PSV en uitduels, het blijft een ongelukkige combinatie. De Eindhovenaren gelden dit seizoen als dé titelfavoriet, maar de achterstand op koploper FC Twente bedraagt al zes punten. En dat na vijf duels. Alle zes verliespunten zijn opgelopen in uitduels. In de eerste speelronde werd er met 3-2 verloren van RKC Waalwijk, gisteren was in de vijfde speelronde FC Utrecht te sterk. Vooral de manier waarop gaf te denken. De thuisploeg was agressiever en zelfs tegen negen man wist PSV het tij niet te keren. PSV-coach Dick Advocaat was dan ook des duivels: “Dit is een logische uitslag, FC Utrecht was de betere ploeg.”
De oefenmeester was al niet tevreden over hoe zijn ploeg voorafgaand aan het duel tegen FC Utrecht trainde. “Maar het is te makkelijk om dit hiervan een uitvloeisel te noemen. Het probleem zit dieper.” Hiermee doelde Advocaat over ‘het uitsyndroom’. In Eindhoven is PSV zo goed als onverslaanbaar, maar het is een ander verhaal als de spelersbus de lichtstad uitrijdt. “Het is niet de eerste keer dat wij een uitwedstrijd op mentaliteit verliezen. Het was al vanaf minuut één duidelijk dat FC Utrecht scherper was. Met uitwedstrijden zit ik dan ook nooit rustig op de bank.”
Advocaat greep tijdens de rust in door een dubbele wissel toe te passen. Dries Mertens en Ola Toivonen werden geslachtofferd en de coach sluit niet uit dat de wanprestatie in de Domstad verdere consequenties heeft. “Gezien onze kwaliteiten mag je na vijf speelronden niet twee van de drie uitwedstrijden verliezen. Het lijkt erop dat we het probleem van vorig seizoen nog niet hebben verholpen. We dachten dat we het lek boven hadden, maar er zit nog steeds iets niet goed.”
Een van de spelers die op wijzigingen hoopt in de basiself is Luciano Narsingh. Waar bondscoach Louis van Gaal hem het vertrouwen geeft, is hij in Eindhoven wisselspeler. “Natuurlijk moet je er meteen staan bij een topclub”, weet Narsingh. “Maar toch, PSV heeft veel voor me betaald. En als nieuwe speler heb je toch even de tijd nodig. Ik had niet verwacht dat ik na één wedstrijd er al naast zou staan.”
Pas tien minuten voor het einde mocht Narsingh invallen. “Ik zat me te verbijten op de bank en hoopte dat ik er eerder in zou komen. In zo’n korte periode kun je natuurlijk weinig laten zien. Ik ben heel blij dat ik de afgelopen twee interlands heb gespeeld en ben de bondscoach dan ook dankbaar voor het vertrouwen. Het is natuurlijk wel een aparte situatie. Of ik hierover met Advocaat praat? Nee, ik ben niet zo’n prater. Ik kan beter niet te veel zeggen. Ik zal nog harder moeten werken en mijn voeten laten spreken.”
Narsingh hoopt volgende week tegen Feyenoord op een kans, een duel dat aanvoerder Mark van Bommel sowieso mist. Hij pakte gisteren zijn vijfde gele kaart. “Daar ga ik niets meer over zeggen”, zei hij na afloop. “Laat iedereen zelf maar oordelen en zijn conclusies trekken.” Overigens was hij niet eens met Advocaat betreft het gebrek aan instelling bij zijn ploeggenoten. “Utrecht leek beter, maar creëerde helemaal niks. Zij waren alleen gevaarlijk bij spelhervattingen. Wij voetbalden beter, maar creëerden ook te weinig. Dat mogen we ons wel verwijten.” En over de achterstand van zes punten op FC Twente: “Ik heb wel grotere achterstanden goed gemaakt.”

















