Mag ik dit zeggen? Ja, dit mag ik zeggen: het is warm! Heet. Snikheet. Bloedheet. Het terrein van Lowlands is veranderd in een woestijn. Het is vechten om een stukje schaduw. Het schijnt zelfs dat mensen in elkaars schaduw bijkomen. Of een van de minimale lhoeveelheid plekjes schaduw verkopen voor muntjes. De organisatie heeft inmiddels waterbakken neergezet, maar je flesje bijvullen kost je door alle drukte ongeveer net zoveel energie en vocht als wanneer je op dezelfde plek was blijven zitten. Een glas water bij de bar kost ondertussen nog steeds een muntje oftewel twee euro zestig. Een litertje water kost je bij de bar dus al gauw boven de tien euro. Dat gezegd te hebben, kunnen we het weer over muziek hebben. We gaan immers niet zitten klagen over het weer.

Sprookjes
Dag twee begint met de sprookjesverhalen van De Avonduren onder leiding van MC Kapabel in de knusse Lima-tent. De moderne troubadour komt uit Kyteman’s creatieve wereldje in Utrecht en maakt een combi van jazz, hiphop en Efteling-muziek. Met zijn rauwe stem vertelt hij vriendelijke sprookjes, al verpakt hij met diezelfde stem (en intonatie – heel belangrijk) ook een politieke en moralistische betogen. Kapabel beoefent een eeuwen oud beroep in een modern jasje en doet dat met charme. Zijn orkest, dezelfde als die van Kyteman, speelt ondertussen op het hoogste niveau van Nederland. Een fijne opener van de dag.

Onderweg naar de bar -hoe kan het ook anders- wordt de Grolsch opgevrolijkt met de Spaanse klanken van La Pegatina. Maar daar kan Mario u alles over vertellen, want hij stond ergens mee te hossen.

Watergevecht
Rond vier uur begint het roemruchte watergevecht naast de Alpha. De teller op Facebook beloofde tienduizend aanwezigen. Het resultaat is minder indrukwekkend dan gedacht. Niet alleen zijn er lang geen tienduizend man – dat bewijst maar weer dat de kracht van sociale media overschat wordt- ook ontbreekt het volledig aan spelregels. Pas zodra iemand begint met aftellen, gaat het los. Waterballonnen worden random alle kanten opgegooid en supermegauberwaterpistolen worden door flinke kerels leeggespoten op een ieder die om hen heen staat. Na vijf minuten is het voorbij. De reservoirs zijn leeg en bijvullen is, zoals eerder gezegd, een flinke klus. Er is echter één kemphaan die dé oplossing heeft: een vuilnis zak door de sloot trekken en vervolgens over een te bijdehand meisje leeg kieperen. 1-0 voor de vuilniszakkenman.

Dope D.O.D.
Tegen het einde van de middag is het tijd voor de shockrappers van Dope D.O.D. om de India op zijn kop te zetten. Horror en zonlicht gaan eigenlijk niet samen, maar voor nu moeten we het er maar even mee doen. De drie Groningers, ieder tweetalig opgevoed, brengen een mix van grommende bassen zoals we die van Noisa kennen en rauwe Engelse raps over de duistere kant van het leven. De beats, die voornamelijk door het broertje van Jay Reaper zijn gemaakt, klinken heerlijk diep. Het trekt en scheurt aan alle kanten. Ook de raps van het trio overtuigen, al blijft live-hiphop vaak moeilijk te verstaan. Toch wil het geheel niet helemaal overtuigen. De horroruiterlijks, de flessen drank die over het publiek worden leeg geslingerd, de grommende stijl van praten tussen de tracks door; het lijkt allemaal net even teveel een act. Zoals mijn buurman satirisch afvraagt: “Zal hij ook zo grommend tegen zijn moeder praten?” Gevolgd door een voorbeeld (hardop nazeggen met een horrorstem): “Give me that fucking bottle of milk, mam”.

Aftellen met Knife Party
De laatste uurtjes zonlicht verdwijnen tijdens het optreden van Knife Party – een zucht van verlichting. Het Australische duo, voormalig leden van drum ’n bass collectief Pendulum, geven een set weg die overloopt van de electro-house en dubstep. Het is stampvol in de Bravo en zelfs buiten de tent staat het aardig vol. Niet gek, de twee hebben met ‘Internet Friends’ een klapper van een hit in het dancewereldje. Zodra het nummer na een dik half uur wordt ingezet, gaat het tentdoek er dan ook figuurlijk af. Verder is het eigenlijk niet veel meer dan een aaneensluiting van climaxen vol schreeuwerige synths en weinig nuances. Skrillex doet hetzelfde trucje later nog in keer, maar dan in de nog grotere Alpha-tent, onder het kritische oog van collega Mario (zie het andere verhaal).

Hoogtepunt Lowlands tot nu toe is.....
Santigold! Zo, dat is gezegd. De koningin van coolheid laat zien nog steeds de tofste vrouw op aarde te zijn. De energie is fantastisch. Om een of andere bijzondere reden is alles uiterst dansbaar. Van het electro stapwerk tot dancehall en de meer rock tracks; het wil allemaal. Santi, haar echte naam, danst ondertussen op een ijzig charmante manier, terwijl een danseres aan elke zijde haar nog cooler laten lijken. Ik kreeg het er bijna koud van. Haar optreden is meer dan muziek alleen, het is een show zoals alleen Amerikanen dat kunnen. Inclusief verkleedpartijen, dansshows en voorgestudeerde dansjes. Het hoogtepunt van de show: tegen alle regels in het publiek het podium oproepen. Een glimlach op de gezichten van Lowlanders –stress en nog meer zweet bij de bewakers. Santigold is de Beyonce van de underground, een diva zonder grenzen.