Tim van der Steen
Tim van der Steen Nieuws 20 jun 2019
Leestijd: 8 minuten

Columniste Ebru Umar is thuis bij Metro

Ebru is thuis. Na jaren in Amsterdam, een periode vastzitten in Turkije, vallen en opstaan woont ze nu weer in Rotterdam, de plaats waar zij opgroeide. De verhuizing werpt zijn vruchten af, want ze voelt zich hier weer veilig. Metro spreekt haar over haar werk, Theo van Gogh en de mens achter de sterke mening.

Een paar kritische tweets jegens het Turkse regime waren in april 2016 de reden voor haar arrestatie, tijdens een vakantie in Turkije. Vastzitten in Turkije was zowel haar absolute hoogte- als dieptepunt. „Ik heb toen zo veel support van de redactie gehad, niet normaal gewoon.”

Iedere dag belde Metro-hoofdredacteur Robert van Brandwijk Ebru op, daarnaast had zij contact met andere redacteuren. In de krant werd veel aandacht aan haar arrestatie besteed, ook had zijzelf alle ruimte om te schrijven wat ze kwijt wilde. Naast mentale support werd vanuit TMG ook diplomatieke en politieke druk uitgeoefend op de Turkse justitie om Ebru vrij te krijgen. Het hele concern schaarde zich als één man achter haar.

Columniste Ebru Umar is thuis bij Metro
Columniste Ebru Umar. Foto: Joris den Blaauwen

„Ik heb mij nog nooit zo gedragen gevoeld als toen, vooral ook omdat ik het niet verwachtte. Ik ben niet iemand die ergens vanuit gaat. Ik los mijn problemen doorgaans zelf op, maar opeens hoefde dat niet. Dat het ook zo kon, op mijn zwartste moment, dat was een verademing. Waanzinnig, daar ben ik echt iedereen heel dankbaar voor. Zonder Metro en de Telegraaf had ik nog steeds vastgezeten. Daar ben ik zeker van, zo simpel is het.”

Angst zaaien

Terwijl ze over de grens vastzat, werd er ingebroken in haar huis in Amsterdam. Een bewuste actie om angst te zaaien; „er stond ook van alles op de muur.” Ze was al van plan om te verhuizen, maar dit zorgde voor een stroomversnelling. „Het was voor mij al kut in Amsterdam, al jaren. Elke keer als je de deur uitgaat je afvragen wat er gaat gebeuren, dat doet wat met je hoofd.” Dat had ook alles te maken met de reacties op straat, haar vrienden vreesden in Amsterdam voor haar veiligheid.

Op één plek is ze al die jaren wel veilig geweest: op de pagina’s van Metro. Nadat Theo van Gogh op 2 november 2004 werd vermoord, bleef de plek waar hij zijn column altijd plaatste uit respect een jaar lang leeg. Daarna vroeg Jan Dijkgraaf, op dat moment hoofdredacteur van Metro, aan Ebru of zij die witte strook wilde vullen. Ze aarzelde geen moment, maar had er ook nog niet eerder over nagedacht. 34 was ze, en ze was het verdriet rond de dood van Theo nauwelijks te boven.

Columniste Ebru Umar is thuis bij Metro
Columniste Ebru Umar. Foto: Joris den Blaauwen

Gered door Theo

Wie Theo van Gogh was voor haar? „Ik zeg altijd dat Theo mij gered heeft uit mijn leven. Door hem ben ik gaan schrijven.” Ebru had voor die tijd een studie bedrijfskunde op haar naam en een goede baan bij uitgever Wolters Noordhof. Ze deed wat er van haar verwacht werd, toch zat ze nooit helemaal op haar plek. „Ik zag mijzelf niet als een creatief iemand, zo was ik niet opgeleid en ook niet opgevoed.” Als zij werd voorgesteld, zeiden mensen ‘dit is Ebru, je moet even aan haar wennen want ze is een beetje vreemd.’ Theo van Gogh was de eerste die haar niet gek vond, voor hem was Ebru doodnormaal.

Van Gogh was ook degene die Ebru het eerst publiceerde. Ze schreef wel eens een stukje, maar nooit serieus. „Voor die tijd wist ik niet dat schrijven een vak was, ik dacht dat iedereen het kon. Ik liet Theo eens een stukje lezen, dat besloot hij te publiceren op zijn site (De Gezonde Roker). De week daarop belde de webmaster of ik nog een stukje had. Ik schrok me rot, was dat de bedoeling dan? Nee, maar het mocht wel. Vanaf dat moment noem ik mijzelf columnist. In het begin dachten mensen nog dat ik een pseudoniem van Theo was, niemand had natuurlijk van de naam Ebru Umar gehoord.”

Floppy op de fiets

Van Gogh zelf schreef in die tijd al columns voor Metro,volgens Ebru met veel plezier. „In e-mail geloofde hij niet. De tekst werd uitgetikt, ging op een floppy en werd hoogstpersoonlijk langsgebracht op de fiets.” In 2004 gaf Ebru haar eerste boek uit, een bundel met haar columns. Drie weken later werd zij ontslagen. „Mijn werkgever was er niet blij mee dat ik publiceerde en met Theo van Gogh werd geassocieerd.”

Columniste Ebru Umar is thuis bij Metro
Columniste Ebru Umar. Foto: Joris den Blaauwen

Juist Van Gogh was vervolgens door het dolle heen toen zij hem vertelde van haar ontslag; nu was zij eindelijk vrij om te doen wat ze wilde. „Hij stond te juichen: gefeliciteerd! Geen normale reactie natuurlijk.” Vier maanden later werd hij vermoord.

Depressie

Toen had ze niets te doen en geen werk, Ebru raakte in een flinke depressie. „Ze zeggen dat er acht maanden staan voor rouw, dat klopt ook. Mijn werkgever wilde graag van mij af en ontslag was gunstig in die tijd, dus ik kreeg gouden bergen mee. Ik kon het me daardoor permitteren om de tijd te nemen.” Toen Ebru in juni weer een beetje helder werd, belde Jan Dijkgraaf. Tegelijkertijd werd Ebru door Libelle benaderd, waar zij sindsdien interviews in publiceert. „Dan ben je een jaar lang depressief geweest en pak je direct je leven op met twee grote klussen. Ik vond dat te gek om te doen, dat vind ik nog steeds.”

Inmiddels vult zij de plek van Van Gogh al sinds 2 november 2005, dus haar vijtienjarig jubileum nadert met rasse schreden. In al die jaren ontbrak haar column slechts eenmaal op die plek: de week nadat zij terugkwam uit Turkije. „Marije was toen hoofdredacteur. Ze belde me, of ik een keertje over wilde slaan. ‘Mag dat?’, vroeg ik toen. Wat een opluchting. Het was zo druk in mijn hoofd en leven dat ik het niet aankon. De volgende dag heb ik de column alsnog online gezet.”

Columniste Ebru Umar is thuis bij Metro
Columniste Ebru Umar. Foto: Joris den Blaauwen

Team kutwijf

We kennen Ebru vooral van haar sterke mening. Schrijft Ebru, dan stroomt onze mailbox vol. „Mensen zijn of heel boos op ‘haatheks’ Ebru, of ze zijn het met mij eens. Theo vond mij niet raar en veel lezers kennelijk ook niet. Tegelijkertijd ben je óf team Ebru, óf team kutwijf. Daar zit niets tussenin.”

Wat Metro voor haar betekent? „Als ik zeg dat Metro alles is, doe ik Libelle tekort, Libelle is óók alles. Ik krijg van Metro de kans om gehoord en gezien te worden en dat is heel fijn. Wat ik ook fijn vind en een beetje eng: ik ben niet raar. Mijn mening wordt door mainstream media weggezet als rechts radicaal. Dat ik zoveel bijval krijg, is zowel eng als een opluchting. Als tien mensen je zeggen dat je gek bent, ga je het uiteindelijk voor waarheid aanzien. Zet daar tien mensen tegenover die het met je eens zijn en het beeld wordt al heel anders.”

Verbazingwekkende reacties

Wat haar wel fascineert, is de reactie van sommige mensen die haar voor het eerst ontmoeten. „Mensen durven vol verbazing recht in mijn gezicht te zeggen dat ik veel aardiger of leuker ben dan zij dachten. Wat hadden zij dan verwacht!?” Naast Metro is Ebru ook heel erg Libelle; huis op orde maken, werken en het gezellig hebben. Ad-rem, zeker. Maar ook gewoon iemand met een open, warme uitstraling die grapjes maakt.

Toch denken mensen haar te kennen op basis van wat zij schrijft. „Eigenlijk weten mensen niets van mij. Als ik in de media kijk naar wat er over mij gezegd wordt, denk ik: er zijn twee Ebru’s. Ik ben ervan overtuigd dat mensen verschillende kanten hebben, maar ik laat niets van mijzelf zien, want ik reflecteer alleen. Sylvia Witteman laat dingen van zichzelf zien, haar gezinsleven, geneuzel. Daar heb ik het nooit over, dus eigenlijk kennen mensen mij niet.”

Columniste Ebru Umar is thuis bij Metro
Columniste Ebru Umar. Foto: Joris den Blaauwen

Sylvia Witteman-stukjes

Als zij de kans kreeg, zou Ebru dolgraag ergens ‘geneuzel-columns’ willen schrijven. „Ik heb het geprobeerd, maar niemand wil mij daarvoor hebben. Ik ben toch Ebru Umar hè.” Het staat haar uiteraard vrij om dat hier in Metro te doen, toch ziet zij dat niet zitten. „Als je maar één keer per week schrijft, is het zonde van de ruimte. Geneuzel schrijf je ter ontspanning. De columns die ik hier schrijf, zijn ook om mijn zorgen, angsten en verwondering duidelijk te maken. Mijn lezers verwachten op deze plek ook iets van mij. Die ene keer in de zoveel tijd dat ik daar iets persoonlijks in verwerk, wordt dat ook positief ontvangen, daarvan kelderen de leescijfers of het aantal liefdesbrieven niet. Bovendien schrijf ik geen columns omdat ik wil dat mensen mij leren kennen, ik doe dit omdat ik het leuk en belangrijk vind. Niet om te polariseren, maar er zijn meer mensen die willen horen wat ik zeg dan mediamakend Nederland denkt.”

Wat als haar plek in Metro er niet meer zou zijn? „Ik denk dat ik dan een ander vak zou kiezen. Dan zou ik het leven een stuk minder leuk vinden.”

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Het beste van Metro in je inbox 🌐

Meld je aan voor onze nieuwsbrief en ontvang tot drie keer per week een selectie van onze mooiste verhalen.