Nederland en de NAVO-norm: dit moet je weten

16 februari 2017 om 18:09 door Jessica Heijmans
Nederland en de NAVO-norm: dit moet je weten
Minister Jeanine Hennis Plasschaert van Defensie. Foto: ANP

De defensieuitgaven van veel Europese landen liggen ver onder de NAVO-lijn, terwijl Amerika het grootste deel financiert. Tijdens zijn eerste bijeenkomst eiste de Amerikaanse defensieminister James Mattis dan ook dat de lidstaten op korte termijn hun uitgaven opschroeven. „Anders zal de VS zijn betrokkenheid bij de NAVO verminderen”, aldus Mattis. Maar hoe zit het precies met deze uitgaven? En hoe staat Nederland ervoor?

Wat houdt de NAVO in?

De NAVO (voluit: Noord-Atlantische Verdragsorganisatie) is een militaire samenwerking tussen 28 landen uit Europa en Noord-Amerika, oorspronkelijk opgericht in de context van de Koude Oorlog. De kern van het verdrag wordt gevormd door Artikel 5: ‘een aanval op een van de landen is een aanval op allemaal.’ Een van de afspraken tussen de NAVO-lidstaten is dat 2 procent van het bruto binnenlands product (BBP) wordt uitgegeven aan defensie. En daar gaat het al geruime tijd mis.

Wie betaalt wat?

Europa en Canada hebben in 2016 3,8 procent meer uitgegeven aan defensie. Echter, alleen Estland, Polen, Griekenland, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten komen aan de 2 procent. En dat terwijl binnen tien jaar, in 2024, alle NAVO-landen aan deze norm moeten voldoen.

Nederland doet het zeer slecht: met 1,17 procent zitten wij flink onder het Europese gemiddelde van 1,43 procent. Luxemburg, België, Spanje, Slovenië en Canada staan helemaal onderaan in het lijstje, zij komen zelfs niet voorbij de grens van 1 procent.

Amerika dreigt: ‘vermindering steun’

De Amerikaanse president Donald Trump heeft zijn mening over de NAVO niet onder stoelen of banken gestoken. ‘Achterhaald’ en ‘overbodig’, noemde hij de organisatie in het begin van dit jaar. Bovendien is hij van mening dat Amerika veel te veel betaalt: momenteel wordt 70 procent van het NAVO-budget verzorgd door de Amerikanen.

Hoewel de Amerikaanse defensieminister een meer gematigde toon gebruikt voor de NAVO – hij noemde het ‘de fundamentele hoeksteen van de trans-Atlantische samenwerking' - liet hij tijdens zijn eerste NAVO-bijenkomst in niet mis te verstane bewoording blijken dat de leden dit jaar nog vooruitgang moeten boeken. „Amerika zal haar verantwoordelijkheden nakomen, maar als jullie landen niet willen dat Amerika haar inzet voor de alliantie vermindert, moet elk land zijn steun tonen voor onze gemeenschappelijke verdediging.”

Gaat Nederland de grens halen?

De uitgaven van het Nederlandse ministerie van Defensie dalen al decennialang, blijkt uit cijfers van het CBS. In 1954 besloeg het defensiebudget nog 6 procent van het BBP, maar sinds halverwege de jaren 90 is Nederland niet meer aan de 2 procent gekomen. Om aan de normen te voldoen, moet Nederland ongeveer 6 miljard euro per jaar extra ophoesten. Of dat op korte termijn gaat gebeuren, is zeer de vraag. Hoewel vrijwel alle partijen het belang van investeren in defensie onderstrepen, wordt in geen enkel verkiezingsprogramma aan de NAVO-norm voldaan.

De PVV geeft aan „fors extra geld voor defensie en politie” vrij te maken in de vorm van 2 miljard euro. De ChristenUnie en het CDA willen tevens dat er (veel) meer geld gaat naar Defensie; zij streven er in hun programma naar om dit budget in de richting van de NAVO-norm te krijgen. De SGP noemt een investering van 3 miljard en Voor Nederland (VNL) van Jan Roos wil ruim 5 miljard extra voor Defensie.

De huidige minister van Defensie, Jeanine Hennis-Plasschaert, stelde onlangs 2,5 miljard extra vrij te willen maken voor defensie. Haar eigen partij – de VVD – gaf echter, ondanks het motto ‘de behoeften van Defensie zijn leidend’, aan ‘maar’ 1 miljard te willen uittrekken.

Meer dan een prijskaartje?

Minister Hennis gaf haar Amerikaanse collega gelijk in de roep om een eerlijkere verdeling van de kosten en stelt dat de eis binnenkort wordt voorgelegd aan het kabinet. Toch vindt de minister van Defensie dat de NAVO meer is dan geld. „Ik heb tegen de heer Mattis gezegd dat het niet alleen over geld gaat, maar ook over het delen van risico’s en de paraatheid van je troepen. Als je alleen naar het geld kijkt, kun je weleens van een hele koude kermis thuiskomen”, aldus Hennis

Ook secretaris-generaal Jens Stoltenberg gaf aan dat Nederland op verschillende manieren bijdraagt aan de organisatie. Zo noemde hij de F-16’s in het Baltische luchtruim, de marinemissies en de Nederlandse troepen die naar Litouwen gaan. Hij stelde echter wel dat ondanks deze bijdragen, de Nederlandse defensie-uitgaven toch echt omhoog moeten.

Wil je op de hoogte blijven van de belangrijkste en leukste nieuwtjes?
Like ons dan even op Facebook. Dat is zo gepiept!