In Syrië worden in minimaal 27, veelal ondergrondse gevangenissen mannen, vrouwen en zelfs kinderen gemarteld. Dat blijkt uit een rapport dat Human Rights Watch vandaag publiceert. Via gesprekken met meer dan tweehonderd Syriërs, achterhaalde de mensenrechtenorganisatie de locatie van de geheime detentiecentra. Het onderzoek is voorzien van satellietbeelden en de namen van de militairen die de scepter zwaaien in de ‘martelcentra’ van president Bashar al-Assad.

De onthullingen schetsen volgens Human Rights Watch voor de buitenwereld ‘het beste plaatje’ van de situatie in Syrië. “We wijzen de locaties, de methodes en de namen van de daders aan”, stelt woordvoerder Reed Brody. “Dit geeft het beste inzicht in de martelmachine van het Syrische regime.” De martelgevangenissen die Human Rights Watch kon achterhalen, staan in de steden Latakia, Aleppo, Idlib, Homs, Daraa en de hoofdstad Damascus.

Human Rights Watch roept de VN-veiligheidsraad nogmaals op de mensenrechtenschendingen door te verwijzen naar het Internationaal Strafhof in Den Haag. De organisatie hoopt de druk op bondgenoten Rusland en China te kunnen opvoeren. Brody: “Verder kan de Europese Unie de informatie gebruiken voor nieuwe sancties of aanvulling van de zwarte lijst met regimeleden.”

Europarlementariër Marietje Schaake (D66) is enigszins sceptisch. “Ik zie maar kleine bewegingen”, laat ze weten. Ze pleit voor het sneller instellen en strenger handhaven van de door Brussel ingestelde sancties. Schaake verwijst naar de berichten van Russische wapentransporten die via Europese wateren Syrië bereikten: “Het invoeren van een wapenembargo duurt te lang en wordt zo ongeloofwaardig: een papieren realiteit.”