James Worthy
James Worthy Columnisten 9 jun 2017 / 08:38 uur

De eindhalte

Ik ben nooit goed in afscheid nemen geweest. Ik verdwijn liever gewoon zonder iets te zeggen. Woorden veroorzaken enkel maar verwarring. Ik ben zo iemand die zomaar opeens weg is. Dan wijs ik naar iets in de verte en als iedereen kijkt naar datgene waar ik naar wijs, ben ik weg. Zo ga ik het ook doen op mijn sterfbed. Een uitgestoken vinger op een opgetilde arm. Iedereen draait zich om. Ze zien niets. Ze kijken weer naar mij, en zien nog meer niets.

Vijf jaar geleden schreef ik mijn eerste column voor deze krant. Ik schreef de column op donderdagmiddag en vrijdagochtend vroeg stapte ik de trein in omdat ik de lezer wilde zien. Ik wilde de reacties zien. Wat begon als een omslachtige manier van zelfbevrediging, werd een halfjaarlijkse traditie. Ieder halfjaar stapte ik in de intercity naar Maastricht en dan volgde ik voor de rest van de dag één krantje. Eén wonderschoon zwerfkrantje.

Op die dagen zag ik hoe het krantje van stoel naar stoel ging. Hoe een meisje met rode lippenstift een hoekje van de krant afscheurde en haar kauwgum in een dun jasje van papier rolde. Ik zag hoe een jongen zijn telefoonnummer op de voorpagina schreef en ik zag hoe een meisje dat krantje op de grond gooide. En ik zag hoe zij, toen de jongen de trein had verlaten, het krantje weer oppakte en in haar tas stopte. Ik zag een oude man een vlieg doodslaan met het krantje. Maar het was geen vlieg, het was een wesp en de wesp leefde nog. De wesp stak de oude man in zijn nek. En ik zag hoe de oude man lachte en daarna zachtjes fluisterde dat dit zijn verdiende loon was.

Ik zag hoe een treinreiziger het krantje in de fik stak en hoe hij het vuurtje met een flesje AA-drink bluste. En ik zag een verliefd stelletje wat kranten verzamelen, omdat ze op het treintoilet wilden gaan vrijen. Ik zag hoe zij de kranten op de wastafel neerlegde en ik zag hoe hij lachend de deur dichtsmeet. Op die dagen zag ik vooral hoe een gratis krant voor heel eventjes onbetaalbaar werd.

Vijf jaar geleden schreef ik mijn eerste column voor deze krant. Ik wist niet waar ik aan begon, maar ik weet wel waar het eindigt. Aan mijn eerste column heb ik uren lopen schaven en schrappen, maar tegenwoordig heb ik liefde voor dat wat onnodig lijkt. Het schijnirrelevante. Toen ik mijn eerste column schreef, wilde ik dat iedereen mij vol trots las, maar in 2016 ben ik ook trots als niemand me leest. Ik hoef niet meer te schreeuwen. Het is mooi geweest. Ik ben Sp!ts, Metro en alle lezers dankbaar voor het simpele feit dat jullie mij de kans hebben gegeven om te kunnen worden wat ik altijd al had willen zijn.

Kijk daar! Zie je dat. Kijk dan! Is dat niet een extreem zeldzame vlinder?

En weg ben ik.

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Reageer op artikel:
De eindhalte
Sluiten