Els Anker
Els Anker Nieuws 9 okt 2016 / 17:15 uur

Noodtoestand Ethiopië: wie, wat, waar?

De regering van Ethiopië heeft zondag de noodtoestand in het land uitgeroepen. Wat is er precies gaande?

Het is al langere tijd onrustig in het Oost-Afrikaanse land. Het besluit om de noodtoestand uit te roepen, is genomen na weken van protesten en aanvallen op overheidsbedrijven in Ethiopië. Bevolkingsgroepen voelen zich achtergesteld en demonstranten bestormen uit onvrede diverse overheidsbedrijven. „De noodtoestand is nodig omdat de huidige situatie een grote dreiging is voor de bevolking", aldus premier Hailemariam Desalegn op de staatstelevisie.

Verlengstuk

Ook een aantal Nederlandse bedrijven is belaagd door de actiegroepen. Volgens het ministerie van Buitenlandse Zaken zijn de aanvallen niet specifiek gericht tegen de Nederlandse bedrijven, maar worden die gezien als verlengstuk van de Ethiopische overheid. De aanvallen op buitenlandse investeringen blijkt de enige manier te zijn om de woede onder de bevolking te ventileren.

Afkeer van het regime

De bewoners in de Ethiopische regio Oromia, de Oromo’s, worden naar eigen zeggen achtergesteld in Ethiopië en uitgesloten van invloedrijke functies. Die worden al bijna een kwart eeuw voornamelijk bekleed door leden van een minderheid uit het noordelijke Tigray.

Eerder deze week werd een Nederlandse sapfabrikant aangevallen en vorige maand waren Nederlandse bloemenbedrijven slachtoffer van betogers. De ongeregeldheden begonnen tijdens een religieus festival, waar ook de afkeer van het regime werd uitgedragen. „Wij willen vrijheid, wij willen recht”, riepen betogers volgens de BBC. De oppositie sprak van „zeker vijftig doden”.

Autoritair bestuur

Het Tigray Volksbevrijdingsfront (TPLF) heeft de strijd tegen dictator Mengistu Haile Mariam gedomineerd. Na de val van de dictator in 1991 kreeg Ethiopië een autoritair bestuur dat werd gedomineerd door het Tigrayers. Zij hebben het land verdeeld in etnische regio’s. In de grootste etnische deelstaten groeit het protest tegen het regime in de hoofdstad Addis Abeba.

Volgens mensenrechtenorganisaties zijn er sinds juni van dit jaar al honderden mensen gedood door de Ethiopische autoriteiten. Minister Lilianne Ploumen heeft de regering opgeroepen in gesprek te gaan met de betogers.

De Oromo’s vormen de grootste bevolkingsgroep in het land van bijna 87 miljoen inwoners. Zij vormen met circa 30 miljoen mensen meer dan een derde van de Ethiopiërs. De Amharas, die het land eerder domineerden, zijn de tweede groep met circa 24 miljoen mensen. De Tigrayers vormen een minderheid van circa 5,3 miljoen mensen.

Nederlands crisisteam

De Ethiopian-Netherlands Business Association (ENLBA), een organisatie die circa 130 Nederlandse bedrijven in Ethiopië ondersteunt, liet eerder al in een verklaring weten „diep geschokt” te zijn over de aanvallen.

„Er is voor miljoenen euro’s aan schade aangericht, waarbij niet alleen Nederlandse (bloemen)kwekers, maar ook andere buitenlandse investeringen zijn getroffen”, aldus de ENLBA. „Duurzaam investeren, met of zonder hulp van de Nederlandse overheid, betekent samen met de gemeenschap. Wij willen en kunnen niet zonder. Het is echter uiteindelijk aan de Ethiopische overheid een oplossing te vinden voor dit probleem.”

Op de Nederlandse ambassade is een crisisteam gevormd. Dat staat in voortdurend contact met Nederlandse ondernemingen en de Ethiopische overheid. Het ministerie raadt Nederlanders die naar Ethiopië afreizen aan het reisadvies voor het land goed in de gaten te houden en demonstraties, samenscholingen en menigtes te vermijden.

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Reageer op artikel:
Noodtoestand Ethiopië: wie, wat, waar?
Sluiten