Bianca Brasser
Bianca Brasser Nieuws 21 jun 2016 / 06:25 uur

Een race om een leven te redden

Twaalf keer sjeesde ze naar een een adres in haar dorp, dat ze een paar seconden daarvoor via haar telefoon had door gekregen. Een race om een leven te redden. En dat lukte al een aantal keer.

Burgerhulpverlener

De 30-jarige Aletta Oosterwijk uit Nieuw Lekkerland is burgerhulpverlener. Als iemand binnen een straal van 1 kilometer van haar huis een hartstilstand krijgt en 112 wordt gebeld, krijgt zij automatisch een oproep op haar telefoon.

„Dat kan zijn dat ik zo snel mogelijk naar een adres moet om te reanimeren, maar ik kan ook het verzoek krijgen eerst een AED (een apparaat dat het hartritme weer kan herstellen red.) in de buurt op te halen”, zegt Oosterwijk. „Met een beetje pech doet de ambulance er hier zo 20 minuten over om ergens te komen”, vervolgt ze. „Burgerhulpverleners kunnen er al binnen een paar minuten zijn. En zo red je levens.”

Zoals die keer dat een jonge man in haar dorp een hartstilstand kreeg. „Ik moest eerst een AED halen”, vertelt Oosterwijk. „Toen ik bij het adres van het slachtoffer aankwam waren andere burgerhulpverleners al aan het reanimeren. Ik heb de AED afgegeven en de man is hierop aangesloten. Het heeft zijn leven gered. Ik zie hem nu nog regelmatig fietsen in het dorp.”

Iedereen kan leven redden

Iedereen in Nederland die een reanimatiecursus heeft gevolgd, kan zich aanmelden als vrijwillige burgerhulpverlener. Het aantal burgerhulpverleners in ons land groeit. Eind vorig jaar waren dat er 90.000, nu 130.000, meldde de Hartstichting maandag. De landelijke dekking steeg van 0,5 naar 0,8 procent. Maar dit moet 1 procent zijn om het project geslaagd te kunnen noemen.

Het dorp van Oosterwijk is een voorbeeld van waar het wel goed zit wat betreft aanmeldingen van burgerhulpverleners. „Zodra ik een oproep krijg, giert de adrenaline door mijn lijf. Je wilt ergens zo snel mogelijk zijn. Maar ik ben in ons dorp nooit de enige. Meestal komen er zo’n vijf tot tien burgerhulpverleners naar een adres.”

En alleen de eerste vier, vijf gaan naar binnen. „Je valt toch opeens bij iemand in huis”, zegt Oosterwijk. „Sommige mensen weten niet eens dat burgerhulpverlening bestaat, bellen 112 en en dan staat er opeens 10 man op de stoep.”

Genoeg te doen

Maar ook als anderen al reanimeren, is er volgens Oosterwijk genoeg te doen om te helpen. „Ik ben eens ergens geweest waar kinderen in huis waren. Ik heb ze naar boven meegenomen en een boekje voorgelezen. Of er zijn mensen die gekalmeerd moeten worden. Ook staat er vaak een burgerhulpverlener bij de voordeur om de ambulance op te vangen of we verspreiden ons langs de route van de ambulance om deze de goede kant op te sturen.”

Oosterwijk had al een reanimatiediploma, omdat zij in de kinderopvang werkte. Toen drie jaar geleden een pilot in haar dorp startte met burgerhulpverlening, was ze niet direct overtuigd om zichzelf aan te melden. „Het is niet iets leuks om te doen. Soms kan het ook behoorlijk heftig zijn. Niet alle reanimaties slagen. Ik heb het hier met mijn man over gehad en hij zei: ‘wat nou als jouw moeder een hartstilstand krijgt en hulp te laat komt, omdat iedereen het te eng vindt om te helpen?’ Dat gaf de doorslag.”

Niet alle steden

De provincie Overijssel heeft de hoogste dekkingsgraad als het gaat om burgerhulpverleners: 1,9 procent van de bevolking staat hier geregistreerd als burgerhulpverlener. De dekking in grote steden is relatief laag.

In sommige steden zijn wel burgerhulpverleners aangemeld, maar zij kunnen niet worden opgeroepen omdat het systeem niet in werking is gezet. Iets wat de Hartstichting ‘frustrerend’ noemt.

Dit is bijvoorbeeld het geval in Amsterdam. Een woordvoerder van Ambulance Amsterdam legt uit: „Hulpverleners van de politie of brandweer kunnen hier net zo snel ter plaatse zijn als burgerhulpverleners. Als er dan ook nog privé-hulpverleners bijkomen, wordt dat simpelweg te veel.” Ambulance Amsterdam onderstreept niet tegen burgerhulpverlening te zijn, in de regio’s Amsterdam-Amstelland en Zaanstreek-Waterland wordt bijvoorbeeld wel met het burgerhulpverleningssysteem gewerkt.

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Reageer op artikel:
Een race om een leven te redden
Sluiten