Sofie Smulders
Sofie Smulders Nieuws 30 apr 2017 / 12:13 uur

Coassistenten zijn het eens: vergoeding is terecht

Coassistenten voeren donderdag actie voor een vergoeding voor hun werk in de zorg, dat niet als stage gezien wordt, maar vooral als leerplek. Anders dan het geval is bij veel andere studies krijgen geneeskundestudenten geen compensatie voor hun werkzaamheden in het ziekenhuis of de praktijk, die zwaarder zijn dan die tijdens de gemiddelde stage.

De coassistenten zetten via social media een campagne op touw om Jet Bussemaker, minister van Onderwijs, uit te leggen waarom ze recht hebben op een stagevergoeding. Ze laten met filmpjes, foto’s en andere posts zien hoe hun dag als coassistent eruitziet. Het bedrag waar de actievoerders op doelen zou vergelijkbaar zijn met de basisbeurs van vroeger.

Actiedag – DitdoetdeCo

Op donderdag 27 oktober laten wij aan minister Bussemaker en Nederland zien wat een coschap inhoudt. Deel dit filmpje en maak duidelijk waarom een #coassistent een tegemoetkoming verdient!

Gepostet von De Geneeskundestudent am Montag, 24. Oktober 2016

Het afschaffen van de basisbeurs is voor geen enkele student gunstig, maar geneeskundestudenten vormen een groep die het daar net even wat lastiger mee heeft. Vanwege de lange werkdagen die de coassistenten in het ziekenhuis draaien, hebben ze namelijk weinig tot geen tijd voor een bijbaan. Metro sprak met een paar coassistenten die niet tot de actievoerders behoren, maar het stuk voor stuk eens zijn met de stelling dat er een vergoeding voor coassistenten moet komen.

https://twitter.com/i/status/791555618393956352

Thijmen (23) loopt coschappen op de afdeling chirurgie: „Mijn werkdag begint om 7.45 uur met een overdracht. De rest van de dag ben ik druk bezig op de spoedeisende hulp en zie ik patiënten. Rond 18.00 uur ga ik weer naar huis.” Dit doet hij vijf dagen per week. Al is hij formeel niet verantwoordelijk voor de beslissingen, zijn dagelijkse werkzaamheden verschillen weinig van die van een arts.

Fulltimebaan

Het lopen van coschappen heeft veel overeenkomsten met een fulltime baan, dus daarnaast nog werken voor een extra zakcentje lijkt voor studenten nagenoeg onmogelijk. Noor is bijna klaar met het lopen van coschappen. Mocht de vergoeding voor coassistenten er komen, dan vindt ze dat vooral fijn voor aankomende studenten. „Ik vind het vreemd dat coschappen enkel als leerplek gezien worden. Ik ben natuurlijk hartstikke blij dat ik mee kan kijken bij operaties en veel kan leren, maar andere studenten krijgen voor hun stages wel een vergoeding."

Voordat Noor een paar jaar geleden met haar eerste coschap startte, had ze een bijbaantje in de thuiszorg. Ze had een nulurencontract, maar toen ze met coschappen begon, kon ze zelden tot nooit meer werken en had ze geen andere keus dan haar bijbaantje opzeggen. „Ik ken wel mensen die ernaast werken en daar heb ik veel respect voor. Sommigen moeten wel, omdat ze anders niet rond kunnen komen.” Ook Thijmen had eerder een bijbaan als onderzoeksmedewerker, maar kon daar geen tijd meer voor vrijmaken.

Coassistenten leveren minder op dan ze kosten en daarom zouden ze geen vergoeding krijgen vanuit het ziekenhuis. Er is tussen het vijfde en zesde jaar echter een omslag en dan gaat de coassistent wel echt bijdragen aan de patiëntenzorg. De opvatting ‘de coassistent doet geen efficiënt werk, dus een vergoeding is niet op zijn plaats’ is volgens Eva (26) niet helemaal eerlijk. „Ik neem arts-assistenten wel vaker echt werk uit handen. En als ik over een jaar klaar ben, moet ik helemaal kunnen functioneren als arts.”

Thijmen, Noor en Eva zijn alle drie te spreken over de actie. „Het is een goed pressiemiddel voor de minister”, denkt Thijmen. Eva: „Ik vind het goed dat er een filmpje is gemaakt, zo wordt duidelijker wat we allemaal doen en dat we waardevol zijn.” Alle coassistenten die Metro sprak, zijn het er dus mee eens dat er iets van een compensatie zou moeten komen voor coassistenten. Dat zou een vergoeding kunnen zijn, maar bijvoorbeeld ook kwijtschelding van een deel van het collegegeld dat coassistenten jaarlijks betalen.

De opvatting dat geneeskundestudenten minder moeite hebben met het afbetalen van hun studieschuld, omdat ze toch wel makkelijk aan een baan zouden komen, heerst onder sommige mensen. In principe is het zo dat er genoeg werk is voor artsen en dat het aantal opleidingsplekken wordt gematcht met de vraag, maar niet in alle specialismen worden evenveel artsen gezocht. Ook de aanname dat alle artsen een torenhoog salaris verdienen, wordt vaak te vluchtig gedaan. Een basisarts verdient niet veel meer dan een beginnend ambtenaar.

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Reageer op artikel:
Coassistenten zijn het eens: vergoeding is terecht
Sluiten