We hebben in Amsterdam goed opgeleide vakmensen nodig die dingen kunnen maken. Mensen met een technische achtergrond. Aan deze vakmensen is een groot tekort. En toch kiezen steeds minder jongeren voor een technische opleiding. Terwijl Amsterdam veel uitdagend werk heeft waarin techniek onmisbaar is. Denk aan de handel, installatiewerk en de bouw. Ook de creatieve industrie kan niet draaien zonder goed opgeleide vakmensen. Technische specialisten - van vmbo tot universitair geschoold - zijn nu en in de toekomst hard nodig. In heel Nederland, maar zeker ook in Amsterdam.

In het hele land daalt het aantal leerlingen dat voor techniek kiest. In Amsterdam is het aantal vmbo’ers dat in de derde en de vierde klas een technische richting volgt in tien jaar tijd gehalveerd. Momenteel is er sprake van een tekort van ruim duizend leerlingen op vmbo en mbo-niveau ten opzichte van de vraag op de arbeidsmarkt. Dit tekort wordt groter als er niets gebeurt. Aan de andere kant stijgt de jeugdwerkloosheid en weten we dat als jongeren te lang zonder werk zitten hun kansen enorm dalen.

Als we willen dat Amsterdamse jongeren weer met volle overtuiging kiezen voor vakmanschap, dan stelt dat eisen aan het beroepsonderwijs in de stad. We hebben in Amsterdam al redelijk goede vmbo-, mbo- en hbo-opleidingen, maar het kan nog beter. De huidige opleidingen sluiten onvoldoende aan op de beroepspraktijk, waardoor jongeren na hun opleiding geen goede positie hebben op de arbeidsmarkt. In Amsterdam hebben we afgesproken dat scholen meer gaan samenwerken met het bedrijfsleven. Een aansprekend voorbeeld is de onlangs geopende JeansSchool, waar jonge mensen worden opgeleid tot specialist in spijkerbroeken. Het opleidingsprogramma is samen met de jeansindustrie opgezet, studenten krijgen gastlessen van jeansspecialisten, lopen stages en brengen werkbezoeken aan relevante bedrijven. Op deze manier leren studenten de kneepjes van het jeansvak. “Van grond tot kont”, zeggen ze op de Jeansschool.