Metro
Metro Nieuws 9 feb 2015 / 06:55 uur

Renate Sinke: we zien hier mensen met schotwonden

Renate Sinke werkt als hulpverlener voor Artsen zonder Grenzen en reist al zes jaar naar brandhaarden in de wereld. Ze is net terug uit de Jordaans-Syrische grensstreek.

Wat moeten we ons voorstellen bij het ziekenhuis waar je werkt?

Dat staat in Ramtha, zo’n vijf kilometer van de grens van Syrië. We hebben daar twee operatiekamers en veertig bedden tot onze beschikking. De afgelopen tijd kwamen er gemiddeld acht tot negen oorlogsslachtoffers per week bij ons binnen. Mannen, vrouwen én kinderen. Hun verwondingen zijn doorgaans ernstig en in veel gevallen zelfs levensbedreigend. Vaak zijn die het gevolg van luchtaanvallen en bermbommen geweest, maar we krijgen ook mensen binnen met schotwonden. Via de eerste hulp gaan ze dan zo snel mogelijk richting de operatiekamer. Daarnaast verzorgen we ook psychische hulp.

Wat is jouw specifieke rol in dat ziekenhuis?

Ik werk als project-coördinator en moet ervoor zorgen dat het ziekenhuis blijft draaien. Ik houd me verder veel bezig met de humanitaire en sociale situatie waarin patiënten verkeren. Het gaat vaak om de meest kwetsbare groep vluchtelingen. Dan moet je denken aan patiënten met meerdere verwondingen, mensen met een ernstig oorlogstrauma en kinderen zonder ouders. Ik probeer er bijvoorbeeld voor te zorgen dat ze in Jordanië worden geregistreerd als vluchteling. Zo kunnen ze na hun behandeling terecht in een vluchtelingenkamp. En als mensen helemaal alleen binnenkomen, gaan we na of we ze kunnen herenigen met familieleden die op een andere plek zijn opgevangen.

Zoveel leed van dichtbij zien, hoe ga je daar mee om?

Zoiets moet je verwerken, maar dat is niet altijd makkelijk. Er komen hier mensen binnen met ernstige been-, buik-, borst- en hoofdwonden. Je ziet de meest verschrikkelijke dingen en dat went eigenlijk nooit. Bovendien weet je dat voor elke vluchteling die de Syrische grens oversteekt, nog zeker twintig gewonden achterblijven die onze hulp ook hard nodig hebben. Het klinkt misschien een beetje gek, maar je hebt een flinke dosis humor nodig om dit werk te kunnen volhouden.

Je doet dit veldwerk voor Artsen zonder Grenzen nu bijna zes jaar. Is er een moment, ontmoeting of patiënt die je nog bijstaat?

Het zijn er zoveel geweest. Een poosje geleden kwam er in het Jordanese ziekenhuis een familie binnen. Alle vijf gezinsleden waren gewond. De moeder en de drie kinderen konden bij ons blijven, maar de vader had ernstige hoofdverwondingen en moest door naar een meer specialistisch hospitaal. Ik heb ervoor kunnen zorgen dat ze na verloop van tijd weer werden herenigd en dat het hele gezin officieel werd geregistreerd als vluchteling. Dat zijn heel bijzondere momenten.

Voel je je wel eens onveilig daar?

Nee, dat valt gelukkig mee. Daar zit ook een grote rol in voor mij als project-coördinator. Ik overleg veel met lokale autoriteiten zoals sjeiks, imams, stammenhoofden en burgemeesters. Hen uitleggen wie wij zijn en wat we doen zorgt ervoor dat we als organisatie geaccepteerd worden. Dat is onze belangrijkste garantie voor veiligheid.

Wanneer ga je weer terug?

Nu ben ik even twee weken in Nederland voor vakantie. Daarna reis ik weer die kant op en blijf dan in ieder geval tot eind juni in Ramtha.

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Reageer op artikel:
Renate Sinke: we zien hier mensen met schotwonden
Sluiten