de quizmakers).

Bierquiz slaat aan, wat weet jij van speciaalbier?

Bierkennis omschrijven

Wat denken we van onszelf? Meer dan de helft van de mensen vulde bij de vraag ‘hoe zou jij je bierkennis omschrijven?’ met ‘best wel wat’. Slechts 2 procent van de deelnemers durfde het aan om ‘ik ben de beste speciaalbierkenner ever’ aan te klikken.

Meest gedronken drank. 95 procent van de deelnemers denkt dat bier na water (inclusief koffie en thee) de meest gedronken drank in Nederland is.

Waar staan de brouwerijen? 63 procent van de mensen die hun bierkennis testen, denkt dat Noord-Brabant de meeste brouwerijen heeft. 40 procent van hen denkt dat Nederland vorig jaar ongeveer 520 brouwerijen had.

Die middeleeuwers toch. 28 procent van de deelnemers denkt dat in de middeleeuwen jaarlijks makkelijk 800 liter bier per persoon naar binnen geklokt werd. En jawel – wat een kenners zijn we toch met z’n allen -  66 procent van hen denkt te weten wat cenosillicafobie is.

Wat valt er te winnen?

Ben jij de beste bierkenner? Dan maak je kans op een verrassingspakket van Beer in a Box ter waarde van 250 euro (geen bier, want dat mag niet!). Onder alle deelnemers wordt een aantal kleinere prijzen verloot, zoals een workshop bierbrouwen, rondleidingen bij spraakmakende brouwerijen en allerhande bierdingen. Snel naar Beerinabox.nl/quiz dus. Ga je nog meedoen? Veel succes en proost!


Views

300+

Mindervalide voelt zich vaak niet veilig op festival

Mindervalide voelt zich vaak niet veilig op festival

De regels moeten aangescherpt worden. Foto: ANP.

Foto van 'Hester Ramaker'

3 APR 2018

Jonge mindervaliden hebben een brandbrief gestuurd naar de Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland. Zij stellen dat de nieuwe veiligheidsregels op festival ,die sinds 1 januari van kracht zijn, aangepast moeten worden. „Festivalterreinen zijn op dit moment gewoon niet veilig genoeg voor rolstoelgebruikers.”

Brandbrief

De 23-jarige Nick Bootsman is een van de initiatiefnemers voor het sturen van de brandbrief. Hij is werkzaam als zelfbenoemd ‘manusje van alles’ voor de jongerenorganisatie ‘Wij staan op’. De organisatie maakt zich hard voor de rolstoelgebruikers in Nederland. Nu het festivalseizoen weer start, trekken zij aan de bel: fijn dat er nieuwe regels zijn en dat festivalorganisaties zich eraan houden, maar ze zijn nog lang niet toereikend genoeg.

Bootsman bezocht tijdens het Paasweekend het kunstenfestival Tweetakt in Utrecht. Het is een van de weinig plekken waar Bootsman het aandurft om met zijn rolstoel naar toe te gaan. „Er zijn geen toegangspoortjes en het is er overzichtelijk. Ik kan van bijna het gehele terrein zien waar ik vandaan ben gekomen en waar ik naar toe moet als er paniek uitbreekt. Dat geeft mij een veilig gevoel.”

Onveilig gevoel

Dat is bij menig ander festival niet het geval, zegt Bootsman. „Dat komt omdat de nieuwe regels niet toereikend zijn. Er wordt gezegd dat er ten minste een vluchtroute moet zijn die 85cm breed is waardoor rolstoelgebruikers naar binnen en buiten kunnen. De normale toegangspoorten moeten minimaal 50cm breed zijn. Maar van die laatste zijn er heel veel en voor de rolstoelgebruiker is er vaak maar een toegangspoort te vinden. Als er dan paniek uitbreekt op het terrein, moet je maar net weten waar die poort is. Bovendien zijn sommige rolstoelen breder dan 85cm en als je wilt keren heb je minimaal 150cm aan ruimte nodig.”

Mindervalide voelt zich vaak niet veilig op festival

Nick Bootsman wil maar wat graag naar festivals.

„Daar komt nog bij dat veel terreinen moeilijk begaanbaar zijn voor rolstoelgebruikers. Je hebt vaak te maken met gras, zand of zaagsel. Snel wegkomen uit een benarde situatie is er dan niet bij. Je zit ook veel lager dan de anderen waardoor je constant bang bent dat je omver gelopen wordt. Kortom: het geeft je een onveilig gevoel als je dan midden op zo’n terrein staat”, besluit Bootsman. Het resultaat is dat hij bijna nooit een festival bezoekt. „En geloof mij, ik zou dolgraag willen.”

Risico's

De huidige regelgeving weerhoudt ook Mike Reep (45) ervan om evenementen buiten de deur te bezoeken. Reep zit sinds acht jaar in een rolstoel door een zenuwaandoening in zijn benen. Ook zit er botkanker in zijn nekwervels, maar momenteel is dat onder controle. Hij wil dolgraag naar evenementen toe, mar voelt zich niet veilig.

Dit paasweekend was het de bedoeling dat hij met zijn vrouw naar Pasar Malam Istimewa XL in Ahoy Rotterdam ging. Een pasar malam (Indonesisch/Maleis voor avondmarkt) is een ontmoetingsplaats voor alles wat met Indonesië en de Indonesische of Indische cultuur te maken heeft. „Mijn vrouw en ik wilden er graag naar toe in verband met haar etnische achtergrond, maar toen wij van vrienden hoorden hoe druk het was, haakten we al af.”

Voor Reep is de drukte op bepaalde terreinen en het gebrek aan goede veiligheidsmaatregelen voor rolstoelgebruikers een reden om niet op pad te gaan. Hij heeft het gevoel dat hij zich niet veilig over het terrein kan begeven omdat hij door de drukte wellicht omver gelopen kan worden en dat is met zijn lichamelijke gesteldheid te risicovol. Zijn vrouw gaat wel, samen met hun gezamenlijke vrienden. Reep wil ook dolgraag een keer met zijn vrouw op pad. „Maar je zit altijd met hetzelfde euvel. Ik wil dolgraag naar Dance festivals of naar food festivals maar het is bijna allemaal op gras en bovendien erg druk en onoverzichtelijk. Dat is bijna niet te doen.”

Regelgeving

Het verbaast Bootsman dat deze regels zo zijn opgesteld. „Volgens het onlangs van kracht geworden VN-verdrag moeten dergelijke regels in samenspraak met mindervaliden gemaakt worden, maar dat is niet gebeurd. Wij hebben andere organisaties ernaar gevraagd en ook zij hebben geen contactverzoek gehad om deze regels op te stellen. Anders hadden er nu heel andere regels gelegen.”

Ook maakt Bootsman zich boos over de reactie van de Nationale Brandweer. Volgens hen worden gehandicapten niet als specifiek meldpunt gezien. Zij zeggen dat mindervaliden moeten bellen met de organisatie om de vluchtopties te bespreken. Bootsman: „Het VN-verdrag is er gekomen om vrijheid en inclusiviteit van mindervaliden te garanderen. Maar als je elke keer van tevoren moet bellen om je gevoel van veiligheid te vergroten, voel je je echt niet vrij.” Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland was niet beschikbaar voor commentaar. In een artikel van de NOS laat Bas Eenhoorn, waarnemend voorzitter van de Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland, echter weten dat hij gaat bekijken of er iets moet worden veranderd. 
 
GroenLinks gaat in de Tweede Kamer vragen stellen over de kwestie, in de hoop dat de regels zo snel mogelijk aangepast kunnen worden. Bootsman zou al blij zijn als er bij elke ingang een verbrede toegangspoort komt. Ook zouden de poorten het liefste 150 cm breed moeten zijn, zodat een rolstoelgebruiker kan keren als dat nodig is. „Ik ga nu niet omdat ik het niet durf. Ik hoop dat dat anders wordt.”

Foutje gezien? Mail ons, we zijn je dankbaar

LEES OOK


Views

46

Vol overgave voor de klas: 'ik wist het meteen'

Vol overgave voor de klas: 'ik wist het meteen'

Foto: Colourbox

Foto van 'Sofie Smulders'

28 MAA 2018

Donderdag voeren onderwijsbonden actie voor een betere cao in het voortgezet onderwijs. Docenten pleiten voor een salarisverhoging van 3,5 procent en vooral: een minder hoge werkdruk. Een kwart van het personeel kampt met burnoutklachten, aldus de Algemene Onderwijsbond. Ondanks de onvrede over de voorwaarden, zijn er nog steeds mensen die vol overgave kiezen voor een baan voor de klas. Direct na hun studie of later in hun carrière. Gelukkig maar, want bevlogen docenten zijn hard nodig. Metro sprak twee jonge enthousiastelingen over hun switch naar onderwijs.

Susan Verschuren (30) zit in het derde jaar van de HBO-Lerarenopleiding Nederlands

Susan Verschuren

Als je Susan op de middelbare school had verteld dat ze nu voor de klas zou staan, had ze je voor gek verklaard. Na haar studie Rechten belandde ze in het bedrijfsleven. “Ik vond mijn werk heel leuk, maar ik vroeg me af of het ook op lange termijn bij me paste. Het onderwijs zat al langer in mijn hoofd. Voor mijn werk gaf ik trainingen aan jongeren, daar kreeg ik veel energie van. Maar ik miste in mijn baan maatschappelijke betrokkenheid.”

Enorme uitdaging

Ze besloot de lerarenopleiding Nederlands te gaan doen en ging terug naar de collegebanken. Omdat ze deeltijd ging studeren hield Susan haar baan de eerste twee jaar voor vier dagen aan. “Ik voelde me nog te bleu om eerder als docent te gaan werken, na twee jaar opleiding heb je veel meer een idee wat de bedoeling is.” Ook of lesgeven echt bij je past. Want, legt Susan uit, een groot percentage van haar medestudenten uit jaar 1 is inmiddels afgehaakt.

“De combinatie van werken en leren bleek voor sommigen te zwaar, anderen onderschatten de moeilijkheid. En dan heb je ook nog de mensen die na hun stage besluiten: ‘dit is het niet voor mij.’ Het kan leuk klinken, maar eenmaal voor de klas ervaar je dat het ook heel pittig kan zijn. Je wordt enorm getest, of je nu lesgeeft op het gymnasium of op het vmbo. Ikzelf heb nu vijf vmbo-kader klassen. Echt een uitdaging, maar wel heel leuk.”

Geen zeikerds

Als HR-medewerker op een advocatenkantoor verdiende Susan goed. Een groot verschil met wat ze in het onderwijs krijgt, “Voor mij is het salaris echt een ding. Ik word opgeleid als tweedegraads docent, die verdienen al veel minder dan eerstegraads docenten. Maar zeker in vergelijking met mijn salaris in het bedrijfsleven is de vergoeding absoluut disproportioneel. Soms denk ik nog weleens: ik had een prima salaris. Maar die gedachte heb ik overboord gegooid.”

Met de werkdruk heeft Susan minder moeite. “Die is zeker hoog, maar je kunt bijkomen in de vakanties. Die je overigens wel echt nodig hebt. Ik ben een harde werker, maar vind absoluut niet dat mensen die klagen over de werkdruk zeikerds zijn. Er wordt veel van docenten verwacht. Je moet het leerlingvolgsysteem bijhouden, maar daar is weinig tijd voor. Je bent met boeken in de weer, met powerpointpresentaties, hebt vergaderingen. Allemaal geen ramp, maar ik steek liever meer tijd in de voorbereiding van mijn lessen.”

Eline van der Plas (25) is net afgestudeerd als Eerstegraads docent Maatschappijleer

Eline van der Plas

Eline studeerde Communicatiewetenschap. En hoewel ze - zeker vlak na haar eindexamen - nooit had bedacht om het onderwijs in te gaan, koos ze ervoor om extra vakken bij Politicologie en Bestuurskunde te volgen. “Na mijn studie was ik van plan te gaan werken, maar mocht ik er toch nog een educatieve master in Maatschappijwetenschappen aan vast willen plakken, dan zat ik hiermee goed.” Met haar masterdiploma op zak, startte Eline als communicatieadviseur bij een zorginnovatiebedrijf in Eindhoven. “Dat sprak me aan vanwege de maatschappelijke betrokkenheid. Het was inderdaad een mooie functie bij een cool bedrijf, maar ik voelde al snel: ik zit niet goed. Na een half jaar besloot ik de knoop door te hakken en mijn baan op te zeggen.”

Burnoutseizoen

Ze ging voor bovengenoemde educatieve master, een schot in de roos. “Vanuit mijn omgeving kreeg ik veel steun, maar ook reacties als ‘ben je gek?’ en ‘durf je dat wel aan? Vanaf dag 1 dacht ik: dit is het. Het is zo gaaf dat elke dag anders is en dat je niet alles onder controle hebt.” Eline werkt nu tijdelijk in het mbo, maar wil graag Maatschappijleer en Maatschappijwetenschappen op een middelbare school geven. “Het werken met jongeren van bijvoorbeeld 4 havo is heel uitdagend. Je hebt het gevoel dat je echt iets bijdraagt aan hun ontwikkeling.”

Klinkt als een droombaan, maar hoe zit het met de negatieve kanten, zoals het lage salaris en de hoge werkdruk? “Dat eerste ervaar ik niet zo, waarschijnlijk omdat ik nog jong ben. Wat de werkdruk betreft, die is absoluut te hoog. Dat zie ik in mijn omgeving en zelf word ik ook van alle kanten gewaarschuwd om geen fulltime-baan in het onderwijs te nemen. Burnouts liggen op de loer. Op de vorige school waar ik stage liep, hadden ze het zelfs over ‘burnoutseizoen, dat begint tussen de herfst- en de kerstvakantie. Ik heb daar zelf ook een verleden in en ken mijn valkuilen.”

Druk moet van de ketel

In Nederland geven leraren gemiddeld 25 uur per week les, dat is veel meer dan in andere Europese landen. Hierdoor kun je minder kwaliteit in de les stoppen, vindt Eline. Ook op administratief vlak komt er heel wat bij kijken. “Er is weinig tijd om aan de slag te gaan met andere projecten, zoals nieuwe ontwikkelingen in het onderwijs  - iets wat vanuit mijn opleiding erg gestimuleerd werd. Minder uren en kleinere klassen zouden al heel wat druk van de ketel halen, ik ben ervan overtuigd dat er zeker een slag te maken is. Er zijn zoveel bevlogen mensen met passie voor hun leerlingen. Dat moet gewaarborgd worden, niet kapotgemaakt.”

Foutje gezien? Mail ons, we zijn je dankbaar

LEES OOK


Views

100+