De Popunie in Rotterdam lijkt gered. De instelling, waar talenten terecht kunnen voor advies en begeleiding, kan waarschijnlijk door dankzij een meerderheid van de gemeenteraad. D66, PvdA en Leefbaar Rotterdam vinden dat er te weinig geld gaat naar de jongerensector. Een eerder advies van de Raad voor Kunst en Cultuur wordt daarmee in de wind geslagen. “Als de gemeente een bijdrage levert, dan heeft de provincie toegezegd ook nog te steunen. Dit bedrag is minder dan we voorheen kregen, maar het is logisch dat iedereen iets moet inleveren”, zegt Martin Scheijgrond, directeur van de instelling. Hij is blij dat de politiek zich positief over de popsector en zijn organisatie uitspreekt, maar het duurt waarschijnlijk nog tot november voordat er echt meer duidelijkheid is. “De Popunie staat te popelen om de komende jaren een betekenisvolle rol te vervullen voor de popmuziek in Rotterdam, vooral voor al die duizenden beginnende en vaak talentvolle muzikanten in de stad.”
Volgens de drie politieke partijen, die samen een meerderheid hebben in de gemeenteraad, levert de Popunie belangrijk werk. “Vooral in het kader van de talentontwikkeling heeft deze instelling een goede naam”, aldus PvdA-fractievoorzitter Richard Moti. Jos Verveen (D66) vult hem aan: “De Popunie staat aan de wieg van een heleboel nieuwe artiesten, het voedt de sector. Het zou zonde zijn dit overboord te gooien.” Volgens Anton Molenaar (Leefbaar Rotterdam) kan de stad niet zonder zo’n instelling. “Zij kunnen het vlammetje aan houden. Er is immers al zoveel verdwenen.”
Volgens Oscar van der Pluym, voorlichter van het verband Pop-up waarin verschillende podia en ook de Popunie samenwerken, ligt de bal nu bij verantwoordelijk wethouder Antoinette Laan. “Met het advies dat er nu ligt worden gezonde instellingen de nek omgedraaid. Er moet nu echt wat gebeuren, voordat het hier ‘Almere aan de Maas’ wordt.”











