“Olga.” Walrustrainer Bert (45) hoeft niet na te denken als hem wordt gevraagd wie van de zes koddig ogende walrussen in het Dolfinarium Harderwijk zijn favoriet is. “Olga heeft iets speciaals. Als dat een mensenvrouw was geweest, dan denk ik dat het wel geklikt had…maar misschien is dat niet handig om te zeggen met het oog op mijn huwelijk”, lacht de oud-marinier.
Bert is een van de vele mensen die zich dagelijks bezig houden met het verzorgen van de dieren in het park. Zijn ‘specialiteit’ zijn de walrussen, dieren die in de wintermaanden tot wel 1.800 kilo kunnen worden. Met ‘zijn’ Olga en de andere walrussen verzorgt Bert dagelijks de snorharenshow, waarbij de dieren een kwartier lang laten zien welke kunstjes ze in huis hebben. Maar dat is niet het enige, legt de senior-trainer uit. “Wij beginnen ’s ochtends vroeg al met een gezondheidscheck van de dieren. Dat duurt ongeveer een uurtje, waarna we de verblijven checken om te zien of er bijvoorbeeld geen plastic afval in de hokken ligt. Op basis van de verwachte drukte in het park – en de toestand van de dieren - bepalen we vervolgens hoe veel shows we die dag gaan doen. Daarna maken we alles weer schonen en zijn we bezig met onderhoud. Genoeg te doen dus op één dag.”
Het Dolfinarium is sinds 1991 het werkgebied van Bert, die daarvoor bij de marine zat. Geen vreemde overgang, zegt hij zelf, omdat hij als marineduiker al veel met het leven onder water te maken had. Nadat de trainer eerst wat andere functies op het park bekleedde, is hij nu niet meer weg te slaan bij de walrussen. Ongeveer tachtig kunstjes kan hij de dieren laten doen, variërend van zichzelf op de borst slaan tot het zich omwentelen en schuddebuiken. Bezoekers zien ze niet allemaal tijdens één show. “We gebruiken er maximaal vijftien of twintig. Ook brengen we variëteit aan, want anders weten ze precies wat er gaat komen.”
Bert gebruikt de dieren niet altijd allemaal. “Ik ken hun karakter erg goed en weet bijvoorbeeld dat Raisa nu in de puberteit is. En ik kan je zeggen: ze is goed in het saboteren van shows…”









