Mirthe Diemel
Mirthe Diemel Geld maakt (niet) gelukkig 19 sep 2026, 
Leestijd: 8 minuten

Thijs (29) in Geld maakt (niet) gelukkig: ‘Het gaat vooral om wat je ermee kunt doen’

Waar de een vindt dat geld moet rollen, blijft de ander herhalen dat je geld maar één keer kunt uitgeven. En als we eerlijk zijn, wat blijft er dan over van het gezegde ‘geld maakt niet gelukkig‘? Vandaag: Thijs, die geld op zichzelf eigenlijk niet zo interessant vindt. „Het gaat vooral om wat je ermee kunt doen.”

Naam: Thijs (29)
Beroep: projectmanager
Woonsituatie: samenwonend in een koopwoning
Netto-inkomen: „Dat hou ik liever privé”

Geld maakt (niet) gelukkig

Hoe ben je financieel opgevoed?

„Ik kom uit een gezin waar ik niets tekortkwam. We konden ieder jaar op vakantie, er werd lekker gekookt en geborreld en er was ruimte om leuke dingen te doen. Tegelijkertijd kon natuurlijk niet alles. Als er een grote aankoop werd gedaan of een vakantie was geboekt, leefden we daarna een tijdje wat bewuster. Niet omdat er geen geld was, maar omdat je keuzes maakt.

Ik ben ook opgevoed met de gedachte: het hoeft niet altijd geld te kosten. Je kunt het thuis ook gewoon gezellig en leuk hebben. Mijn moeder was iets meer van het geld uitgeven, maar wel verstandig. Mijn vader was wat zuiniger opgevoed. Ik denk dat ik uiteindelijk een beetje van beiden ben geworden.”

Op welke manier werd er thuis over geld gesproken?

„Heel open. Als iets niet kon, werd dat gewoon besproken, maar ook als iets wel kon. Ik ben er van jongs af aan bewust van gemaakt dat dingen geld kosten en dat je moet werken en sparen om iets te kunnen kopen. Je kunt niet alles tegelijk hebben, dus je moet keuzes maken.

Ik ben blij dat ik dat heb meegekregen. Doordat er thuis zo open over geld werd gesproken, werd het nooit een taboe. Ik denk dat het heel waardevol is als je op jonge leeftijd al leert hoe geld werkt en welke keuzes daarbij komen kijken. Daar heb je later alleen maar profijt van.”

Hoe kijk je zelf naar geld?

„Voor mij is geld vooral een middel om een doel te bereiken. Je kunt geld uiteindelijk inruilen voor ervaringen, spullen en gemak die je leven leuker of makkelijker maken. Als je eenmaal genoeg hebt om gewoon goed in je basisbehoeften te voorzien, is geld op zichzelf eigenlijk niet zo interessant meer. Het gaat vooral om wat je ermee kunt doen.

Ik beleg bijvoorbeeld best fanatiek, maar wel met een doel. Ik wil uiteindelijk de mogelijkheid hebben om eerder te stoppen met werken of minder te gaan werken, of misschien om een vakantiehuis in het buitenland te kopen. Ook dan heeft het geld dus een doel. Eerder stoppen met werken of minder werken geeft je de vrijheid om andere dingen te ontdekken. En een vakantiehuis geeft je de mogelijkheid om veel tijd in een ander land door te brengen en daar iets op te bouwen. Zo zet je geld in om je leven te verrijken.

Die manier van denken over geld is ook een van de redenen waarom ik sinds begin dit jaar serieuzer bezig ben met mijn eigen platform Gek op Grip. Daar deel ik vooral via Instagram praktische content over persoonlijke financiën: van sparen en beleggen tot pensioen, belastingen en financiële keuzes. Ik vind het interessant dat veel mensen prima verdienen, maar toch niet altijd weten wat ze het beste met hun geld kunnen doen. Met Gek op Grip probeer ik dat soort onderwerpen wat begrijpelijker en praktischer te maken.”

Is er een moment geweest waarop jouw visie op geld is veranderd?

„Toen ik studeerde, las ik Rich Dad Poor Dad. Dat is inmiddels misschien een beetje een clichéboek over financiën en het is natuurlijk behoorlijk met een Amerikaanse bril geschreven. Toch gaf het me wel een belangrijk inzicht: je kunt je inkomen ook inzetten om geld voor je te laten werken. Je hoeft niet alles wat binnenkomt weer uit te geven, maar kunt er ook iets mee opbouwen. Daarvoor was ik niet echt een enorme spaarder. Dat boek zette me wel aan het denken. Tegelijkertijd zag ik de huizenprijzen oplopen en wilde ik graag relatief jong een huis kopen. Ik wilde iets bezitten en realiseerde me dat ik daarvoor simpelweg moest gaan sparen.

Uiteindelijk kocht ik op mijn 24ste mijn eerste huis, een kluswoning uit de jaren dertig. Het overige huizenaanbod werd zwaar overboden of was al vóór de markt uitverkocht. Verbouwen was dus eigenlijk de enige optie.

We hebben de woning grotendeels zelf verbouwd, met hulp van familie en vrienden. Specialistische dingen hebben we uitbesteed. Daar was natuurlijk geld voor nodig. Achteraf was ik vooral blij dat ik daarvoor goed had gespaard. Het gaf me de vrijheid om die verbouwing ook daadwerkelijk te kunnen doen. Dat is denk ik ook een goed voorbeeld van hoe ik naar geld kijk. Sparen op zichzelf vind ik niet zo interessant. Maar sparen omdat je iets wilt bereiken, vind ik wel interessant. Dan krijgt het geld een doel.”

Heb je ooit problemen gehad met geld of schulden?

„Nee, gelukkig nooit. Ik had wel een studieschuld, maar die was niet zo groot. Die heb ik afbetaald toen ik mijn eerste huis kocht. Verder heb ik gelukkig nooit echt financiële problemen of schulden gehad.”

Vind je het belangrijk om een spaarpot achter de hand te hebben?

„Ja. Het is vooral een geruststellende gedachte. Je weet dat je een tegenvaller kunt opvangen en dat geeft rust.

Tegelijkertijd denk ik niet dat die spaarpot eindeloos groot hoeft te zijn. Het Nibud komt op behoorlijk hoge bedragen uit, maar persoonlijk zou ik niet snel tienduizenden euro’s op een spaarrekening zetten puur voor het geval er iets misgaat. Nederland heeft een relatief goed sociaal vangnet vergeleken met andere landen.

Voor mij voelt ongeveer 10.000 euro als een prettig bedrag om achter de hand te hebben voor onverwachte dingen, bijvoorbeeld als er iets stukgaat. Dan heb je een buffer en vooral gemoedsrust, zonder dat er onnodig veel geld stil blijft staan.”

Stelling: met 1000 euro per maand extra zou ik op de lange termijn gelukkiger zijn.

„Ik denk het niet. Ik ben nu al gelukkig, dus ik denk niet dat 1000 euro extra per maand daar heel veel aan zou veranderen. Ik heb een prima inkomen en kan de dingen doen die ik belangrijk vind.

Ik denk wel dat het effect van 1000 euro extra heel anders kan zijn als je een stuk minder verdient. Als je daardoor ineens minder financiële zorgen hebt of dingen kunt doen die eerder niet konden, kan het natuurlijk wel degelijk bijdragen aan geluk.”

Stelling: je kunt nooit te veel geld hebben.

„Haha, ik denk juist dat er wel een soort grens is. Op een gegeven moment word je volgens mij echt niet gelukkiger van nóg meer geld. Iemand met één miljoen euro is niet automatisch minder gelukkig dan Jeff Bezos met zijn miljarden. Sterker nog, Bezos zou misschien wel meer kopzorgen hebben.

Als je in je dagelijkse behoeften kunt voorzien zonder je daar zorgen over te maken, niet hoeft na te denken over wat je in je winkelwagen legt, regelmatig op vakantie kunt, leuke dingen kunt doen met de mensen van wie je houdt en een fijn huis hebt, dan ben je volgens mij al een heel eind. Daar heb je geen miljoenen voor nodig.

Ik denk dat dat voor mij ook een beetje het punt is waarop de vraag verandert van ‘hoeveel heb ik nodig?’ naar ‘wat wil ik ermee doen?’ Als je alles wat voor jou belangrijk is al kunt betalen, wat voegt een volgend miljoen dan nog echt toe?”

Stelling: geld wordt meer waard als je het kunt delen.

„Zeker. Ik probeer me weleens voor te stellen wat al dat geld zou betekenen als ik niemand om me heen had om het mee te delen. Eigenlijk niets. Ik vind het juist leuk om samen met anderen te genieten van lekker eten, een drankje of een mooie ervaring. En soms ook gewoon de rekening niet te hoeven splitten, maar iemand te trakteren, omdat het kan. Dat hoeft helemaal niet iets groots te zijn. Geven vind ik sowieso leuker dan krijgen. Van krijgen word ik soms zelfs een beetje ongemakkelijk, haha.”

Kortom: geld maakt niet gelukkig, of toch wel?

„Tot op zekere hoogte wel. Maar daarna niet per se meer. Ik denk dat géén geld je wel ongelukkig kan maken. Als je niet in je basisbehoeften kunt voorzien of voortdurend financiële zorgen hebt, heeft dat natuurlijk invloed op je leven. Geld kan dan echt een probleem zijn.

Maar alsmaar meer geld maakt je volgens mij niet automatisch gelukkiger. Op een gegeven moment verandert er gewoon niet zoveel meer.

Voor mij zit geluk uiteindelijk vooral in de kleine dingen. Lekker in de zon op een terras, een koffie in de ochtend, terwijl buiten de regen tegen het raam tikt en jij comfortabel binnenzit met een goede serie. Een goede maaltijd. Tijd doorbrengen met mensen die je lief zijn. Dat soort dingen maken mij gelukkig. En daar heb je uiteindelijk geen godsvermogen voor nodig.

Uiteindelijk denk ik dat geld vooral gelukkig maakt doordat het zorgen kan wegnemen en ruimte kan geven. Maar daarna wordt vooral belangrijk wat je ermee doet. Ik word niet gelukkig van een hoger saldo op mijn rekening. Ik word gelukkig van de vrijheid die dat geld me kan geven en van de dingen die ik ermee kan doen met de mensen om me heen.”

Nieuwsgierig naar meer antwoorden op de vraag; maakt geld gelukkig? Deze edities deden het goed bij onze lezers:

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Mirthe Diemel
Geschreven door Mirthe Diemel

Liep honderd jaar geleden al stage bij Metro en is met tussenpozen altijd blijven hangen. Maakt nu wekelijks een aflevering voor Metro’s rubriek Opgebiecht, De Spaarrekening van... en Geld maakt (niet) gelukkig. Schrijft daarnaast ook graag human-interest verhalen en portrettenseries; zolang het maar persoonlijk is. Maar kan ook met net zoveel liefde een informatief artikel maken over de meest uiteenlopende onderwerpen – van rugpijn tot aan feiten over mayonaise.

Reacties