Gisteren viel een recensie-exemplaar van de 224 pagina’s tellende biografie van Patricia Paay op mijn deurmat. Het boek waarover zoveel te doen is. Niet verwonderlijk, want La Paay presenteert zichzelf in deze gelijknamige biografie als een intense persoonlijkheid.

Het is een eerlijk boek geworden waarin de diva ook zichzelf niet spaart. Het beeld beklijft van een vrouw die volledig afgaat op haar (seksuele) instincten. Natuurlijk zoeken we direct de passage over Waylon op, de zanger die maanden achter haar aan zou hebben gezeten. Paay is lovend: “Het was een pittige nacht. Hij kon er wat van.” Ook aan haar ex-echtgenoot Adam Curry, aan wie zij een compleet hoofdstuk wijdt, bewaart zij warme herinneringen: “het was heerlijk om zoveel van iemand te kunnen houden.”

Maar dat is slechts de opmaat tot wat komen gaat, want La Paay spreekt openhartig, soms zelfs hard, over tal van BN’ers. Theo Maassen krijgt er vanzelfsprekend ongenadig hard van langs en ook de manier waarop ze haar escapade met mediamagnaat John de Mol beschrijft, na afloop van een optreden van The Star Sisters, liegt er niet om: “al na drie stoten kwam hij klaar, Willeke... Willeke... kreunend, ik vond dat zo raar.”

La Paay spit behoorlijk wat sappige feiten op. Toch zijn het niet zozeer haar bedgenoten die dit boek lezenswaardig maken. Vooral haar belevenissen in het Amsterdamse uitgaansleven spreken tot de verbeelding. Hoe zij ooit samen met EO-presentator Tijs van den Brink in een leather bar belandde (“wat eenieder al dacht bleek waar”). Of hoe zij, na afloop van een feest in het Hilton, in ruil voor een gratis borstcorrectie, een gepensioneerde plastisch chirurg aan haar dochter koppelde (“dat heeft echt niets met ranzigheid te maken”).

Gelukkig benoemt Paay ook de affaires waarvoor ze zich wél schaamt. Haar tongzoen met een dronken Daphne Deckers (“ik liet haar achter in de plantenbak”), een schimmelinfectie aan haar genitaliën (“ik dacht: oh Patries, dit is wel heel erg”), en haar handeltje, medio 2008, in hairextensions uit China, vervaardigd van het gebleekte haar van terdoodveroordeelden (“prachtige volle lokken, maar ik had het niet moeten doen”). Die eerlijkheid dwingt respect af.

La Paay leest als een roman. De diva benoemt haar zonden, windt er geen doekjes om, en geeft niemand behalve zichzelf de schuld. Tevens toont zij zich een scherp observator. Al met al een pageturner over een meer dan kleurrijke vrouw die de Nederlandse showbizz voorgoed veranderde. Vijf sterren!