Apothekers in Nederland scoren gemiddeld een 8 voor hun dienstverlening. Dat blijkt uit onderzoek van Regioplan in opdracht van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie (KNMP). Toch kan er in de apotheken nog heel wat verbeterd worden, zegt Jan Smits, voorzitter van de KNMP. “Ik denk dat mensen erg tevreden zijn over het werk van de apotheker, maar stilstaan is geen optie.”

Een van de belangrijkste pijlers voor goede apothekerszorg is, volgens Smits, toegang tot de medische gegevens van de patiënt. “Hoewel het elektronisch patiëntendossier gestrand is, vinden wij dat het er wel moet komen.” Bij het elektronisch patiëntendossier worden bestanden van zorgverleners aan elkaar gekoppeld, zodat ook andere zorgverleners inzage in de gegevens krijgen. Bij voorkeur zou ook een patiënt zelf toegang tot het dossier moeten hebben, vindt Smits.

Hoe meer informatie een apotheker tot zijn beschikking heeft, hoe beter hij of zij de medicatie kan aanpassen aan de persoon. Aan de ene kant moet het dossier compleet zijn: “Op het moment raken dossiers versnipperd, doordat patiënten hun recepten bij verschillende apotheken kunnen halen.” Aan de andere kant kunnen medische gegevens van belang zijn: “Het kan bijvoorbeeld verschil maken of iemand een snelle of langzame stofwisseling heeft”, geeft Smits als voorbeeld. “Dan is het goed als de apotheker hiervan op de hoogte is.”

Het KNMP ziet de zorgverzekeraars als ideale investeerders voor een elektronisch patiëntendossier. “Wij denken dat de zorgverzekeraar baat heeft bij een elektronisch dossier”, zegt Smits, “en dat het daarom voor hen zinvol is om te investeren. Naast de patiënt, heeft namelijk ook de zorgverzekeraar er voordeel van. Je krijgt een soort doelmatigheidsslag.”

Ook de apotheker zelf speelt daar een belangrijke rol in. Smits: “Het apotheekteam moet dingen zien te achterhalen. Bijvoorbeeld of iemand zijn medicatie wel inneemt. En zo niet, waarom dan niet? Dit om te voorkomen dat mensen met dezelfde klachten weer bij de huisarts belanden, terwijl ze – en dat kan om allerlei redenen zijn – hun medicijnen niet nemen.”