Even voor de duidelijkheid. Wat doet een klinisch chemicus precies?
Een klinisch chemicus onder­zoekt lichaamseigen vochten, waaronder bloed, buikvocht, ontlasting of sperma. Als een arts de urine van zijn patiënt wil onderzoeken, schakelt hij een klinisch chemicus in. Die onderzoekt het op eventuele ziekten of afwijkingen.

Is het niet heel vies om naar de urine van een ander te kijken?
(Lachend:) Nee, dat valt reuze mee. De stoffen die erg sterk ruiken, zoals urine, worden onderzocht in een speciale zuurkast. Daar zit een grote glazen ruit voor en in die ruimte hangt een afzuigkap. Je ruikt er dus nauwelijks iets van.

De gemiddelde mens ziet niets bijzonders aan zijn plas. Wat komt u allemaal tegen als u urine onder uw microscoop heeft liggen?
Dat ligt eraan. Als ik rode bloedcellen zie, kan ie­mand iets aan zijn blaas of nieren hebben. Maar er zit zelfs verschil in het type bloedcel. Sommigen hebben een rare vorm met bolletjes, die lijken een beetje op de oren
Mickey Mouse. Als ik die bloed­cellen zie, weet ik dat er iets mis is met de nieren.

Waarom bent u klinisch chemicus geworden?
Toen ik biologie studeerde, kwam ik erachter dat ik graag wil weten hoe alles in elkaar zit. Ik ben erg geïnteresseerd in cellulaire processen, daarom koos ik voor de richting biochemie. Het was voor mij interessanter dan geneeskunde, want als arts help je patiënten vaak op een directe manier door een diagnose te stellen. Ik wil juist de herkomst van een bepaalde kwaal achterhalen.

Wat is het meest bijzondere aan uw werk?
Ik ben vooral blij als ik dingen ontdek waar een arts nog niet aan gedacht heeft. Een tijdje terug onderzocht ik het bloed van een dame die bij de cardio­loog was geweest. Die laatste had nog geen idee wat de vrouw kon mankeren. Tijdens onderzoek kwam ik erachter dat ze een traag werkende schildklier had, daar kunnen hartklachten uit voortkomen. Die vrouw kon naderhand geholpen worden op een andere afdeling. Zulke momenten geven me echt vol­doening.

Is het niet saai, de hele dag aan het werk in een laboratorium?
Mijn werk is juist heel dyna­misch. Onze afdeling zit in dit geval in het ziekenhuis, dus ook wij krijgen te maken met spoedgevallen zoals ernstige zwanger­schapsaandoeningen. Mijn collega’s en ik hebben wel eens met spoed 25 zakken bloed in korte tijd moeten brengen voor een bloedtransfusie, bij die patiënt gutste het er letterlijk uit. Ja, dat was wel heftig. Het is geweldig als je kunt helpen iemands leven te redden. Eentonig is het dus zeker niet. Never a dull moment!