Celeste Sonneveld, 7, Barendrecht
“Mijn mama, papa en zusje doen ook mee aan de Marathon. Voor mij is het de eerste keer dat ik meedoe aan de Kids Run. Gisteren ben ik 7 geworden en officieel mag je dan pas deelnemen. Mijn zusje en ik lopen samen één kilometer. Maar zo heel veel train ik niet, soms ga ik naar buiten om te lopen of te skaten met mijn vriendinnetjes. De Kids Run is niet de eerste marathon die ik loop. Ik heb al meegedaan aan de Oude Maasloop en de Pyjamaloop. Toch vond ik de Pyjamaloop tot nu toe echt het leukst. Ik liep één kilometer lang buiten in mijn pyjama. Het is grappig om iedereen in pyjama’s te zien lopen. Mijn ouders zijn heel trots dat mijn zusje en ik meedoen aan marathons. Zo zijn wij een echte marathonfamilie. Mama’s medailles hangen aan de muur in de woonkamer. Ik wil mijn medaille daar ook ophangen. Of misschien hang ik hem boven mijn bed. Gelukkig krijg je bij deze kindermarathon wel een medaille. Over een paar jaar gaan wij als familie lopen. En als ik groot ben, wil ik marathons blijven lopen en kok worden. Misschien kan ik mijn eigen restaurant openen. Dan moet alles gezond en lekker zijn, maar ik kook zelf dus dat komt goed!”
Maurice Sierens, 76, Aalten
“Allereerst zal ik proberen te starten, want op mijn leeftijd weet je het nooit. Het is een persoonlijk doel om de marathon binnen zes uur uit te lopen. Ik probeer elk jaar met één marathon mee te doen, omdat ik op mijn leeftijd langer moet herstellen. Toch voel ik mij absoluut niet de oudste deelnemer van de marathon. De meest memorabele marathon was vorig jaar toen ik meedeed aan de marathon in Berlijn. Daar liepen twee bijzondere mannen mee, een Japanner en een Franse dokter boven de 80. Daar had ik zoveel bewondering voor. Op die leeftijd nog even een marathon uitlopen. Het is toch weer extra motivatie voor mijzelf. De allereerste keer dat ik meedeed was in 2008 in Berlijn. Daar heb ik de mooiste herinneringen aan. Het is toen gelukt om de marathon in 5 uur en 12 seconden uit te lopen. Eenmaal thuis aangekomen, werd ik door de burgemeester ontvangen voor mijn ‘bijzondere prestatie’. Maar ik doe niets speciaals. Ik train gewoon twee keer in de week, dan loop ik tussen 15 en 33 kilometer per keer. Vroeger had ik door mijn beroep helemaal geen tijd om mee te doen aan deze evenementen, maar ik wilde wel graag. En nu doe ik het ook.”

















