Ruben Eg
Ruben Eg Nieuws 15 jun 2015
Leestijd: 2 minuten

Leger heeft 22 gevaarlijke motoroutlaws in dienst

Justitie opende 3 jaar geleden de jacht op leden van motorbendes, zogenoemde Outlaw Motorcycle Gangs. Samen met het Openbaar Ministerie en de Belastingdienst wordt geprobeerd individuele leden te veroordelen voor criminele activiteiten. Gemeenten en de rijksoverheid moeten de activiteiten van de clubs ondertussen aan banden leggen. De cijfers uit een tussenrapportage:

150
nog lopende of afgeronde opsporingsonderzoeken naar criminele motorbendes staan er bij politie en justitie in de boeken. Sinds 2012 werden er 562 verdachten gehoord. Dit leidde tot 308 strafzaken tegen personen die allemaal lid waren van een verdachte motor- of supportersclub. Openlijke geweldpleging, moord/doodslag, bedreiging, afpersing, diefstal met geweld, verdovende middelen en wapenbezit/handel zijn de voornaamste aanklachten.

50
leden van gevaarlijke motorbendes blijken in dienst te zijn bij de overheid. Vorig jaar waren dit er nog twee, omdat veel privéinformatie van ambtenaren toen nog niet boven water was. Nu is duidelijk dat het leger 22 gevaarlijke motorrijders in dienst heeft. Bij gemeenten staan er 18 op de loonlijst. Den Haag en Rotterdam zijn met elk vier koploper, Amsterdam-Amstelland heeft er drie in dienst. Slechts zes ‘outlawbikers’ zijn bij de overheid ontslagen vanwege hun omstreden ‘hobby’.

Lees ook: Motorclubs willen dat imagoschade stopt

45
procent van de onderzoeken heeft betrekking op leden van de motorclubs Satudarah, Hells Angels, No Surrender, Bandidos en Trailer Trash. In 30 procent van het onderzoek gaat het om de productie/handel in verdovende middelen en witwassen. In een kwart van de gevallen betreft het openlijke geweldpleging en/of diefstal met geweld. Bij 10 procent gaat het om moord, doodslag of poging tot moord. Handel in en het bezit van vuurwapens, munitie en explosieven komt bij 10 procent van de opsporingszaken voor.

2.083.323
euro, oftewel: ruim 2 miljoen, heeft de Belastingdienst geplukt van leden van motorbendes die officieel geen inkomen hebben. Deze zogenoemde ‘windhappers’ verdienen weinig tot niets, maar hebben een uitgavenpatroon of vermogen dat niet bij deze vermeende armoede past. Van de 54 personen waar de Belastingdienst samen met veertien politiekorpsen onderzoek naar deed, waren 41 de pineut.

65
van de in totaal 177 motorclubhuizen mogen er helemaal niet zijn volgens de lokale bestemmingsplannen. Inmiddels zijn slechts 87 van deze panden gesloten of is voorkomen dat zij open gingen. Lokale overheden hebben 46 gesprekken met motorclubs voor een clubhuis gestaakt vanwege de vrees voor de openbare veiligheid of kans op de ontplooiing van illegale activiteiten.

250
getuigen werden gehoord nadat een motorrijder iemand in een horecagelegenheid ernstig had mishandeld. Het Openbaar Ministerie moest de zaak seponeren omdat niemand een belastende verklaring kon of wilde afleggen.

1
keer werd een lid van een motorclub schuldig verklaard omdat hij een hesje had gedragen met een ‘intimiderend effect’. Een rechtbank uit Den Haag legde deze veroordeling op.

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Het beste van Metro in je inbox

Meld je aan voor onze nieuwsbrief en ontvang twee keer per week een selectie van onze mooiste verhalen.

Reageer op artikel:
Leger heeft 22 gevaarlijke motoroutlaws in dienst
Sluiten