Bianca Brasser
Bianca Brasser Nieuws 13 apr 2016 / 14:52 uur

Mees en Dylano: net zo slim, maar ander schooladvies

Mees en Dylano zitten op dezelfde basisschool, ze zijn allebei even goed in leren en net zo slim. Toch gaat Mees straks havo doen op de middelbare school en Dylano gaat naar het vmbo. Reden: Mees heeft een arts als vader, Dylano’s vader is vuilnisman.

Het is een fictief voorbeeld, maar soortgelijke situaties komen in ons land volgens de Onderwijsinspectie wel steeds vaker voor. Een kind van hoogopgeleide ouders krijgt namelijk meer kansen op school dan een kind van laagopgeleide ouders, ook als de kinderen even intelligent zijn, zo concludeert de Inspectie woensdag in een rapport. Hoe zit dat?

1 Wat zegt de Onderwijsinspectie precies?

„Als we kinderen met dezelfde intelligentie vergelijken, zien we dat leerlingen met laagopgeleide ouders vaker doorstromen naar een lager onderwijsniveau”, zo is te lezen in het rapport. „Ze krijgen lagere basisschooladviezen en deze worden minder vaak bijgesteld op basis van de eindtoets.”

2 Dus basisschoolleraren laten zich leiden door vooroordelen: ‘Mees met een arts als vader, zal het uiteindelijk wel beter doen dan Dylano met zijn vuilnismanvader, ook al zijn beiden nu even slim’?

Onbewust wel. „Leraren en schoolleiders spelen een rol”, denkt de Inspectie. „Zij hebben, vaak onbewust, hogere verwachtingen van leerlingen van hoger opgeleide ouders.” Daarnaast zijn hoogopgeleide ouders volgens de Inspectie steeds meer betrokken geraakt bij de schoolloopbaan van hun kinderen. Ze zitten erbovenop. Scholen spelen in op de vraag van deze ouders.

3 En hoe zit het dan met de eindtoets of Citotoets?

Voorheen speelde de Cito- of eindtoets een doorslaggevende rol om te bepalen welk niveau een kind op de middelbare school aankan. Maar sinds vorig schooljaar geldt uitsluitend het advies dat de basisschoolleerkracht geeft. Als vervolgens uit de eindtoets blijkt dat een leerling een niveau hoger aan zou kunnen dan de leraar adviseerde, dan moet de school het advies heroverwegen. Maar uit het rapport van de Onderwijsinspectie blijkt dat het schooladvies vervolgens meestal niet wordt aangepast.

Een op de zes leerlingen zou op basis van de uitslag van de eindtoets een advies moeten krijgen dat minimaal één niveau hoger is dan het advies dat de school gaf. Opmerkelijke kanttekening: dit zijn volgens de Inspectie vooral leerlingen met laagopgeleide ouders. Slechts 15 procent van deze leerlingen krijgt vervolgens ook daadwerkelijk een hoger advies.

4 En nu?

De wet aanpassen, roept Loes Ypma van de PvdA. Als uit de eindtoets blijkt dat een leerling een niveau hoger aan zou kunnen dan de leraar adviseerde, dan moet de school het advies niet alleen ‘heroverwegen’ maar verplicht aanpassen. „De hoogste score moet gaan gelden”, zegt Ypma. Lager opgeleide ouders zouden zich volgens haar sneller kunnen neerleggen bij een lager schooladvies voor hun kind dan hoogopgeleide ouders. „We moeten alles uit de kast halen om kinderen een gelijke kans te geven, ongeacht waar hun wieg gestaan heeft.”

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Reageer op artikel:
Mees en Dylano: net zo slim, maar ander schooladvies
Sluiten