JERUZALEM - De van corruptie beschuldigde voormalige Israëlische premier Ehud Olmert is dinsdag op de twee belangrijkste punten vrijgesproken. De rechtbank in Jeruzalem achtte hem alleen schuldig aan misbruik van vertrouwen, omdat hij als minister van industrie en handel contracten en banen regelde voor klanten van een goede vriend. Of Olmert de gevangenis in moet, is nog niet duidelijk. De rechtbank maakt op 6 september bekend welke straf hij krijgt.

De 66-jarige Olmert was ervan beschuldigd in zijn tijd als burgemeester van Jeruzalem smeergeld te hebben aangenomen van de Amerikaanse zakenman Morris Talansky, dubbele onkostendeclaraties te hebben ingediend bij joodse groepen voor reisjes naar het buitenland en als minister contracten te hebben geritseld voor klanten van een goede vriend. Alleen op het laatste punt is hij dus schuldig bevonden.

In de zaak van de dubbele onkostendeclaraties werd een naaste medewerker van Olmert, Shula Zaken, wel schuldig bevonden. Dat Olmert van de declaraties op de hoogte was is volgens de rechtbank niet overtuigend bewezen, mede doordat Zaken weigerde te getuigen.

De uitspraak wordt als een grote overwinning voor Olmert beschouwd, al is hij wel de eerste oud-premier uit de geschiedenis van Israël die door een rechter is veroordeeld. En zijn juridische problemen zijn nog niet voorbij: een rechtszaak in verband met een omkoopschandaal loopt nog. In deze zaak wordt Olmert ervan verdacht steekpenningen te hebben aangenomen om de bouw van huizen te promoten. Verwacht wordt dat de behandeling van deze zaak nog zeker een jaar in beslag zal nemen. De rechtszaak waarin dinsdag uitspraak is gedaan heeft twee jaar geduurd.

Olmert zei dat de uitspraak betekent dat hij van blaam is gezuiverd. "Er was geen corruptie. Er is geen geld aangenomen, er is geen geld misbruikt, er waren geen enveloppen met geld", zei hij. Hij gaf toe dat hij een fout had begaan door vrienden van zijn vriend contracten te bezorgen en zei hier lering uit te hebben getrokken.

Olmert was burgemeester van Jeruzalem in de periode 1993-2003. Hij werd in 2006 premier, maar zag zich toen de verdenkingen van corruptie zich opstapelden in 2009 gedwongen af te treden.

Volgens Moshe Negbi, juridisch commentator bij de Israëlische radio, hangt het van de straf die hij op 6 september krijgt af of een terugkeer in de politiek er voor Olmert inzit. Als de rechtbank oordeelt dat wat Olmert heeft gedaan 'moreel verdorven' is zal hij volgens Negbi minstens drie jaar gevangenisstraf of een taakstraf krijgen en bovendien zeven jaar geen politieke functie mogen bekleden. Olmerts advocaat, Eli Zohar, zei echter dat het nog nooit is voorgekomen dat iemand alleen voor misbruik van vertrouwen naar de gevangenis is gestuurd.

Ehud Olmert kwam in 1973 in het parlement voor de rechtse Likud-partij, die altijd een onverzettelijke houding heeft aangenomen tegenover de Palestijnen. Later schoof hij op naar het midden en toonde hij zich voorstander van concessies aan de Palestijnen. In 2005 richtte hij samen met toenmalig premier Ariel Sharon de partij Kadima op, die een jaar later de verkiezingen won. Als premier onderhandelde hij intensief met de Palestijnen, die hij een bijna volledige terugtrekking van de Westoever bood. Sinds Olmert aftrad als premier liggen de vredesonderhandelingen vrijwel stil.

In 1988 werd stond Olmert ook al eens voor de rechter op verdenking van corruptie, maar hij werd toen vrijgesproken.