Irene van den Berg
Irene van den Berg Columnisten 6 jan 2016 / 06:00 uur

Gelukkig geen jackpot

Zijn de hoofdprijzen van de Postcodeloterij en Staatsloterij ook deze jaarwisseling weer aan jouw neus voorbijgegaan? Ook ik ontwaakte 1 januari niet als multimiljonair. Dat wist ik trouwens van tevoren, want ik heb loterijen helemaal afgezworen. Tenminste, degene waarbij je buitensporige geldprijzen kunt winnen. Of je het risico loopt dat Gaston Starreveld ineens voor je deur staat.

Een paar jaar geleden waagde ik weleens een gokje. Met een lot kocht ik voorpret. Ik wist wel dat de kans dat ik de jackpot van de Staatsloterij daadwerkelijk zou opstrijken, verwaarloosbaar klein is (op oudjaar minder dan 1 op de 4 miljoen). Maar ik betaalde om een paar weken te kunnen dagdromen over een villa in Frankrijk met een zwembad. Of een jaar lang reizen door de VS met een camper.

Maar ik merkte dat de kater op 1 januari nog groter was als ik had meegedaan aan een loterij. Ik had een houten kop van de champagne, geen villa in Frankrijk en ik moest op 2 januari gewoon weer aan het werk. Blèh. Om mezelf een beetje te troosten, bedacht ik dan allerlei situaties waarin het heel ongemakkelijk is om ineens multimiljonair te zijn.

Situatie 1: „Wordt het nou de kaviaar of de bitterballen”, vraagt de cateraar ongeduldig. Ik wil een groot feest geven omdat ik de jackpot heb gewonnen, maar blijf maar twijfelen over de hapjes. Wat schotel je je familie en vrienden voor als je plotsklaps over miljoenen beschikt? Een schaal frituurhapjes is dan, hoewel heel lekker, wel erg schraal. Ik vraag of ik er nog een nachtje over mag slapen. Dan kan ik meteen wakker liggen over de locatie van dit spetterende feest.

Situatie 2: Een goede vriendin vertelt dat ze gaat scheiden. Groot drama, want ze heeft twee jonge kinderen en net een huis gekocht. We praten honderduit over haar gevoelens en wat de scheiding betekent voor de kids. Maar ik durf niet naar het huis te vragen. Als ze daar wil blijven wonen, moet ze haar man uitkopen en dat kan ze waarschijnlijk niet. Ik heb genoeg geld om te helpen, maar vraag me af of het raar is om dat aan te bieden. En zal ik haar het bedrag dan lenen of geven?

Situatie 3: De krant belt of ik nog twee extra alinea’s bij het artikel wil schrijven omdat er geen goede foto is voor bij mijn stuk. Het is zes uur en ik heb er helemaal geen zin meer in. Waarom zou ik die moeite doen terwijl ik multimiljonair ben? Ik reageer kribbig dat ze daar maar iemand anders voor moeten zoeken. En dat doen ze ook. En ook voor mijn andere artikelen.

Na een paar van die dagdromen was ik eigenlijk wel opgelucht dat die miljoenen niet op mijn bankrekening waren gestort. Het is volgens mij helemaal niet zo leuk om ineens veel rijker te zijn dan je familie, vrienden en collega’s. Dus zolang ik niet wakker hoef te liggen omdat ik te weinig geld heb, koop ik ook geen lot dat me slapeloze nachten kan bezorgen over te veel geld.

Financieel journalist Irene van den Berg (37) woont en werkt in Rotterdam. Ze is getrouwd en heeft een dochtertje. Wekelijks schrijft ze een column over haar eigen financiën.

Reageer op artikel:
Gelukkig geen jackpot
Sluiten